Nederland legt CO2 -beperking in buitenland

Nederland lijkt vrijwel zijn hele verplichting bij het terugdringen van de uitstoot van kooldioxide te gaan afkopen in het buitenland....

Van onze verslaggever Jeroen Trommelen

Dit blijkt uit de voorlopige plannen voor de uitvoering van het klimaatbeleid van minister Pronk van VROM. De opstelling van Nederland heeft een conflict veroorzaakt bij de Europese Milieuraad. Landen als Duitsland, Denemarken en Oostenrijk willen minder ruimte voor het afkopen van tegenvallende milieueffecten in het buitenland.

Pronk verzet zich daartegen, zo blijkt uit het woensdag naar de Tweede Kamer gezonden verslag van de besloten bijeenkomst van de Milieuraad, die vorige maand in Brussel is gehouden. Vooral Duitsland wil verdergaande maatregelen afdwingen in eigen land. Behalve Nederland zijn ook Finland en Italië tegen.

De uitstoot van kooldioxide wordt veroorzaakt door de verbranding van fossiele brandstoffen en is mede oorzaak van het broeikaseffect.

Op de klimaatconferentie van Kyoto in 1997 hebben de meeste landen daarom toegezegd dat ze hun uitstoot zullen verminderen. Van die intentie komt echter weinig terecht.

Zo hebben maatregelen op het gebied van energiebesparing in Nederland tot dusver weinig resultaat. Het elektriciteitsverbruik van de huishoudens is tussen 1990 en 1997 gestegen met bijna 25 procent. Het aantal autokilometers steeg met twaalf miljard. De kooldioxide-uitstoot van het wegverkeer nam toe met een kwart.

In Kyoto is afgesproken dat landen een deel van hun besparing buiten hun grenzen mogen realiseren. Vooral de rijke landen zijn daarbij gebaat. Door deze emissiehandel kan Nederland bijvoorbeeld subsidie geven aan een Roemeense kolengestookte elektriciteitscentrale, waardoor die kan overschakelen op gas. De 'opbrengst' hiervan telt mee voor de Nederlandse doelstelling.

Volgens S. Schöne, hoofd klimaatprogramma van het Wereld Natuur Fonds (WNF), wordt de mogelijkheid naar het buitenland uit te wijken, door Nederland maximaal benut. De besparing in eigen land wordt echter vooral behaald door alternatieve gassen. Dat zijn gassen die hetzelfde broeikaseffect hebben als kooldioxide, maar waarvan de uitstoot door relatief simpele en eenmalige maatregelen te beperken is.

Op die manier zou Nederland erin slagen om in het jaar 2010 ongeveer twintig procent méér kooldioxide uit te stoten dan in 1990, en toch aan de Kyoto-verplichting te voldoen. 'Flexibiliteit verandert daarmee in afkopen. Die houding is ongeloofwaardig ten opzichte van ontwikkelingslanden en laat weinig ruimte voor besparingen in de toekomst', vindt Schöne.

De totale Kyoto-verplichting voor Nederland bedraagt vijftig miljoen ton emissiebeperking. De helft daarvan wil het kabinet in het buitenland realiseren.

In de conceptnota van Pronk wordt de binnenlandse besparing vooral bereikt door 17 miljoen ton te besparen op het gebied van alternatieve gassen, zoals fluorverbindingen en N2 O (lachgas). De helft dáárvan kan al worden gerealiseerd door het plaatsen van katalysatoren bij vijf kunstmestfabrieken.

Voor energiebesparing bij de industrie en huishoudens is voorlopig slechts vier miljoen ton ingeboekt, en voor de toepassing van duurzame energieopwekkers zoals wind en zon slechts twee miljoen ton.

Volgens het ministerie van VROM staan de cijfers nog niet vast.

'Pronk is zelf voorstander van meer besparing op het gebied van CO2 en minder bij alternatieve gassen', aldus de woordvoerder.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden