Nederlands korps is na de Tweede Wereldoorlog al gezuiverd, meent voorzitter; Politiebond betuigt geen spijt over deportaties

De Nederlandse Politiebond (NPB) zal de joodse gemeenschap geen excuses maken voor de betrokkenheid van agenten bij de deportatie van joden tijdens de Tweede Wereldoorlog....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Van Duijn reageert op een oproep van oud-journalist H. Knoop, die had gevraagd om een 'moedig gebaar' van de NPB. In Frankrijk maakte de zusterorganisatie van de bond anderhalve maand geleden excuses voor de rol die gendarmes in de oorlog hadden gespeeld.

Volgens Van Duijn liggen spijtbetuigingen 'niet op de weg' van de bond. Hij wijst erop dat na de oorlog in Nederland ook binnen de politie zuiveringen zijn gehouden, in tegenstelling tot Frankrijk. De situaties in beide landen zijn niet te vergelijken, meent de voorzitter. 'Dat laat onverlet dat wij het meer dan betreuren dat er tijdens de bezetting dienders zijn geweest die zich in dienst hebben gesteld van de bezetter.'

Knoop noemt de reactie van de bond op zijn oproep 'de slechtst denkbare keuze'. 'De smet die op het politie-uniform rust, blijft er dus op.'

Het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap geeft nog geen reactie op de weigering van Van Duijn. De kwestie is niet aan de orde geweest in het bestuur. Secretaris J. Sanders wil op persoonlijke titel wel kwijt dat hij niet veel behoefte heeft aan excuses van de NPB.

'Ik kan me wel meer organisaties voorstellen die op een of andere wijze betrokken waren bij deportatie, de spoorwegen bijvoorbeeld. Maar excuses hebben alleen zin in combinatie met het uitspreken van de hoop het in de toekomst beter te doen. Maar daar is hier natuurlijk geen sprake van: we zijn twee generaties verder.'

Binnen de politiekorpsen, zeker die in Amsterdam en Den Haag, was de weerstand tegen het uit huis halen van joden gering, zegt onderzoeker dr. J. Houwink ten Cate van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (RIOD). Slechts een enkeling verzette zich. Op het uiten van bezwaren volgde dikwijls indeling bij arrestatieteams. 'Iemand die ook zijn handen had vuilgemaakt, hield voortaan wel zijn mond, was de filosofie', aldus Houwink ten Cate.

Velen vonden het onaangenaam werk, beklemtoont hij, maar ze zwichtten vaak voor een verleiding: de mogelijkheden tot diefstal van goederen van de joden waren groot. In de archieven is terug te vinden dat de Duitse bezetters zich daarover herhaaldelijk beklaagden. Andere motieven om mee te werken waren de angst om een baan te verliezen, en de strenge tucht onder de Duitse politieleiding.

De onderzoeker wijst erop dat deportatie voor de meeste politiemensen geen dagtaak vormde. Alleen in de tweede helft van 1942, toen steeds minder joden zich vrijwillig meldden, en bij drie grote razzia's in Amsterdam in de zomer van 1943, was sprake van grote betrokkenheid.

Slechts één onderdeel was gespecialiseerd in het ophalen van joden. In 1942 werd een paramilitair bataljon in het leven geroepen, dat, uitgerust met staalhelmen en karabijnen, in korte tijd een beruchte reputatie opbouwde. Volgens Houwink ten Cate bestonden deze 'Schalkhaarders' uit 'nationaal-socialistische carrière-antisemieten'. In 1941 was 'een beperkte groep' binnen het bureau inlichtingendienst verantwoordelijk voor arrestaties van joden die zich tegen Duitse bepalingen verzetten.

Buiten de grote steden was de politie minder actief. Houwink ten Cate: 'De sfeer rond deportaties was er anders. Dikwijls kwamen de joden zelf opdagen. Vooral ouderen zagen erg op tegen onderduiken.' Een oproep van de kerken, op 21 februari 1943, aan gelovige ambtenaren om zich bij deportaties afzijdig te houden, kreeg weerklank bij korpsen in Utrecht, Enschede, Leiden, Assen, Grootegast en Nunspeet. Een beperkt aantal agenten belandde uiteindelijk in het concentratiekamp Dachau.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden