Nederlanders zijn prima mensen, maar ook gewoon verwend

Drie jaar doorkruiste Toine Heijmans het land voor zijn columns over normale Nederlanders. Morgen verschijnt de bundel Nederland ligt er prima bij. Hoe kwam hij tot die conclusie?

De Lada van de ouders van Toine Heijmans in 1976.

Nederland is de villawijk van de wereld, en net als in andere villawijken zien de bewoners het anders. Want het huis hiernaast is net iets groter. De buurman van daarachter verdient net iets meer. En die daarnaast verdient helemaal niets en spreekt niet eens de taal en heeft een raar geloof. Het is goed of het deugt niet, het einde is aanstonds van het land zoals we het kennen, de hemel komt naar beneden en de gemeente doet weer eens niets.

Nederlanders zijn prima mensen, maar ze hebben wel moeite met tevreden zijn. Het is, geloof ik, geen kwade wil of woede of onbegrip, zoals sommige politici denken. We zijn ook gewoon verwend.

Bijna drie jaar nu doorkruis ik Nederland en schrijf er columns over voor de Volkskrant. Mijn auto rijdt over wegen van zwart fluweel - pas na de Belgische grens vallen er gaten in de weg. Het land is een park. Niets groeit hier zonder uitbundige discussie vooraf, tijdens en achteraf. Alles heeft ten minste één vergunning. De weilanden staan strak van het turbogras, dat met sensoren en algoritmes wordt bijgehouden - ook in de winter blijven het biljartlakens. Jonge mensen gaan in Nederland gratis naar school, en oude mensen krijgen geld om van te leven. Hondenmensen rapen hondenpoep van de straat en stoppen het in geparfumeerde hondenpoepzakjes. Probeer een bouwval te vinden in Nederland - ik ken er één. Een echte bouwval bedoel ik, met bomen die door het dak groeien, zoals je ze ziet in Amerika.

Ik rijd door het land en stel lastige vragen en de meeste Nederlanders laten me binnen, schenken eerst koffie en geven dan vriendelijk antwoord. Dat is ook welvaart.

Strikt genomen is Nederland een klein land, maar je kunt er in drie jaar meer dan honderdduizend kilometer rijden en nog steeds versteld staan van de verschillen. Van mijn huis in Amsterdam naar Enschede is het anderhalf uur en onderweg trekken spectaculaire landschappen voorbij. Het water. De bossen. De zandvlaktes. De rivieren. Alsof de voorruit van mijn auto een ouderwetse View-Master is: klak heideveld klak twaalfbaans asfalt klak poldersloten klak ringweg klak heuvelland klak kantorenland.

Zoek de normale Nederlander

Drie jaar nu reist Toine Heijmans door Nederland en schrijft er reportagecolumns over, afwisselend met Margriet Oostveen en Ariejan Korteweg. Elke werkdag staan hun stukken in de Volkskrant. Het zijn persoonlijke portretten van een bijzonder land. Ze komen overal en praten met iedereen: in binnensteden en buitenwijken, bij grote en kleine kwesties, maar altijd met oog voor wat politici inmiddels 'de normale Nederlander' noemen. Morgen verschijnt de bundel van de columns: Nederland ligt er prima bij.

Kentekens

Met de Nederlanders hetzelfde. Ik geloof niet dat ergens op de wereld zo'n gecomprimeerd land bestaat, waar je na elk halfuur rijden in een nieuw dialect met bijbehorende belangen verzeilt. Al die mensen hebben verhalen. En die schrijf ik op.

Samen vormen de columns een View-Master. Het zijn mijn foto's van Nederland, onderweg gemaakt.

Van kinds af heb ik een fascinatie voor kentekens, geen idee waarom, maar ik weet precies bij welk bouwjaar ze horen. Ik weet dus ook precies welke auto's de nieuwste zijn. Op het moment dat ik dit schrijf, in een wegrestaurant in Barneveld, beginnen de nieuwste kentekens met de letters PZ.

Mijn nieuwe auto - voor het eerst een echte nieuwe auto! - hield het drie dagen vol om nieuw te zijn. Mijn kenteken begint met de letters PB en ik was een koning in een gouden koets, zo machtig en fris voelde het om ermee door Nederland te toeren. Maar al snel werd ik ingehaald door nieuwere kentekens, geschroefd op auto's die vaak het driedubbele kosten. Audi's en Volvo's met strenge lijnen en slangenogen, Tesla's, BMW's. Daar is allemaal geld en ruimte voor.

Auto's zijn belangrijk voor de Nederlander. Elke nieuwe auto, of de zo goed als nieuwe tweedehandse, voorzien van alle opties en van een aantrekkelijke korting, is een overwinning op vroeger. Een stap vooruit. Nederland heeft zeventien miljoen inwoners en negen miljoen auto's. We rijden bijna één op twee. In mijn geboortejaar, 1969, waren het er tweeënhalf miljoen. Mijn ouders waren koning en koningin in hun roestige eend-bestel, nu staat er een Citroën met airco op de oprit van hun bijna afbetaalde koophuis.

PD, PG, PS, PZ - zo hoort dat in een villawijk. Vooruitgang went. Waar luxe is, is uitzicht op nog meer luxe.

