Nederland gaat rentenieren

Nederland ontwikkelt zich de komende jaren tot een renteniersnatie. Dat is het directe gevolg van de economie van de vergrijzing....

door Gijs Herderscheê en Frank Kalshoven

HET LAND van werkbijen, met - volgens TNO Arbeid - de hoogste werkdruk en de hoogste arbeidsongeschiktheid in heel Europa, wordt een land van renteniers. Nijver als ze zijn sparen de werkbijen voor hun oude dag. En als het zover is, gaan ze daarvan rentenieren. Massaal. Want de werkbijen worden samen ouder en ze worden ouder dan vroeger. Tegelijk komen er minder nieuwe werkbijen bij.

Door het grote aantal renteniers dat Nederland vanaf 2040 blijvend bevolkt, verandert het karakter en het beeld van Nederland. De verandering is een geleidelijk proces dat nu wordt ingezet. Wie in 2040 terugkijkt, ziet een metamorfose.

De Nederlandse bevolking van 2000 oogt dan jong. Nu staan er naast iedere gepensioneerde 4,5 mensen van 20 tot 65 jaar. In 2040 zijn dat er waarschijnlijk maar 2,5.

Deze metamorfose heeft duizelingwekkende economische gevolgen. Nu voeren de Nederlandse werkbijen meer uit naar het buitenland dan er wordt geïmporteerd. Het overschot op de handelsbalans wordt geïnvesteerd in het buitenland. Rond 2040 is er zo een buitenslands belegd vermogen opgebouwd van duizenden miljarden guldens.

Dit opgebouwde vermogen is dan de bron van de welvaart van het rentenierende Nederland. De Nederlandse productie is tegen die tijd relatief gekrompen, maar van het vermogen worden - vooral - in het buitenland goederen en diensten gekocht. Het huidige handelsoverschot is omgeslagen in een tekort.

Het werk in Nederland heeft een ander karakter gekregen. Dienstverlening en zorg voeren de boventoon, ofwel: werk aan producten en diensten die niet in het buitenland gekocht kunnen worden.

Dit toekomstbeeld van een renteniersnatie - een land waarin het inkomen groter kan zijn dan de productie door in te teren op opgebouwd vermogen - stijgt op uit het rapport Ageing in the Netherlands dat het Centraal Planbureau deze week publiceerde. Zoals Casper van Ewijk, onderdirecteur van het Planbureau het samenvat: 'We moeten gaan leven van onze spaarcentjes.' Het CPB-rapport behandelt de bedreiging van dit mooie toekomstbeeld - want die is er wel degelijk.

De kern van die bedreiging schuilt in het opgebouwde vermogen. Niet zozeer dat van de particuliere sector; Nederland heeft als een van de weinige Europese landen een enorm pensioenvermogen opgebouwd in bedrijfs- en bedrijfstakpensioenfondsen. Het vermogensprobleem doet zich voor bij de overheid.

Als de werkbijen van nu het huidige niveau van gezondheidszorg en de oudedagsvoorziening AOW willen handhaven, lopen de uitgaven hieraan op van 12 tot 20 procent van het nationaal inkomen. 'Dat betekent dat bij ongewijzigd beleid de belastingen in de toekomst explosief moeten stijgen', zegt Van Ewijk. Tegen 2040 gaat het dan om een bedrag van zo'n 40 miljard gulden. In plaats van te consumeren uit het opgespaarde vermogen, moeten de renteniers er dan vooral extra belasting van betalen.

Het Planbureau heeft bekeken hoe dit kan worden voorkomen en kwam daarbij tot een aantal opzienbarende conclusies. Het gaat daarbij vooral om maatregelen die niet helpen. Nu meer kinderen krijgen bijvoorbeeld, helpt niet. Grootschalige immigratie - een oplossing voor het vergrijzingsprobleem die dit jaar her en der is geopperd - helpt evenmin. En werknemers productiever maken helpt ook al niet. 'Dat zijn uitkomsten die je intuïtief misschien niet verwacht', zegt Van Ewijk.

Blijven twee oplossingen over: ten eerste het bevorderen van het aandeel werkenden in de beroepsbevolking, en ten tweede: het terugdringen van de schuld van de overheid. Deze oplossingen werken wél en kunnen - mits goed en tijdig uitgevoerd - de rentenierende toekomst veilig stellen.

Bij de rekenpartijen is het Planbureau ervan uitgegaan dat de arbeidsparticipatie sowieso zal toenemen. 'Daar zit namelijk nog ruimte', zegt Paul Besseling, hoofd sociale zekerheid van het CPB. 'In Nederland werken minder vrouwen dan elders in Europa. De voortekenen zijn gunstig. Onder jongere vrouwen is de arbeidsparticipatie hoger dan onder oudere vrouwen. We gaan er van uit dat de jonge vrouwen van nu blijven werken als ze ouder worden.'

