Nederlands kampioen zonder jetlag

Net terug van drie weken olympisch Salt Lake City en als altijd met een hevige jetlag het vliegtuig uitgetuimeld. Ik stapte in Utah nog fris het toestel in, waarin ook de Nederlandse olympische ploeg had plaatsgenomen....

Topsport is hard. Minder succesvolle sporters, maar ook media en allerhande ander volk moesten genoegen nemen met gewone zitplaatsen achterin. Enkele rijen voor ons was Gianni Romme neergestreken. De zilveren medaillewinnaar had wat meer beenruimte, want hij zat nabij een nooduitgang.

Niet dat de stayer er gebruik van maakte. We hebben hem alleen maar zien hangen, tegen het wandje van het vliegtuigkeukentje. Terwijl in de krapbemeten rij van ondergetekende de jetstress toesloeg (`Kunnen ze geen lachgas het toestel in spuiten, gaan we slapen', zuchtte een collega), bleef Romme grappen maken met iedereen die langs schuifelde.

Op een of andere manier hakt een west-oostreis er altijd meer in, dan een die richting oost-west gaat. Met de dag mee: minder jetlag; de andere kant op: meer ongemak.

Sommige mensen worden van elke lange luchtreis echt - fysiek - ziek, ze zijn dagen van de kaart. Hun lichamen hebben het tijdsverschil niet kunnen bijbenen. Weer anderen hebben nergens last van. Neem Romme. Nacht niet geslapen, biologische klok verzet, maar toch werd hij vlak na de lange vlucht Nederlands kampioen schaatsen. (De ene sportman is de andere niet: Rintje Ritsma haakte tijdens dat NK af vanwege de gevolgen van, jawel jetlag.)

In tijden dat topsporters de gehele wereld afreizen op weg naar wedstrijden, is er nog steeds weinig bekend over jetlag. Je zult maar tot op het bot afgetraind naar een verre wedstrijdbestemming reizen en slachtoffer worden van de 'scheurbuik der luchtvaart' (H.J.A Hofland). Dag hoge klassering.

Voorafgaande aan de verre Spelen van Sydney van 2000 wijdde NOCNSF daarom menig onderzoek aan het onderwerp. Daaruit werd onder meer duidelijk dat atleten, die naar het oosten reizen, op de derde dag na aankomst steevast een 'slechte dag' beleven. Pas op de vierde dag na aankomst kan een Europese sporter weer behoorlijk in Australië presteren.

Je kunt er iets tegen doen, maar of het helpt is verre van zeker. Sommige sporters dwepen met lichttherapieën en melatonine, het slaaphormoon dat sinds de jaren negentig ook in synthetische vorm bestaat. Veel teamartsen schrijven het middel, dat in Nederland niet vrij verkrijgbaar is, voor.

Ooit, richting olympisch Sydney, heb ik ook melatonine geprobeerd. De stewardess verkocht het. Een collega naast mij was meteen onder zeil, hij ontwaakte pas bij de landing in Singapore. Ik heb in diezelfde tijd drie - slechte - films gezien.

Luchtvaartmaatschappijen verstrekken allerlei tips die de gevolgen van jetlag (zouden kunnen) verminderen. Schoenen uit, geen koffie en alcohol, eet alleen lichtverteerbare maaltijden, drink veel water, doe strekoefeningen, maak af en toe eens een rondje door het vliegtuig.

Ander advies: probeer het ritme een aantal dagen voor vertrek al te verleggen richting dat van het land van bestemming. Ik sprak ooit een triatleet die vanaf tien dagen voor vertrek naar Australië elke dag een uur vroeger naar bed ging. Of het geholpen heeft, weet ik niet, in Sydney bakte hij er overigens niet veel van.

Eén troost: de komende twee Olympische Spelen, die van Athene en Turijn, zijn lekker dichtbij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden