'Nederland wordt opgejaagd wild'

Hard werken en slim zijn, dat zijn de haast simpele verklaringen voor de onwerkelijk royale medailleoogst van Nederland bij de Olympische Winterspelen van Sotsji 2014. Chef de mission Maurits Hendriks kwam met die termen aanzetten bij de uitleg hoe een klein land 24 medailles kon veroveren.

SOTSJI - Hendriks werd de laatste twee weken bestormd door geïnteresseerde buitenlanders. Het Nederlandse succes trok internationale aandacht, van serieus tot gespeeld ernstig. Of het niet eens over kon zijn met die overheersing op de ijsbaan van Adler, was de Amerikaanse chef de mission Alan Ashley bij hem komen vragen.

Nederland bleef daar heersen, tot het einde. Hendriks zei er de laatste nacht van de Spelen van wakker te hebben gelegen. 'Het getal van 24 moest tot me doordringen.'

De verklaringen die hij zondagochtend in het Heineken Holland Huis naar voren bracht ter verklaring van het succes waren van Nederlandse nuchterheid doorspekt. 'Achter dat getal van 24 zit vooral een jarenlange voorbereiding van onze sporters.'

Hij sprak van zijn bezoeken aan zomerse trainingskampen in Duitsland en Zwitserland. Hoe serieus en hard daar werd getraind door de schaatsploegen van Jac Orie en Gerard Kemkers.

Op de van Sven Kramer geleende scooter in Sankt Moritz had hij gezien 'wat sporters jarenlang hebben gedaan, lange trainingen om hier hun beste prestatie te kunnen leveren'. 'Het zijn 24 medailles geworden, omdat de Nederlandse sporters deden wat ze moesten doen: excelleren. Daar heb ik heel veel respect voor. Hier is de kracht van het Nederlandse model bewezen. Het was ons nog nooit gelukt zoveel sporters, zoveel schaatsers, op hetzelfde moment in topvorm te krijgen.'

Nog een keer: 'Topsport is niet heel ingewikkeld. Het is zorgen dat je elke keer weer beter bent dan de keer ervoor.'

Hendriks, in het dagelijks leven technisch directeur van olympisch comité NOC*NSF, had de doelstelling voor Sotsji bepaald op 8 plus 1; 'het resultaat van Vancouver plus één.' 'Terugblikkend was dat misschien wel een zeer bescheiden doelstelling. Maar die plus één staat ervoor dat we het elke keer weer beter willen doen. Het is maar een getal. '

Hij noemde die 8 plus 1 destijds in Amsterdam de ondergrens. De bovengrens had hij in het spel met cijfers niet benoemd. Nu deed hij een schatting: 'Ik denk dat we met deze 24 medailles (8x goud, 7x zilver, 9x brons) de bovengrens wel hebben benaderd.'

Op de vraag of hij in Pyeongchang 2018 zal gaan voor 'Sotsji plus één' wilde Hendriks geen antwoord geven. 'Ik heb vier jaar de tijd om daar eens over na te denken.' Cijfers noemen is niet de essentie van zijn val. 'Het gaat vooral om ambitie. Tot de toptien van de wereld behoren, bij Zomerspelen en Winterspelen. Dat is de essentie. Dat we dat kunnen. Dat heb ik voor Londen en Sotsji gezegd. Dat gaan we niet loslaten. We zijn nog maar net begonnen.'

Het beproefde recept voor het Nederlandse topschaatsen - shorttrack was stabiel, de sneeuwsporten vielen ernstig tegen - is de commerciële aanpak, de diversiteit van zeven sterk concurrerende merkenteams. Daar hoort rivaliteit bij, maar die werd grotendeels (op de kwestie-Bergsma na) buiten het olympische huis gehouden.

De coaches kregen van Hendriks een enorme pluim. 'Zij zijn het kompas waarop wij varen.'

Het draait uiteindelijk om de sporters, van wie de chef de mission er een wilde uitlichten: Ireen Wüst. 'Vijf medailles op één Spelen, dan ben je de absolute koningin van Team NL. Zo ontspannen en zo makkelijk was het wat Ireen liet zien. De avond voor haar gouden 3 kilometer zei ze: ik ben ontspannen, ik ben in vorm. Maar ik voel de druk van zeventien miljoen Nederlanders op mijn schouders. En ik krijg het er niet af.'

Nu is het huldigen, nu is het genieten, maar volgens Hendriks wordt er vanaf woensdag al weer gewerkt aan de volgende olympische cyclus, die tot en met de Winterspelen van 2018 in Zuid-Korea. 'Het is duidelijk, vanaf vandaag zal er op ons worden gejaagd. Onze schaatsers zullen het alleen maar moeilijker krijgen. Nederland wordt opgejaagd wild. We zullen vol aan de bak moeten.'

De rol van NOC*NSF in de wintersportploeg is vooral een adviserende, een sfeer bewakende. Hendriks zei dat het een wereld van verschil was ten opzichte van Vancouver, waar Henk Gemser nog de chef de mission was.

Hij had complimenten gekregen van olympische veteraan Marianne Timmer. Zij had zich een deel van het team gevoeld en er kracht uitgehaald. Verder was Hendriks bescheiden over de inbreng van zijn sportkoepel. Die heeft 'een kleine, bescheiden start' gemaakt in het financieren van externe technische ondersteuning.

Die steun bedraagt een half miljoen euroi. Het succes komt van de miljoenen sponsorgeld verbruikende commerciële teams uit de Nederlandse schaatswereld. 'Het schaatsmodel' zoals Hendriks dat benoemde.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden