Natuurlijk misverstand

We vervreemden van de natuur, maar we zweren er wel bij. ‘Natuurlijk’ is het beste verkoopargument...

Jazeker, Soufian (14) en Ismaël (13) weten heus wel wat natuur is. ‘Natuur is alles wat om je heen groeit wat de mens niet heeft gemaakt’, zegt Soufian. En Ismaël weet dat er ‘heel veel levende organismen’ in de natuur zijn. Trouwens Nesrine (8) kan ook perfect over de natuur vertellen: ‘Natuur is dieren en het is groen, er zijn heel veel bladeren en het is vaak best nat.’ En zielig, want natuur is ook ‘dat er van die kleine dieren worden opgegeten’.

Maar Ismaël en Nesrine komen wel vaker in het bos. Voor hun zijn de spelletjes van het buitenspeel-programma Natuursprong misschien wel overbodige luxe. Voor heel veel andere kinderen die in hun herfstvakantie in het Bredase Mastbos rondlopen, is het dat absoluut niet, benadrukken de vertegenwoordigers van Staatsbosbeheer, Jantje Beton en het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB). Die kennen het bos hooguit als obstakel in een computerspel of als iets wat ze op tv hebben gezien. Daarom propageren deze drie organisaties het bos als natuurlijke speelruimte in het project ‘Natuursprong. Spelen tot je groen ziet’, dat vrijdag 17 oktober werd gelanceerd.

Het lijkt zo normaal: je gaat met kinderen het bos in en ze gaan los. Niet dus. Meer dan de helft van de jongeren gaat nooit naar een natuurgebied, park of dierentuin, blijkt uit de brochure Vrij spel voor het speelbos van Stichting Recreatie, Kennis en Innovatiecentrum en Staatsbosbeheer. In stedelijke woonomgevingen is steeds minder groen en de bestemming voor een familie-uitje is eerder een outlet-village of een pretpark, dan een bos of natuurgebied. Voor een groot deel van de kinderen die vandaag hier zijn, is het de eerste keer dat ze in een bos zijn.

En dan blijkt dat ze vaak ook helemaal niet weten hóe ze moeten spelen in het bos. Daarom zijn er nu zo’n veertig ‘speelbossen’ in Nederland: terreinen van 4 tot 12 hectare in een bestaand bos die zo zijn ingericht dat kinderen worden uitgenodigd tot het verkennen van de natuur. In het Mastbos is een heuvel met een ondiepe gracht eromheen, waar takken liggen om dammen mee te bouwen. Verderop is een waterplas met een pomp. Er zijn hutten, klimbomen, er zijn speeltoestellen van natuurlijke materialen zoals een wip van een boomstam over een greppel.

Het zou niet moeten hoeven. Maar als kinderen niet het bos in durven, omdat ze bang zijn een beer tegen te komen, ze een eekhoorn voor een klimmende hond aanzien, en ouders een claim indienen wanneer hun kind een pols breekt als het struikelt over een boomwortel, of stomverbaasd zijn als blijkt dat ze gewoon gratis op elk moment van de dag (en nacht) het bos in kunnen, dan mag de natuur – of in elk geval de natuurbeleving wel een handje worden geholpen.

Terwijl er toch niets zo mooi en zo goed voor ons is als de natuur. Vier jaar geleden onderzocht de Gezondheidsraad de bestaande studies naar de invloed van natuur op sociaal, psychisch en lichamelijk welbevinden, en kwam tot de conclusie dat voldoende aannemelijk was gemaakt dat contact met de natuur een gezondheidsbevorderende invloed heeft. Ziekenhuispatiënten met uitzicht op bomen bleken sneller te herstellen dan patiënten met uitzicht op een muur en ze hadden minder en minder sterke pijnstillers nodig. Blootstelling aan de natuur bleek ook een positieve invloed te hebben bij stress en aandachtsmoeheid. Kinderen met ADHD bleken beter te functioneren als ze in een natuurlijke omgeving hadden gespeeld.

Hield de Gezondheidsraad nog enige slagen om de arm, in de voedings- en cosmetica-industrie kan het niet natuurlijk genoeg zijn. ‘Puur natuur’ is het allerbeste verkoopargument, want wat de natuur ons geeft, is goed en gezond. ‘We zijn niet gerust op wat de agribusiness en de levensmiddelenindustrie allemaal met ons eten doen en daarom willen we natuurlijke levensmiddelen zonder chemische ingrediënten’, schrijft hoogleraar voedingsleer aan de Vrije Universiteit van Amsterdam Martijn Katan in zijn boek Wat is nu gezond?.

Wandel een supermarkt binnen en de yoghurt is er ‘natuurlijk lekker’. De pakken met soep schreeuwen om het hardst dat ze geen kunstmatige geur-, kleur- en smaakstoffen hebben. Snoepjes zijn gemaakt ‘zoals de natuur het bedoeld heeft’.

Crèmes, badoliën en douchegels met namen die regelrecht naar de natuur verwijzen, zitten boordevol plantenextracten en zijn volgens ‘natuurlijke formules’ samengesteld met ‘ingrediënten uit de natuur die hun waarde door de eeuwen heen heben bewezen’. Natuurlijk ook kleurstof- en conserveermiddelvrij, volgens de verpakkingen – wat heus niet betekent dat er helemaal geen chemische bestanddelen in zitten, want producenten zijn inventief in selectief informeren. (Zie ook kader.) En er wil ook nog wel eens een synthetisch aromatisch azokleurstofje doorheen glippen, blijkt wanneer dermatoloog en chemicus Folkert Blok de ingrediëntenlijst bekijkt. Zo bevat de badolie van een drogisterijketen de stoffen CI 42090 (Brilliant Blue) en CI 19140 (Acid Yellow 23, ook wel tartrazine of E102).

Het is een natuurlijk misverstand dat zich hier etaleert, illustratief voor een samenleving die zich zo ver van de natuur vervreemdt, dat er projecten nodig zijn om kinderen in het bos te leren spelen. Chemie is niet per definitie onnatuurlijk en ongezond, en natuur is niet vanzelfsprekend gezond. Natuur kan zelfs reuze ongezond zijn.

Vingerhoedskruid werd gebruikt als medicijn tegen hartritmestoornissen, maar is bij verkeerd gebruik hartstikke dodelijk. Wolfskers, bijgenaamd bella donna, omdat je met een druppeltje sap van die mooie grote ogen krijgt, is ook geen ongevaarlijk goedje. Maar ook aloë vera, ruimschoots vertegenwoordigd in huidsmeersels, is lang niet zo onschuldig. Bij langdurig en veelvuldig inwendig gebruik kan het leiden tot darm- en maagkrampen. En het geliefde arnica, ofwel valkruid, kan bij inwendig gebruik irritatie van maag- en darmslijmvlies opwekken.

‘Dosis sola facit venenum’ (de dosis bepaalt of iets een gif is) was de lijfspreuk van de Zwitserse arts Von Hohenheim (1493-1541), beter bekend als Paracelsus. ‘Puur natuur’ is niet zonder meer goed voor ons. Sterker nog, in puur natuur zouden we niet overleven. De natuur die in onze samenleving goed voor ons is, is compleet gedoseerd naar menselijke maat in comfortabele groenstroken en veilige speelbossen of recreatiezones. Wat natuurlijk gezond voor ons is, groeit niet aan de boom en komt niet direct uit de koe, maar wordt eerst bewerkt en geschikt gemaakt voor veilige consumptie. Zelfs onze opvatting van gezondheid heeft niets meer met natuur te maken. Biologisch gezien hebben wij als mensen na ons 40ste levensjaar weinig betekenis meer, betoogt Martijn Katan in Wat is nu gezond?. Dan hebben we ons voortgeplant en zijn de kinderen volwassen en zelfstandig. Het gezondste wat we dan nog kunnen doen, is een natuurlijke dood te sterven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden