Nederland is kennelijk te netjes voor omkoping

Dat de Belgen tot over hun oren in de Agusta-smeer zitten, verbaast oud-staatssecretaris Van Houwelingen niet. In zijn tijd op Defensie maakte hij mee dat hoge Belgische functionarissen 'commissie' eisten voor een wapenorder....

OMKOPING? 'Ik heb er een enkele keer signalen van gehad', zegt Jan van Houwelingen, in de jaren tachtig langdurig CDA-staatssecretaris materieel op het ministerie van Defensie.

'Er waren geruchten dat mensen van ons zich hadden laten fêteren door een fabrikant in Amerika, zoiets. Daar waren we fel op, natuurlijk: meteen een onderzoek, en het bleek niet te kloppen. De betrokkenen waren juist zeer integer met hun commerciële contacten omgegaan.'

Wie in Nederland het oor te luisteren legt bij oudgedienden in de defensiewereld, benieuwd of het Agusta-schandaal in België wellicht ook een Hollandse variant heeft, komt van een koude kermis thuis. Terwijl de zuiderburen gisteren door de zelfmoord van de voormalige luchtmachtchef Lefebvre steeds meer in de greep van smeergeldaffaires geraakten, luidt hier het laconieke antwoord: 'We zijn er kennelijk te netjes voor.'

Eigenlijk is het opmerkelijk dat er nooit schandalen zijn geweest in Nederland, vindt Van Houwelingen, die tegenwoordig burgemeester is van de gemeente Haarlemmermeer. 'Want bij Defensie werken mensen met een betrekkelijk bescheiden salaris, en het gaat wel over miljardencontracten.'

Niet dat Nederland een geheel brandschone staat van dienst heeft. In de jaren zeventig was er de Lockheed-affaire met prins Bernard en het gerommel van de Franse vliegtuigbouwer Dassault, die PvdA'er Dankert en VVD'er Keja wel wat geld had willen betalen als ze de Mirage steunden. Wat niet gebeurde.

Maar verder? De Nederlandse defensiewereld is veel beter in het laten ontsporen van duikboot- en vliegtuigbudgetten.

De opvatting dat het militaire apparaat in Nederland niet bevattelijk is voor omkoping, net zomin als de verantwoordelijke politici, wordt gedeeld door oud-marinekapitein Rob Vinckx. Hij is adviseur van Hollinda, de firma die in Nederland de zaken van de Amerikaanse helikopterfabrikant Sikorsky behartigt. Vorig jaar miste Sikorsky met zijn Black Hawk de order van de Luchtmobiele Brigade voor nieuwe transporthelikopters. De Franse Cougar won de competitie.

'We worden wel de blauwe mafia genoemd', zegt Vinckx grinnikend, doelend op het feit dat menige Nederlandse vertegenwoordiger van de wapenindustrie oud-marineofficier is. 'Maar omkoping is hier gewoon geen issue. Ik zou het ook per se weigeren daaraan mee te werken.'

'We zouden het alleen al om praktische redenen nooit doen', valt Hollinda-directeur Van Gennep hem bij. 'Je zet de hele firma op het spel. Maar, als u daarin bent geïnteresseerd, ook ethisch kun je het niet maken, vind ik.'

De Nederlandse wapenlobby (Van Gennep: 'Wij zijn geen lobbyisten, dat heeft een verkeerde klank. Wij vertegenwoordigen Sikorsky') volgt de Agusta-affaire in België met gepaste belangstelling. Maar nergens is volgens Vinckx ook maar een flard van een gerucht te horen dat de affaire ook hier een staartje zou kunnen krijgen.

Het wereldje van de Nederlandse wapenagenten is redelijk overzichtelijk. In en rond Den Haag houdt een handvol firma's kantoor die als agent optreden van de grote buitenlandse defensieconcerns. Bekende namen, naast het Wassenaarse Hollinda, zijn Schreiner in Leiden (onder meer Aerospatiale, fabrikant van de Cougar en de nieuwe Tigre-gevechtshelikopter), Vimac (Bell helikopters) en Goliath (onder meer Bofors-kanonnen en Raytheon-raketten).

En natuurlijk Feteris, de firma die sinds een paar jaar de tamelijk ondankbare taak heeft Agusta onder de aandacht te brengen van de Nederlandse wapeninkopers. 'Die arme Veldhuijsen moet daar steeds maar uitleggen dat hij echt geen smeergeld betaalt', meldt Vinckx, doelend op zijn oud-marinecollega die bij Feteris de account van de Italiaanse helikopterfabrikant in portefeuille heeft.

Verder opereert een stel eenmanszaakjes, zoals het adviesbureau van ex-CDA-kamerlid L. Duyn, de man die naam maakte als voorstander van de geboortekrik bij koeien. Vanuit Purmerend analyseert Duyn in opdracht van de fabrikant van de Apache, de Amerikaanse concurrent van de Tigre, de bestuurlijke besluitvorming in de Nederlandse helikopterrace.

Wapens verkopen is, nog helemaal los van de geur van smeergeld die de buitenwereld vermoedt, riskante business. Neem de poging van Sikorsky om de Black Hawk aan Nederland te slijten. Er werd veel geld en mankracht geïnvesteerd om de order binnen te halen, en het was allemaal vergeefs.

Van Gennep: 'Ik schat dat het de fabriek een miljoen dollar heeft gekost, en Hollinda tweeëneenhalf manjaar. Dat is toch ook gauw een kwart miljoen gulden. We werken voor Sikorsky op basis van no cure no pay. Zelfs de onkosten zijn niet vergoed.'

De Amerikanen hanteren ('voorzover ik weet als enige land ter wereld', aldus Van Gennep) strenge regels om onregelmatigheden tegen te gaan. Hollinda werd als agent gescreend op betrouwbaarheid, en conform Amerikaanse federale anti-corruptiewetgeving moest de Wassenaarse firma een contract ondertekenen waarbij zwart op wit werd gezet dat er geen smeergeld mocht worden betaald.

Daarna ging het spel op de wagen. Hollinda ging met de specificaties van de Black Hawk-heli op pad en kreeg een plaats in de orderprocedure. 'Je zit in het defensiecircuit, je kent de mensen bij wie je wezen moet', aldus adviseur Vinckx. 'En als je iemand toevallig niet kent, bel je op en maak je een afspraak.' Het wereldje van verkoop en inkoop is klein. Van Gennep: 'Je komt elkaar ook steeds tegen bij afscheidsborrels en dergelijke.'

Dan treedt de snuffelfase in. Het aankoopteam van het ministerie gaat op bezoek bij de fabrikanten en beoordeelt de aangeboden waar. Snoepreisjes? 'Je biedt een lunch aan op het bedrijf, 's avonds een diner buiten de deur, een modelletje van de machine en dat is het. Die jongens vliegen altijd op kosten van Defensie, ze huren hun eigen auto's, betalen hun hotel zelf', verzekert Van Gennep.

'Alleen als er bijvoorbeeld een politicus voor iets anders in New York is, en je nodigt hem uit om de fabriek te komen bekijken, wordt de company jet ingezet, om dat half uurtje naar Connecticut te vliegen.'

De snuffelfase gaat naadloos over in de overtuigingsfase: de baas van de fabriek gaat in Nederland op bezoek bij de staatssecretaris van materieel en belangrijke kamerleden en de pers wordt (doorgaans met wèl geheel verzorgde trips) opgetrommeld. Daarnaast wordt het bewerken van de compensatiemarkt met volle kracht ter hand genomen. Want wie de meeste Nederlandse bedrijven met de belofte van fraaie tegenorders achter zich weet te krijgen, staat het sterkst in de krachtmeting tussen economische en defensiebelangen, die traditioneel de uiteindelijke keuze voor wapensysteem X en Y bepaalt.

Volgt de eindfase, de onderhandelingen over een contractvoorstel. Het toezicht vanuit het ministerie van Defensie wordt aangescherpt via de centrale contractcommissie, die het werk van de onderhandelaars nog eens tegen het licht houdt. Ook is het gebruik geworden dat de accountantsdienst van het ministerie in deze fase de boeken van de fabrikant inziet, om te kijken wat voor vlees men in de kuip heeft.

En dan? 'De finale selectie. De voorkeur van Defensie voor een bepaald wapensysteem is dan doorgaans ondergeschikt geworden', meldt Van Gennep wat mistroostig. 'De politiek heeft het grote woord.'

In het geval van Sikorsky ging de keuze dus uit naar de Franse Cougar. Het ouderwetse motto 'Koopt Nederlandsche waar, dan helpen wij elkaar', heeft een moderne variant gekregen, menen de vertegenwoordigers van Hollinda. Het is nu 'Koopt Europese waar'. 'Terwijl onze helikopter beter was.'