Voordat ik moet vertellen dat er ook nare dingen gebeuren in Nederland, dat er lelijke plekken zijn, schuldige landschappen, mensen die het niet redden, dat er sprake is van schandalen, problemen, geldzorgen, radicalisme, ziektes, een kloof, voedselbanken, corrupte ambtenaren, struikelende politici, armoedige bankiers, callcenters, barre bureaucratie, veelverdieners, lijdzaamheid, persoonlijke ellende, persvoorlichters, een eigen risico en desinteresse in de ander eerst dit: mijn ouders kochten elke zaterdag een fles sinas. Het was hun traktatie voor het weekend. Mijn vader had een betrekking als gemeenteambtenaar, mijn moeder was verpleegster, - totdat ze zwanger was en werd ontslagen. Dat ging toen zo. Nu niet meer. Ze betaalden hun boodschappen van wat ze 'huishoudgeld' noemden, spaarden kwartjes voor de kermis en guldens voor de studie van hun kinderen, maakten zich los van de kerk en de dwingelandij van een verzuilde generatie en kochten een premie A-huis. Uiteindelijk kochten ze ook, na lange avonden overleggen, een nieuwe, mosterdgele Lada.

Columns van de straat

HN-43-GD.

'Hartstikke nieuw, godverdomme!', riep mijn vader blij.

De welvaart en de vrijheid die mijn ouders ten deel viel, viel Nederland ten deel. Dit is wat drie jaar rondrijden me heeft geleerd: Nederland ligt er prima bij. Al is er altijd een gegronde reden om te klagen.

Goed. Hoe het werkt. Ik rij door Nederland met mijn PB-kenteken en kijk om me heen en praat met mensen en maak notities in een zwart notitieboekje. Het enige wat van me wordt gevraagd, is twee keer per week een column schrijven. 750 woorden, naar eigen believen in te vullen. Het zijn columns van de straat: ze moeten ergens vandaan komen, van mensen en gebeurtenissen. Het kunnen grote zaken zijn of kleine. Soms zoek ik het nieuws op, vaak ontwijk ik het, maar altijd probeer ik weg te blijven uit de mediastroom die, net als een bergbeek, vaak maar één kant op gaat, en dan weer verdwijnt onder de grond.

'Gewone mensen'

Mijn radar staat altijd aan, op zoek naar onderwerpen. Ik lees - alle kranten staan op mijn telefoon - ik luister onderweg radio, struin door het moeras van de sociale media en stuur mezelf zodra het nodig is e-mails met onderwerpen, invallen, eerste en laatste zinnen. Vaak maak ik van tevoren een afspraak met mensen die me interessant lijken. Vaak rijd ik op de bonnefooi naar een plek waar iets gebeurt.-Overal gebeurt wel iets en zelden wijst iemand me de deur.

Waarom ik de ene gebeurtenis belangrijk vind en de andere niet, de ene plek geschikt en de andere ongeschikt, het is vooral gevoel. Soms wil ik alleen maar even naar Mark Rutte kijken, buiten zijn Haagse reservaat. Dan weer verlies ik me in een dorpsrel over het kandelaberen van bomen. Alles wat gebeurt vertelt iets over Nederland, de grote en de kleine dingen. Vooral de kleine. Meestal gebeurt het op plekken waar je gemakkelijk aan voorbijloopt. Bij mensen waarvan gezegd wordt dat het 'gewone mensen' zijn, of 'normale mensen', een term die nu in zwang is bij politici en bestuurders die het zelf ook niet meer weten.

Dit is wel een probleem in Nederland: politici en bestuurders die in hun eigen luchtbel leven, zich afzonderen van de werkelijkheid omdat die te complex is. Die alleen nog met elkaar overleggen en vervolgens hun communicatiemensen opdracht geven 'het beeld neer te zetten'. Het beeld als doel: het moet de zaken begrijpelijk houden, ook voor de politici en bestuurders zelf. Het leidt tot symboolpolitiek en tot iets wat ik vaak onderweg tegenkom: gemankeerde taal.

Met woorden is te marchanderen; ze versluieren en bedekken en vullen rapporten en regeerakkoorden, maar sijpelen ook de kranten binnen en de straattaal, alsof duidelijk is wat iedereen ermee bedoelt. Plastic woorden die vooral onzuiver zijn, waarvoor geen duidelijke definitie bestaat, maar die Nederlanders op alle niveaus gebruiken: van wijkverpleegkundige tot gemeenteraadslid, van leraar tot gedeputeerde. Mark Rutte is niet voor niets zo lang premier. Hij is een geweldige jongleur met woorden.

'Burgerschap.' 'Zelfredzaamheid.' 'Participatiesamenleving.' 'De gewone Nederlander.' Ze gummen de nuance uit.

Er zijn geen normale of gewone Nederlanders. Er zijn wel mensen die over het hoofd worden gezien omdat ze gewoon hun leven leiden. Hun verhalen zijn belangrijk, en die wil ik vertellen. In een tijd van spektakel en vage grote woorden loont het de andere kant op te kijken. Naar het hart van Nederland. Naar de mensen die het lastig hebben, ook al leven ze in een villawijk. Die ondanks alles ook gewoon maar mensen zijn.

Soms wachten ze me gespannen op, met koffie en een multomap gevuld met ambtelijke brieven, klaar voor hun college van twee uur over wat ze is overkomen. Soms denken ze dat ik een krantenabonnement kom verkopen. Vaak is er verbazing over wat de krant hier helemaal komt doen, zo ver weg van Amsterdam. Dan ben ik drie kwartier onderweg geweest en kennelijk in een ander land terechtgekomen.

En altijd rijd ik opgeruimd terug naar huis.

Dit is een voorpublicatie uit Toine Heijmans' Nederland ligt er prima bij. Atlas Contact; 228 pagina's; euro 19,99.

De Marker Wadden: eilanden door de mens in het water gebouwd, enkel om de natuur te helpen. Toine Heijmans ging in zijn zeilboot het Markermeer op om te kijken hoe dat heeft uitgepakt. Want natuur is prima, maar wel graag zoals de mens het ziet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden