Nederlanders bezorgd over 'nepnieuws' - een op drie weet vaak niet meer wat waar is en wat onwaar

De Volkskrant deed onderzoek naar desinformatie op internet

Nederlanders maken zich ernstig zorgen over 'nepnieuws'. Dat blijkt uit een onderzoek naar de invloed van desinformatie op het maatschappelijk debat, uitgevoerd in opdracht van de Volkskrant.

Beeld bas van der schot

De verspreiding van desinformatie en de maatschappelijke discussie over nepnieuws leidt bij veel Nederlanders tot verwarring. Ze weten niet goed welk bericht ze moeten geloven, zijn onzeker over de pers en noemen desinformatie een bedreiging voor de democratie.

Dat blijkt uit representatief onderzoek van I&O Research in opdracht van de Volkskrant naar de invloed van desinformatie op het maatschappelijk debat. Een op de drie Nederlanders zegt 'tegenwoordig vaak niet meer te weten wat waar is en wat onwaar' en slechts 29 procent zegt volmondig 'echt nieuws van nepnieuws te kunnen onderscheiden'.

Vooral lageropgeleiden (40 procent) zeggen vaak niet meer te weten wat waar en onwaar is. Onder hogeropgeleiden is dat 23 procent. Slechts 19 procent van de lageropgeleiden is ervan overtuigd nepnieuws te kunnen herkennen, tegenover 41 procent van de hogeropgeleiden. Naarmate men ouder is, weet men vaker niet meer wat waar is en wat onwaar.

Eerder deze week kondigde minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken een anti-nepnieuwspact aan om de politieke beïnvloeding door de verspreiding van desinformatie te kunnen bestrijden. Afgelopen november waarschuwde de minister voor de dreiging van desinformatie voor de democratie, waarbij zij vooral op de beïnvloeding uit Rusland wees. Ollongren gaf één voorbeeld van een gefingeerde website in Rusland die desinformatie over MH17 bevatte, maar vertelde niet hoe die politieke beïnvloeding werkt en hoe groot de impact ervan is op het maatschappelijk debat.

De Volkskrant wilde weten hoe nieuwsconsumenten hier zelf tegenaan kijken. I&O Research heeft afgelopen maand ruim 2.400 Nederlanders bevraagd over hun mediagebruik, de betrouwbaarheid van bronnen, over nieuwsonderwerpen en over desinformatie.

Beeld Volkskrant

Nederlanders blijken zich ernstig zorgen te maken over 'nepnieuws'. Liefst 82 procent noemt dit een bedreiging voor het functioneren van onze democratie en rechtsstaat. Tweederde van de Nederlanders is het met minister Ollongren eens dat de Russen met nepnieuws de democratische rechtsgang rond de toedracht van het neerhalen van MH17 proberen te beïnvloeden. Daar staat tegenover dat een op de vijf Nederlanders denkt dat de Nederlandse regering meewerkt aan een doofpot over MH17. Vooral kiezers van PVV en FvD, respectievelijk 51 en 45 procent, geloven hierin. Onder de kiezers van VVD, GroenLinks, CDA, D66 en PvdA variëren de percentages van 6 tot 10 procent.

De meeste nieuwsconsumenten zijn zich ervan bewust dat niet alles wat ze horen en lezen is wat het lijkt, licht Peter Kanne van I&O Research toe. Een ruime meerderheid van de doorsnee nieuwsconsument neemt naar eigen zeggen nieuws van Facebook (71 procent) en GeenStijl (68procent) met een korreltje zout. Het omgekeerde geldt voor het NOS Journaal, NRC Handelsblad en de Volkskrant, maar ook hier neemt ongeveer eentiende de berichtgeving niet letterlijk voor waar aan. Een meerderheid gelooft de traditionele Nederlandse kranten over het algemeen (62 procent wel, 9 procent niet). Een kwart van alle Nederlanders vindt 'kranten als NRC, Volkskrant of Trouw te politiek correct'.

Liefst 44 procent van de Nederlanders denkt dat de traditionele media niet alle negatieve verhalen over asielzoekers (zoals seksueel geweld, overtredingen) melden. Vooral kiezers die stemden op PVV, FvD, SGP of 50 Plus wantrouwen de traditionele media op dit punt. GroenLinks en D66 hebben het meeste vertrouwen.

Beeld Rhonald Blommestijn

Ook hier tekent de opleidingskloof zich af. Lageropgeleiden zijn minder overtuigd (54 procent) dan hogeropgeleiden (72 procent) van de geloofwaardigheid van traditionele media.

'Wat opvalt is dat Nederlanders aan bijna alles twijfelen of het op zijn minst met een korreltje zout nemen', zegt Kanne. 'Niet alleen vinden ze het lastig het nieuws dat ze voorgeschoteld krijgen op waarheid te beoordelen, een substantieel deel is ook sceptisch richting de traditionele media, de regering of een autoriteit als het RIVM.'

Een aanzienlijke groep Nederlanders - 31 procent - is er niet zeker van dat 'vaccinaties veilig zijn en geen schadelijke bijeffecten hebben'. Kiezers van SGP (49), PvdD (41) en FvD (32) uiten hierover de meeste twijfels.


Wie weet nog wat er waar is?

Desinformatie, complottheorieën, fake news: wat doen die om zich heen grijpende verschijnselen met het maatschappelijke debat? We spraken met zeven Volkskrantlezers over hun everaringen met nepnieuws en onderzochten wat desinformatie betekent voor de toekomst. U leest dit alles in deze uitgebreide special.

Elke dag opnieuw klotst het nepnieuws over internet. Wetenschapsredacteur Maarten Keulemans bespreekt in deze video een aantal voorbeelden van haatpropaganda.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.