En voor de afvaller resteert een 'heel lullig briefje' waarin Defensie vriendelijk bedankt voor de moeite.

In zijn tijd als staatssecretaris was Van Houwelingen een uitgesproken voorstander van het Italiaanse Agusta. 'Ik heb toen ook bij Agusta geweest in het kader van een bezoek aan m'n Italiaanse collega. Toen zijn we met zo'n mooi VIP-vliegtuig van hun luchtmacht naar de fabriek in Milaan gevlogen. Daar heb ik een mooi model van zo'n helikopter gekregen.

'Nee, ik heb nooit ook maar het kleinste signaal gehad dat de Italianen smeergeld wilden betalen. Defensie wilde destijds een lichte gevechtshelikopter en dat was de Agusta. Nadien is de voorkeur verschoven naar een zwaardere machine, zoals de Tigre of de Apache.'

Als hij nu mocht kiezen, zou de Frans/Duitse Tigre de voorkeur krijgen boven de Amerikaanse Apache als gevechtshelikopter voor de Nederlandse krijgsmacht. Weer een Europese machine, dus. 'De Amerikanen hebben het altijd vertikt iets op defensiegebied van Nederland te kopen. We doen toch al zoveel samen met de Duitsers, die nemen de Tigre ook.'

Dat de Belgen tot over hun oren in de smeer zitten, verbaast hem overigens niets. Als staatssecretaris maakte Van Houwelingen mee hoe staatsmunitiefabriek Eurometaal in Zaandam tien jaar geleden een grote granatenorder misliep omdat hoge Belgische functionarissen commissie wilden hebben.

'Haasnoot, de directeur van Eurometaal, kwam bij me met de mededeling dat we die order alleen via de kromme weg konden binnenhalen. Het ging om speciale zeer kostbare granaten, waarvoor Eurometaal de Europese licensie hadden gekocht van een Amerikaanse bedrijf. Het was een zeer grote order van de Belgen, zo'n 360 miljoen gulden.'

De order belandde niet bij Eurometaal, maar bij de Amerikanen. 'Toen dat bekend werd, heb ik meteen de Belgische minister van Defensie gebeld. We waren bóós. Maar die minister zei eenvoudig dat Eurometaal te duur was. Enige tijd later kreeg ik uit onverdachte Amerikaanse bron een rapport waarin zwart-op-wit werd bevestigd dat er niet eerlijk was gespeeld. Het Amerikaanse bedrijf had 3,6 miljoen dollar smeergeld betaald aan hoge Belgische militairen. Er is in België nog een onderzoek ingesteld, maar dat leverde niets op. Dat vond ik erg merkwaardig, ja.'

Het is dus nauwelijks opmerkelijk dat er bij de helikopterorder van Agusta ook smeergeld over tafel is gegaan, vindt Van Houwelingen. Een sigaartje opstekend in zijn ruime Hoofddorpse burgemeesterkamer, die uitkijkt op een winderig winkelplein: 'Ik vermoed ook dat het bedrag dat Agusta in België heeft betaald nog een stuk hoger ligt dat de paar miljoen die nu bekend zijn geworden.'

Heeft hij dan zelf nooit iets onoirbaars meegemaakt? Er is een keer een halve poging gedaan, dat is alles, meldt Van Houwelingen.

'Dat was op een receptie, ergens in het begin van de jaren tachtig, als ik het me goed herinner. Een Nederlander, iemand die je wel vaker tegenkwam in het defensiecircuit. Voor welke firma hij werkte, weet ik niet meer. Nee, ècht niet.'

Het ging niet om een Nederlandse aankoop. Defensie zou moeten meewerken aan de verkoop van Nederlandse strategische goederen aan een Zuid-Amerikaans land. 'Ik zou er een gevulde bankrekening in Zwitserland aan over kunnen houden, zei hij.

'Ik kon mijn oren bijna niet geloven. Je weet ook niet wat je zeggen moet. Ik was geschokt, beledigd.

'Ik ben van die vent weggelopen en heb op het ministerie mijn directeur-generaal, de heer Boerman, meteen maatregelen laten nemen. Juristen hebben er naar gekeken, en die man is bij Defensie tot persona non grata verklaard. Ik heb hem ook nooit meer gezien in dat wereldje.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.