Column

Nederland is nog altijd niet in het reine gekomen met de hel van Srebrenica

Bosnische vrouwen raken de grafkisten aan van nieuw geindentificeerde lichamen op 9 juli in SarajevoBeeld afp

Vorige week ging ik op Srebrenica-pelgrimage. Ik was in Sarajevo, hoofdstad van Bosnië-Herzegovina en bezocht daar het Srebrenica Herdenkingsmuseum. Een schokkende ervaring. Je stuit er op wanden met de 8.000 namen van de omgekomen mannen en jongens uit de moslim-enclave, naast muren vol portretfoto's van de slachtoffers.

Er is een heftige fotoreportage van Tarik Samarah over de zoektocht naar de massagraven en de opgraving en latere teraardebestelling van de lichamen. Een filmdocumentaire met originele beelden uit juli 1995 laat zien hoe de UN-safe area door generaal Mladic en zijn Bosnische Serven onder de voet wordt gelopen, hoe de Nederlandse blauwhelmen letterlijk bezwijken onder de vluchtelingenchaos op de Potocari-compound en hoe de Bosniak-mannen worden geselecteerd en gedeporteerd. Nederlandse staat: 30 procent aansprakelijk.

In dat herdenkingsmuseum realiseer je je meer dan ooit dat Nederland tot op de dag van vandaag, 22 jaar later, nog altijd niet in het reine is gekomen met de hel van Srebrenica. Laat ik het zo zeggen: de direct betrokkenen zijn nog altijd te betrokken, en de niet-betrokkenen voelen zich te weinig betrokken.

Om met dat laatste te beginnen: wie weet dat het morgen, 11 juli, officieel Srebrenica Herdenkingsdag is? Srebrenica Memorial Day werd in 2009 door het Europees Parlement in het leven geroepen. Op het Plein in Den Haag vindt er dinsdag een herdenkingsbijeenkomst plaats, georganiseerd door de Bosnische gemeenschap in Nederland en vredesorganisatie PAX. Niet bepaald een massaal nationaal gebeuren.

Het is eigenlijk niet goed verklaarbaar, maar in Engeland leeft 'Srebrenica' meer dan in Nederland. Liefdadigheidsorganisatie Remembering Srebrenica houdt de herinnering aan de genocide levend. In het hele land worden op 11 juli kerkdiensten gehouden. In Nederland, dat door het historisch noodlot eeuwig verbonden zal zijn met de grootste naoorlogse genocide op Europese bodem, heersen ongemak, gekrenktheid en schuldige verbittering. Die lijken een eerbiedige, nationale herdenking van de slachtoffers van Srebrenica nog altijd in de weg te staan.

In de Nederlandse discussie heeft het er soms de schijn van dat de blauwhelmen van Dutchbat de slachtoffers van het drama waren, en niet de 8.000 Bosnische moslims. De Dutchbatters hebben gelijk dat ze onder onmogelijke omstandigheden hebben moeten opereren, dat ze geslachtofferd zijn door de internationale gemeenschap, aan hun lot overgelaten in een safe haven die de hel op aarde bleek te zijn, maar de echte slachtoffers zijn en blijven 'de moeders van Srebrenica'.

Nederland gaat Vergangenheitsbewältigung, het zich moreel rekenschap geven van het eigen verleden, minder goed af dan het zelf denkt. Als klein land ligt de rol van slachtoffer ons beter dan die van dader of passief medeplichtige. Of het nu om de koloniale erfenis gaat, de Holocaust of Srebrenica: Nederland is niet van grote gebaren van schuld en boetedoening. En altijd staat er wel een landsadvocaat, pervers-kruideniersachtig, naar de hoogte van eventuele schadevergoedingen te kijken.

Nederland blust lastige historische en morele vragen graag af met omvangrijke studies en rapporten. Loe de Jongs boekenplanken vol over de Tweede Wereldoorlog; het volumineuze Srebrenica-rapport van het NIOD; het nieuwe wetenschappelijk onderzoeksproject naar de 'politionele acties' in Indonesië. Het levert enorme boekwerken op die zoveel overhoop halen dat de werkelijke morele vragen over schuld, aansprakelijkheid, lafheid en moed ondergesneeuwd raken. We zijn goed in rationaliseren en analyseren, maar slecht in toegeven van schuld of verantwoordelijkheid.

De laatste gerechtelijke uitspraak over Srebrenica maakt nog eens indringend duidelijk dat Nederland een nationaal herdenkingsmonument voor de slachtoffers van Srebrenica nodig heeft. Een monument voor de omgekomen mannen en jongens en hun nabestaanden, maar ook voor Dutchbat. Zo'n monument moet ook het dramatisch falen van de internationale gemeenschap bij het beveiligen van de UN-Safe Area herdenken. Om die reden zou het monument het best in Den Haag geplaatst kunnen worden, stad van recht en vrede. Pal tegenover het VN Internationaal Strafhof. Als hartverscheurende waarschuwing dat het voorkomen van genocide en misdaden tegen de menselijkheid beter is dan het achteraf vervolgen en bestraffen ervan. Dat is in Srebrenica heel erg misgegaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden