Nederland helpt hybride auto op weg

Een beter moment had Toyota zich niet kunnen wensen voor de Europese introductie van zijn Prius. Olie- en benzineprijzen beheersen het nieuws; de introductie in Brussel dreigde zelfs even in de war te worden gestuurd door vrachtwagenblokkades....

Ofwel: met vijftig liter benzine haalt een Prius duizend kilometer, terwijl Product X na 700 kilometer zowat is uitgewerkt.

De Prius is dan ook geen gewone auto, het is de eerste van een nieuwe generatie: een hybride. De auto heeft zowel een benzine- als een elektromotor. Dat zal de berijder weten ook. Tijdens het rijden wordt op een beeldschermpje in het dashboard constant getoond hoe het spelletje tussen de benzinemotor, de generator en de accu (zestig kilo nikkel-metaalhydride) wordt gespeeld.

Effe lekker scheuren: oeps, benzinemotor en elektromotor doen hun uiterste best. Berg af, voet van het gaspedaal. Ha, daar wordt de accu opgeladen terwijl de benzinemotor rust. Rood stoplicht, wachten dus. Stilte. Op het beeldscherm heerst rust. Totdat een lichte trilling aangeeft dat de benzinemotor weer start: de airco (standaard ingebouwd) heeft te veel van de accu gevergd, dus komt de benzinemotor weer in actie om de generator aan te drijven.

Dankzij het schermpje kan de berijder volop genieten van zijn (milieu-)technische noviteit. Met een druk op de knop vertoont het scherm een ander beeld dat de aandacht van de weg afhoudt: het brandstofverbruik. Dáár gaat het om bij de hybride. Het actuele verbruik staat er op en dat van de afgelopen vier periodes van vijf minuten. In staafdiagrammen.

De Prius oogt als een gewone auto met superkorte neus. Maar technisch is hij revolutionair. Een versnellingsbak ontbreekt. De benzinemotor is van een nieuw type, ontworpen om weinig viezigheid uit te stoten. Grote prestaties hoeft hij niet te leveren; wie wil scheuren, spreekt vooral het vermogen van de elektromotor aan. De filerijder trouwens ook: de elektromotor doet hele stukken in zijn eentje. Doodstil.

De markt voor hybrides moet nog worden ontwikkeld. Honda heeft er een te koop, maar die is zo duur dat hij in de meeste Europese landen niet te krijgen is. Andere autofabrikanten werken er aan.

In Japan rijdt de Prius al haast drie jaar, maar voor de Europese smaak moest de auto toch wat worden opgevoerd. Goedkoop is anders. In Nederland zou hij rond de 70 duizend gulden gaan kosten, ware het niet dat de fiscus de milieukwaliteiten van de auto beloont met een vrijstelling van de bpm-belasting. Dat scheelt 16.990 gulden, waardoor importeur Loumans & Parqui de auto voor 'slechts' 52.990 gulden denkt te verkopen. Vergelijkbaar met gewone, meer drinkende en meer vervuilende middenklassers.

Daarmee is Nederland veruit de gulste in heel Europa voor deze milieuvriendelijke techniek. De fiscus 'betaalt' 32 procent van de nieuwprijs. In Duitsland bedraagt de fiscale subsidie 600 mark, in Noorwegen enkele honderden guldens, en in Oostenrijk, althans in het district Wenen, 1400 euro. Zelfs in Japan is de subsidie 'slechts' 12 procent van de aankoopprijs.

Maar directeur F. de Munck van importeur Loumans & Parqui ontkent dat Neerlands gulheid iets te maken heeft met het feit dat milieuminister Margreet de Boer drie jaar geleden al eens een paar weken met de Prius mocht rijden. 'Toen waren de regels al lang vastgesteld. De Prius voldoet gewoon aan heel strenge normen.'

Maar heeft Toyota die subsidie wel nodig? Woordvoerder J. Rosenstein van Toyota Europa: 'De auto is zeker verkoopbaar, ook in landen waar hij geen fiscale concessies krijgt. Maar daar zal hij duurder zijn. Wij vinden het heel goed dat Nederland op deze manier de introductie van een zo nieuwe techniek stimuleert.'

Toyota denkt volgend jaar vijfduizend Priussen in Europa te verkopen, waarvan vierhonderd in Nederland. Maar moet Toyota dan niet juichen om de snel stijgende benzineprijzen? Rosenstein, op zijn qui vive: 'Je weet nooit wat de benzineprijs gaat doen. Maar dertig jaar geleden, tijdens de oliecrisis, gingen de Amerikanen ook plotseling in kleinere auto's rijden.' Dure benzine helpt dus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.