Nederland zet voor vis de deur op een kier

Wat aan vis in het IJsselmeer zit, houdt niet over. Maar daaraan gaat iets veranderen.

Vispassage: Doorgang langs een anderszins ondoordringbare barrière, bedoeld voor vissen.

In een zwiepende najaarsstorm, op de Lorentzsluizen bij Kornwerderzand, met schuimkoppen op de golven, leggen Bauke de Witte en Marianne Greijdanus van Rijkswaterstaat uit dat de Afsluitdijk zijn naam iets te veel eer aan doet. 'Vissen bereiken vanuit zee nauwelijks het IJsselmeer. Vanaf februari liggen ze met zijn tienduizenden tevergeefs voor de sluizen te wachten. Daaronder glasaaltjes, die zesduizend kilometer hebben gezwommen om in het IJsselmeer volwassen te worden.'


Dan draaien we ons om en kijken naar het IJsselmeer. 'Wat daar aan vis zit, houdt niet over', wijst De Witte. Er zit hoofdzakelijk pos - een baarsachtige die door aalscholvers wordt gegeten. Terwijl het visbestand in het IJsselmeer volgens de Europese waterrichtlijnen eigenlijk groter en vooral veel diverser moet worden.


Ook verderop in het IJsselmeer is het vaak onmogelijk voor vissen om paaiplaatsen te bereiken. Zalmen in de Waddenzee, die naar zoetwater smachten, willen via het IJsselmeer en de IJssel naar de Rijn, om zich stroomopwaarts voort te planten. Duitsland bouwt daartoe veel visvriendelijke passages. 'Maar het is weinig effectief als hier de voordeur dicht blijft', zegt Greijdanus. Eerder onderzoek liet al zien dat van de honderd passages door dijken, sluizen en gemalen in het IJsselmeergebied er slechts drie visvriendelijk zijn.


Dus is Rijkswaterstaat samen met de omliggende waterschappen begonnen om van de harde dijk een minder onneembare barrière te maken. Het openzetten van de sluizen is de eenvoudigste en goedkoopste maatregel. 'Als er geen scheepvaart is, kunnen we de schutsluizen openen om de vissen binnen te laten', zegt De Witte.


De vissen hunkeren ook voor de twee, veel grotere sluiskokers op Kornwerderzand aan de Friese kant en Den Oever aan de Noord-Hollandse zijde. Daar wordt tweemaal per dag IJsselmeerwater op de Waddenzee gespuid. Sterke zwemmers als zalm en zeeforel komen met een beetje geluk nog wel tegen deze enorme spuiwaterstroom in gezwommen. Maar zwakke zwemmers als glasaal, spiering en stekelbaars lukt dat niet. En dat niet alleen: omgekeerd belandt ook een massa zoetwatervis in de Waddenzee. 'Pos, snoekbaars, blankvoorn en brasem vormen direct voer voor meeuwen en krabben', zegt Bauke de Witte.


Als tweede maatregel gaat Rijkswaterstaat daarom in 2014 bij wijze van proef deze spuisluizen iets eerder openzetten, om slome zwemmers meer kans te geven. Bij vloed staat de Waddenzee immers hoger dan het IJsselmeer: dan komen de glasaaltjes gemakkelijker binnen.


Er is alleen wel een extra maatregel nodig: er mag niet te veel zout Waddenwater in het IJsselmeer stromen, zegt Marianne Greijdanus. 'Het IJsselmeer is onze nationale regenton. Twee miljoen mensen zijn ervan afhankelijk voor drinkwater. En we hebben zoet water nodig om de verzilting van de rivieren te bestrijden.'


Een afvoerbuis door de Afsluitdijk moet de oplossing bieden. Bij eb staat het water in het IJsselmeer hoger, en het achter de sluis verzamelde zoute water moet via de buis terugstromen naar de Waddenzee. 'We gaan een zoutwaterafvoer met een hevel maken', zegt Timo Worm van ingenieursbureau Witteveen+Bos, die samen met aannemer Van den Herik en FishFlow Innovations de opdracht verwierf.


Aan de Noord-Hollandse kant, bij Den Oever, werkt dit consortium bovendien aan een andere constructie om de zwakke zwemmers uit de Waddenzee te lokken: een bak met zoet water in het IJsselmeer. 'En wel zo dat het peil daar altijd hoger is dan in de Waddenzee. Daardoor stroomt constant zoet water zachtjes naar de Waddenzee. Glasaaltjes en stekelbaarsjes worden verleid hier tegenin te zwemmen', legt Worm uit. Eenmaal in de bak in het IJsselmeer beland, kunnen de visjes via een onderin de bak aangebracht 'kattenluikje' wegzwemmen.


In april begint de bouw van deze vispassage en van de zoutwaterafvoersystemen. Samen met het visvriendelijke sluisbeheer zullen zo duizenden vissen per uur - van sterke zalmen tot en met nietige stekelbaarsjes - het IJsselmeer moeten bereiken, is de verwachting.


Maar het spectaculairst is misschien nog wel het derde plan om de migratie van vissen door de Afsluitdijk te herstellen. De provincies Noord-Holland en Friesland en drie gemeenten werken namelijk aan het plan voor een kilometers lange, kronkelende 'rivier', die met een koker dwars door de Afsluitdijk gaat lopen. 'Zo creëren we een geleidelijke overgang tussen de zoute Waddenzee en het zoete IJsselmeer', zegt projectleider Meinard Bos van de dienst Landelijk Gebied. Hij werkt het naar schatting vijftig à zestig miljoen euro kostende plan momenteel uit.


Net als bij de vispassage is het achterliggende idee dat het zoete water dat bij eb uit het IJsselmeer stroomt zelfs de zwakste zwemmers gelegenheid biedt om onder de dijk door tegen de stroom in te zwemmen. 'In de meanderende brakwaterzone is alle tijd voor uitrusten en acclimatiseren', denkt Bos. Na zes uur wordt het vloed en dan komt het lichtere spul als botlarven uit de Waddenzee binnendrijven.


Zo stuwt de getijdebeweging voortdurend water met vissen onder de dijk door. Bovendien kunnen de beheerders de rivier dichtdraaien bij de Afsluitdijk, om te voorkomen dat te veel zout water in het IJsselmeer belandt. 'Ook bij springtij of een superstorm kunnen we de rivier aan beide zijden sluiten', zegt Bos. 'De vis moet dan maar even wachten. Veiligheid en zoetwatervoorziening gaan voor alles.'


Het plan voor deze vismigratierivier moet in het najaar van 2014 klaar zijn. Want in 2015 ondergaat de Afsluitdijk, de grand old lady (bouwjaar 1932) van de Zuiderzeewerken, een hoognodige facelift, waarbij de vismigratierivier wordt meegenomen.


Visser Simon Wigbaut kan niet wachten. 'Mijn vader ziet de palingstand al vanaf de jaren vijftig teruglopen. Vooral met die rivier door de Afsluitdijk kan glasaal straks continu het IJsselmeer op. Hopelijk trekt de palingstand daarna aan en mag mijn zoon weer volop paling vangen.'


PALING: BESCHERMD

Behalve harde barrières als de Afsluitdijk en de Haringvlietdam veroorzaken overbevissing, stroperij en giftige stoffen de dramatische achteruitgang van de paling. De vis geldt in Nederland als een beschermde inheemse soort. Als de volwassen palingen in september, oktober en november wegtrekken naar paaiplaatsen in de Sargassozee is palingvangst verboden. Sportvissers hebben een 'terugzetverplichting'. Vrijwilligers helpen een handje door palingen 'over de dijk' te zetten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden