Nieuws Hulp stopgezet

Nederland stopt steun aan Syrische oppositie wegens gebrekkig toezicht op hulpprojecten; Britse organisatie ontkent kritiek

Terwijl in Syrië het Idlib-offensief op het punt staat te beginnen, staakt Nederland de steun aan reddingswerkers van de Witte Helmen. Ook vrijwel alle andere steun aan oppositiegroepen in Syrië blijkt onverwacht stopgezet.

Leden van de Witte Helmen ruimen lijken na aanvallen in Idlib. Beeld AFP

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) en Sigrid Kaag (Ontwikkelingssamenwerking, D66) draaien de geldkraan dicht na een kritisch rapport van hun eigen ambtenaren bij Buitenlandse Zaken. Volgens het rapport heeft Nederland niet altijd voldoende toezicht uitgeoefend op hulpprojecten in het oppositiegebied in Syrië. Het gevaar bestaat dat door Nederland betaalde reddingswerkers en politieagenten banden onderhouden met terreurorganisaties zoals het Syrische Al Qaida-filiaal Hayat Tahrir al Sham.

De zwaarste kritiek richt zich op de Witte Helmen, de internationaal gevierde reddingswerkers die uitrukken na bombardementen en beschietingen in het rebellengebied. Bij dit werk zijn volgens hun eigen opgave inmiddels ruim 250 hulpverleners gedood. De Witte Helmen werden in 2016 genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede. Eerder verkregen ze wereldfaam na een Netflix-documentaire. Toenmalig minister Bert Koenders prees de reddingswerkers als ‘ongelofelijk moedige mensen’. De afgelopen dagen waren de Witte Helmen volgens hun Twitteraccount met gevaar voor eigen leven burgerslachtoffers aan het bergen in het puin van Idlib.

Maar volgens de rapportage van Buitenlandse Zaken, die vrijdag naar de Tweede Kamer is gestuurd, is het toezicht op het werk van de Witte Helmen ‘beneden niveau’. Het gevaar bestaat dat Nederlands geld dat bedoeld is voor de reddingswerkers in handen valt van extremistische groeperingen of gebruikt wordt voor illegale handel. Het is de eerste keer dat een westerse regering stelt dat er problemen zijn met het project. Het Syrische regime en Rusland beschuldigen de reddingswerkers al jaren van samenwerking met terroristen en het in scène zetten van aanvallen met chemische wapens, maar dit wordt door westerse overheden en onafhankelijke onderzoekers gezien als een desinformatiecampagne van de Syrische president Bashar al-Assad en zijn Russische bondgenoot Poetin.

Nu de politieke oppositie in Syrië met het naderende Idlib-offensief geheel van de kaart dreigt te worden geveegd, bestaat er volgens minister Blok geen andere keuze dan de hulp aan de Witte Helmen zo snel mogelijk stop te zetten. De reddingswerkers komen nog wel in aanmerking voor circa 188 duizend euro aan al toegezegde subsidie.

Wijkagenten

Ook de steun aan een ander Nederlands paradepaardje, de Vrije Syrische Politie, blijkt inmiddels gestaakt. Dit zijn ongewapende wijkagenten die toezicht houden in oppositiegebieden van Syrië. Volgens het rapport van Buitenlandse Zaken is het ‘zeer waarschijnlijk’ dat deze agenten overleggen met terreurorganisaties. Daarnaast bestaat het risico dat zij hier verdergaande banden mee onderhouden. Adam Smith International, de Britse organisatie die de Vrije Syrische Politie ondersteunt en daarvoor de afgelopen jaren ruim 14 miljoen van de Nederlandse regering krijgt, laat dinsdag weten dat zij zich niet herkent in de kritiek van het ministerie van Buitenlandse Zaken. De organisatie ontkent dat de Vrije Syrische Politie naar donoren toe een ‘gepolijst verhaal’ vertelt, ten koste van transparantie.

‘Wij ontkennen deze bewering. Ajacs (het overkoepelende programma van de Vrije Syrische Politie) hanteert streng toezicht met ingebouwde checks en balances en (...) een objectieve externe toezichthouder. De zes overheden die ons subsidiëren, houden bovendien streng toezicht over alle onderdelen van ons programma en de uitvoering door frequente bijeenkomsten en gedetailleerde rapportages. (…) Ons toezicht- en managementproces garandeert volledige, ongefilterde transparantie en is daarom geprezen door het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken.’

Adam Smith International erkent wel dat politieagenten salaris bleven incasseren via twee ‘spookbureaus’ die in werkelijkheid waren verlaten. Daarnaast is het voorgekomen dat agenten door de oorlog van hun post moesten vluchten, terwijl ze vanuit Nederland wel hun salaris doorbetaald kregen. ‘Tijdens bombardementen en veroveringen door troepen van het Assad-regime vlucht de hele bevolking en ook de Vrije Syrische Politie, waarbij de politiebureaus worden verlaten.’ Mogelijke infiltratie van terreurbewegingen onder de agenten ziet Adam Smith International – net als Buitenlandse Zaken – als een ‘sleutelrisico’.

‘Als gevolg van het intrekken van de subsidie voor Ajacs zal het programma sluiten, al blijven de agenten van de Vrije Syrische Politie in dienst van de bevolking. Maar onvermijdelijk zal het gebrek aan materiële steun merkbaar worden. Daarmee komt de veiligheid van gewone Syriërs in gevaar en wordt teniet gedaan wat de deelnemende overheden in de afgelopen vijf jaar hebben opgebouwd.’

Levant Front

Het actualiteitenprogramma Nieuwsuur en dagblad Trouw stellen maandag na eigen onderzoek dat Nederland een extremistische beweging in Syrië heeft gesteund, namelijk het Levant Front oftewel Hayat al Shamiyah. Internationaal geldt deze groepering niet als terreurorganisatie, maar Nederland probeert wel een strijder van de groep strafrechtelijk te vervolgen. In het kader van het zogenaamde NLA-programma (‘Non Lethal Assistance’) zou Nederland onder meer pick-uptrucks hebben geleverd die door de extremistische strijders zijn voorzien van wapens. De ambtenaren van Buitenlandse Zaken waarschuwen dat de ‘classificatie’ van het NLA-programma, dat als staatsgeheim geldt, toezicht bemoeilijkt. Het programma, goed voor 25 miljoen euro subsidie, is inmiddels stopgezet.

Nederland ondersteunde in oppositiegebied in Syrië sinds 2016 ook een project om gemeenteraden te helpen. Hoewel dit project eigenlijk nog ongeveer 2 miljoen euro aan subsidie tegoed had, trekt Buitenlandse Zaken deze steun nu ook onverwacht in ‘vanwege de krimpende ruimte voor gematigde oppositie’ in Syrië. Dit project is als enige niet in opspraak geraakt.

Projecten in opspraak

Vrije Syrische Politie

Wie: Vrije Syrische Politie

Wat: ongeveer vierduizend ongewapende wijkagenten in oppositiegebieden in Syrië. Onderzoeken kleine delicten, houden verkeerscontroles. Moeten voorkomen dat extremistische groeperingen alle macht naar zich toe trekken.

Nederlandse steun: 14,8 miljoen euro tussen 2015-2018.

Problemen:

- De meeste agenten hebben nooit een antecedentenonderzoek gehad. Sommigen staan mogelijk onder invloed van terreurorganisaties zoals Hayat Tahrir al Sham (Al Qaida in Syrië) of IS.

- ‘Heel waarschijnlijk’ vindt regelmatig overleg en coördinatie plaats tussen de Vrije Syrische Politie en extremistische organisaties, ‘zoals Nour al-Din al Zenki of Hayat Tahrir al Sham.’

- Fraude wordt niet altijd op tijd gemeld. Via ‘spookbureaus’ waar de Vrije Syrische Politie officieel niet meer actief was, bleven agenten toch hun loon uit Nederland ontvangen.

- Het Britse project waar de Vrije Syrische Politie onder valt, Ajacs, spendeert veel tijd aan ‘donormanagement’, waarbij het vooral belangrijk blijkt om een ‘gepolijst verhaal’ te vertellen. Dat gaat ten koste van transparantie aan donors.

- Ajacs plaatst een onredelijk vertrouwen in het oordeel van lokale inspecteurs, terwijl die zelf een belang hebben om gevoelige informatie te verzwijgen.

- Het geld voor de Vrije Syrische Politie wordt naar Syrië gebracht via het hawala-systeem, een systeem voor informeel bankieren. Dit brengt risico’s met zich mee: er zijn geen afschriften en geen controle of het geld wel bij de juiste personen terechtkomt.

De Witte Helmen

Wie: de Witte Helmen

Wat: Bijna vierduizend reddingswerkers in rebellengebied in Syrië, die eerste hulp verlenen na bombardementen. Dragen camera’s op hun helm en leveren daarmee bewijs voor mogelijke oorlogsmisdrijven door Syrische regeringstroepen.

Nederlandse steun: 12,5 miljoen euro.

Problemen:

- Het toezicht op de gedragingen van de reddingswerkers is volgens Buitenlandse Zaken ‘beneden peil’. De organisatie die toezicht houdt, Mayday, gevestigd in Nederland, is nauw verweven met de Witte Helmen zelf. In de praktijk begrijpen donors het verschil tussen beide organisaties niet.

- Mayday wil maximaal 0,9 procent van haar budget spenderen aan toezicht op het werk van de Witte Helmen. ‘Daarom is er een gebrek aan onafhankelijk toezicht op de activiteiten en de resultaten van het project.’

- Het geld voor de Witte Helmen wordt in cash de Syrische grens overgebracht of komt via het hawala-systeem het land in. Het is ‘problematisch’ dat Mayday niet weet hoeveel geld er via welke route wordt betaald. Daarom bestaat het gevaar dat geld in handen van gewapende groepen is gevallen. Ook kan de geldstroom indirect worden gebruikt voor illegale handel. Systematische controle op de geldstroom ontbreekt.

- De Witte Helmen zijn actief in gebieden waar gewapende groeperingen aan de macht zijn die voor Nederland als ‘niet-acceptabel’ gelden. Contact tussen de Witte Helmen en lokale bestuurders die samenwerken met extremistische organisaties is onvermijdelijk.

Bron: rapport Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie, ministerie van Buitenlandse Zaken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.