Maar naast de toename van de arbeidsparticipatie waar het Planbureau al rekening mee houdt, zouden nog meer werkbijen een betaalde baan kunnen zoeken.

Ouderen bijvoorbeeld. In Nederland werken nu veel minder 55-plussers dan in de rest van Europa. Eenderde van de 55-plussers is arbeidsongeschikt en 20 procent van de 55-plussers is met VUT of vervroegd gepensioneerd. De VUT wordt al omgezet in pré-pensioenregelingen waarvoor werknemers individueel moeten sparen. Mogelijk moedigt dat langer doorwerken aan.

Verhoging van de pensioenleeftijd is een optie. 'Maar de kans bestaat dat vakbeweging en werkgevers dat in de pensioenbesturen ongedaan maken', zegt Van Ewijk. 'Maar aan de andere kant krijgen de pensioenfondsen ook de rekening gepresenteerd voor de stijgende levensverwachting. Mensen worden gemiddeld steeds ouder. En over die extra jaren moeten pensioenen worden uitbetaald. Het ligt voor de hand de pensioenleeftijd te koppelen aan de levensverwachting.'

Als de vrouwen aan het werk zijn, en de participatie onder ouderen neemt toe, dan resteren de arbeidsongeschikten. Bij ongewijzigd beleid zijn er in 2020 al 1,25 miljoen arbeidsongeschikten - een stijging met ruim 300 duizend ten opzichte van nu. Een kwart van deze toename ligt aan de vergrijzing en de helft aan de stijging van het aantal werkende vrouwen. 'Maatregelen om de arbeidsongeschiktheid te beperken zijn dubbel effectief', aldus het CPB-rapport, 'omdat ze de belastinginkomsten verhogen en de uitgaven drukken.'

Het toekomstbeeld van de renteniersnatie verandert als Nederland er in zou slagen de arbeidsparticipatie betekenisvol te verhogen. Het straatbeeld in 2040 is anders: meer leden van de beroepsbevolking bevinden zich overdag op hun werk. En de noden van de overheid worden kleiner: die belastingverhoging van veertig miljard gulden zal lager uitpakken. 'Maar het is niet genoeg, en je kunt er ook niet simpelweg op vertrouwen dat het gebeurt', zeg Van Ewijk.

En daarom brengt het Planbureau een tweede geschut in stelling, zwaar geschut: de staatsschuld moet tegen 2040 helemaal zijn afgelost. Dan, en alleen dan, zal een drastische belastingverhoging of uitgavenreductie in de toekomst overbodig zijn. 'Het kabinet moet nu de belastingen verhogen met zo'n 8 miljard gulden.' Daardoor ontstaat de komende tien jaar een financieringsoverschot van 1,5 tot 2 procent van het nationaal inkomen. En dat is weer voldoende om de staatsschuld - nu nog zo'n 450 miljard gulden groot, ofwel dik 50 procent van het nationaal inkomen - tegen de tijd dat de vergrijzingsnood het hoogst is, helemaal afgelost te hebben.

En daarmee staat de verre toekomst van Nederland plots midden in het politieke debat van vandaag. De presentatie van de Miljoenennota, dinsdag, zal in het teken staan van meevallers, hoge groei, en koopkrachtstijging. Op 1 januari worden de belastingen verlaagd, met miljarden tegelijk. En de politieke druk om extra uitgaven te doen is hoog. Toch is het CPB niet somber over mogelijkheden om goed beleid te voren. 'Overschotten moeten gewoon worden. Dat is een mentaliteitsverandering', zegt Besseling. 'Maar dat gaat snel in Den Haag.'

Op het CPB wordt wel met spanning afgewacht of de politiek het zal aandurven om echte keuzes te maken. Je hoort het de politici namelijk al zeggen: 'We laten de staatsschuld voor wat-ie is. We gaan investeren in participatie of investeren in zorg.'

Daar gruwen de CPB'ers van. 'Het woord investeren wordt misbruikt', zegt Van Ewijk. 'Daar krijg ik echt kriebels van.'

Bovendien, de onderzoekers kunnen dit niet hard genoeg zeggen, 'investeren in participatie' is best maar het helpt de overheidsfinanciën niet. 'Afgezien van betere WAO-keuringen is er geen beleidsmaatregel die de participatie bevordert die meer oplevert dan hij kost', zegt Van Ewijk.

Geld uitgeven om de participatie te bevorderen - graag. Maar dan moet wel tegelijkertijd de staatsschuld omlaag.

Ach, verzucht van Ewijk. 'We moeten accepteren dat we oud worden met z'n allen. En daar moeten we voor sparen.' Zodat de werkbijen tegen 2040 met een gerust hart kunnen rentenieren.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden