Nieuws Syrië

Nederland financiert lokale verkiezingen in Syrisch rebellengebied

Gemeenteraadsverkiezingen in Harasta.

Met een bijdrage van 3,6 miljoen euro uit Nederland worden gemeenteraadsverkiezingen georganiseerd in oppositiegebieden in Syrië. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft de aard van dit project tot nu toe stilgehouden.

De eerste vier verkiezingen vonden vorig jaar plaats in de toenmalige rebellenenclave Oost-Ghouta, die in april 2018 is heroverd door troepen van de Syrische president Bashar al Assad. De gekozen gemeenteraden zijn daarom na korte tijd noodgedwongen weer opgeheven. ‘Dit was het waard, want deze mensen hebben heel even in vrijheid geleefd,’ zegt Fadi Dayoub, uitvoerend directeur van de Syrische hulporganisatie LDSPS. ‘Ik ben ervan overtuigd dat het zich in iets goeds zal vertalen.’

LDSPS krijgt van het ministerie van Buitenlandse Zaken in totaal 3,6 miljoen euro, waarvan tot dusver 1,2 miljoen euro is uitbetaald. ‘Het was een moedige beslissing van Nederland om ons te subsidiëren’, zegt Dayoub. LDSPS krijgt ook subsidie uit Zweden, Zwitserland en Frankrijk, maar bij de start in 2016 was Den Haag de belangrijkste geldschieter. In Oost-Ghouta moest het project worden gestopt, maar elders in Syrië loopt het nog tot oktober 2019.

De gemeenteraadsverkiezingen kregen in Syrië de nodige aandacht, want het was de allereerste keer dat inwoners lokaal naar de stembus konden. Maar de rol van Nederland was tot nu toe onbekend. Begin dit jaar is weliswaar aan de Tweede Kamer gemeld dat 3,6 miljoen beschikbaar is voor LDSPS – dit staat in een tabel in een bijlage van een Kamerbrief – maar niet dat hiermee in Syrië verkiezingen worden georganiseerd.

‘De berichtgeving over steun aan LDSPS gebeurt in algemene zin, dus niet in specifieke’, stelt een woordvoerder van Buitenlandse Zaken desgevraagd. ‘We spreken dus over capaciteitsopbouw, versterking en ondersteuning van lokale raden in oppositiegebieden. Deze wijze van berichtgeving past bij onze bredere inzet in Syrië op het gebied van stabilisatie en de communicatie daarover.’

Gevlucht uit Oost-Ghouta

De medewerkers uit Oost-Ghouta zijn inmiddels gevlucht naar andere delen van Syrië. Daar houden zij zich nu opnieuw bezig met het ondersteunen van lokale raden en uiteindelijk het organiseren van verkiezingen, aldus Dayoub. ‘De val van de Oost-Ghouta is een onderbreking, we verliezen een gebied, maar de droom blijft bestaan.’ Buitenlandse Zaken zegt dat het de situatie ter plaatse ‘grondig monitort’.

Syrische gemeenteraden spelen sinds het begin van de opstand overal in oppositiegebieden een belangrijke rol bij praktische zaken als het regelen van water, elektriciteit en het ophalen van vuilnis. Ook vormen ze een buffer tussen de bevolking en gewapende strijdersgroepen. Het Zwitserse onderzoeksbureau Swisspeace stelde vorig jaar dat de lokale raden kampen met problemen, maar dat dit de enige vorm van maatschappelijk bestuur is die niet bij voorbaat wordt afgewezen door de bevolking.

De Tweede Kamer heeft de afgelopen maanden herhaaldelijk gevraagd om meer openheid over hulp aan de oppositie in Syrië. De Nederlandse bijdrage aan de Vrije Syrische Politie, een wijkpolitie in rebellengebied, is eind 2017 kortstondig opgeschort nadat de Britse omroep BBC deze organisatie had beschuldigd van samenwerking met jihadisten. De aantijgingen bleken ongegrond. Vorige week maakte de Verenigde Staten bekend dat ze, na een aanvankelijke onderbreking, de Witte Helmen blijven steunen, een organisatie van reddingswerkers waaraan Nederland tot dusver ruim 11 miljoen euro heeft bijgedragen.

Syrische democratie-activist: ‘Door de verkiezingen heeft Oost-Ghouta even aan vrijheid geroken’

Lokale verkiezingen in een land verscheurd door geweld, in steden waar de bewoners nooit eerder naar de stembus zijn geweest. Het gebeurt in Syrië, mede door steun uit Nederland, vertelt Fadi Dayoub, drijvende kracht achter het project.

Meer over