Nederland is vooral sterk in de organisatorische kant

Het kabinet Rutte steekt meer ontwikkelingsgeld in waterprojecten. Een deel van dat geld kan terugvloeien in de vorm van orders. Nederland zou immers een goede naam hebben op water-gebied. Vijf vragen.

Hoe groot is de Nederlandse watersector?

Bijna tweeduizend bedrijven en kennisinstellingen met verstand van bescherming van rivierdelta's, waterzuivering of irrigatie, zetten samen 17 miljard euro per jaar om. Grote Nederlandse baggeraars hebben 40 procent van de internationale waterbouwmarkt in handen. Maar verder is de waterexport bescheiden: slechts 1,85 procent van alle Nederlandse export (2008). Wereldwijd wordt 500 miljard euro per jaar uitgegeven aan waterbeheer. Toenemende waterschaarste en een stijgende zeespiegel maakt de sector kansrijk voor ondernemers. Tweehonderd bedrijven, universiteiten en overheidsinstanties hebben zich verenigd in het platform NWP.


Zijn die echt zo goed?

Nederland is vooral sterk in de ontwikkeling van stedelijke gebieden in rivierdelta's, stellen deskundigen. De organisatorische kant daarvan is een schaars specialisme. Een dijkje ophogen in Bangkok of Jakarta kan bijna iedereen. Maar een bestuurssysteem opzetten voor een stroomgebied niet.


Sowieso exporteert Nederland vooral kennis: beleidsstudies en technische rapportages van bureaus als Royal Haskoning, Arcadis, Deltares, de Technische Universiteit Delft. Daarnaast beschikken baggeraars als Boskalis en Van Oord over enorme machines; zij blinken uit in grootschalige projecten. Maar verder heeft Nederland niet meer verstand van bijvoorbeeld waterzuivering dan een ander hoogontwikkeld land.


Welk deel van het ontwikkelingsgeld keert terug naar Nederland?

De regering geeft geen cijfers over de ambities op dit punt. Het platform NWP stelt dat voorgaande projecten niet op deze manier zijn onderzocht. Deskundigen stellen dat lokale bedrijven vaak een Nederlandse partner zoeken, om zo meer kans te maken op een project dat wordt gefinancierd door Nederland. Zij waarschuwen echter dat Nederland relatief duur is; een consultant uit Delft vraagt gemiddeld 1.000 euro per dag. In landen als Vietnam en China bieden plaatselijke bureaus geduchte concurrentie met ingenieurs die ook zijn opgeleid in Delft.


Gaat de aandacht voor water ten koste van andere ontwikkelingsprojecten?

Dit jaar geeft Nederland 4,4 miljard euro uit aan ontwikkelingssamenwerking. Dat is 958 miljoen euro minder dan begroot door het vorige kabinet. Door het aantal donorlanden te verlagen van 33 naar 15 stuks en het hulpbudget te beperken tot vier sectoren, waaronder water, hoopt Nederland enige invloed te behouden. Ontwikkelingsprojecten op het gebied van gezondheidszorg en onderwijs worden wereldwijd afgebouwd.


Leveren de inspanningen van kroonprins Willem-Alexander waterorders op?

Of de kroonprins verstand heeft van hun vak, laten ondernemers liever in het midden. Maar Willem-Alexander wordt volgens hen goed gebrieft over de actuele onderwerpen op watergebied. Zijn aanwezigheid als ambassadeur voor de watersector tijdens buitenlandse reizen levert extra media-aandacht op en opent deuren.


Water en voetbal

De gemiddelde Afrikaan kent Nederland vooral om zijn voetbal. Buitenlandse Zaken gaat proberen dit imago te verbinden met een voorlichtingsproject over het belang van schoon water. Samen met de KNVB wordt een vierjarig programma opgezet, waarbij duizend scholen in Ghana, Kenia en Mozambique stromend water en sanitair krijgen. Speciaal opgeleide coaches leren de kinderen voetballen én regelmatig handenwassen en te letten op hun persoonlijke hygiëne.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden