'Natuurlijk heb ik een schuldgevoel'

Een on-Gijpiaans zwaarmoedig gesprek met de doorgaans luchtige voetbalanalist, die het afgelopen jaar zijn vriendin verloor en er een zoon bijkreeg. 'Het beste is eraf.'

Beeld Pablo Delfos

René van der Gijp is pas geleden in Eurodisney geweest. 'Zo ongeveer het verschrikkelijkste wat je een mens kunt aandoen.' Haalt diep adem: 'Lieve schat: ik wist niet wat ik zag. Ik heb er ook twee nachten geslapen. Al meteen had ik door dat al die ouders een afspraak hadden gemaakt: we zijn hier niet voor onszelf, maar voor de kinderen. We cijferen ons volledig weg. Dus die ouders waren terneergeslagen, hè. Want je loopt langs allemaal vreemde attracties en je ziet allemaal vreemde types in rare pakken - er is niks voor jou bij. Zelfs het eten is niet om naar binnen te werken, dus daarvoor hoef je ook niet te gaan.

'De bekende hoge schaterlach: 'Maar weet je wat nou zo leuk is, lieve schat: die kinderen raken van zulke ouders ook uit hun doen. Van de 400 man die zaten te eten in zo'n zaal hadden er 380 ruzie. Het was nog net geen vechten. Die vaders werden he-le-maal gek.' In één moeite door: 'Wat wel bijzonder was in dat park: je moest zelfs je armband afdoen om te laten zien dat er niks inzat.'

CV René van der Gijp

4 april 1961, geboren in Dordrecht.
Voetbalcarrière
1976 gescout bij Sparta
1978 Rechtsbuiten bij Sparta
1982 KSC Lokeren
1984 PSV, twee keer landskampioen
1987 Neuchâtel Xamax, twee keer landskampioen
1988 FC Aarau
1989 Sparta
1990 SC Heerenveen

Interlands
Speelde tussen 1982 en 1987 15 keer voor het Nederlands elftal. Twee keer gescoord.

Tv-optredens
In september 2008 werd hij een van de drie vaste analisten bij het programma Voetbal International, tegenwoordig Voetbal Inside.
Voetbal International won in 2011 de Gouden TelevizierRing.

Boeken
Gijp (2012), geschreven door Michel van Egmond.
De wereld volgens Gijp, eveneens geschreven door Michel van Egmond, verschijnt 13 september bij uitgeverij Voetbal Inside.

Burgerlijke staat
Van der Gijp woont samen met zijn zoon Nicky (15) in Dordrecht. Hij heeft nog een zoon, Sanny (25), uit een eerdere relatie.

Voor de veiligheid.

'Ja. En nou komt het: ik heb alleen maar mensen gezien die daar boos om werden. Die hun tas niet wouwen openen want: 'Dit is al de derde keer vandaag.' En ik dacht: hoe kom je aan de mazzel, jongen? Dat je zeker weet dat er op zo'n park niks kan gebeuren, met alles wat er aan de hand is in de wereld? Natuurlijk sta je effe twintig minuten in de rij.' Stemverheffing: 'Dat Nederlanders in het hotel hele discussies aangingen dat ze zich van hun Vrijheid-Beroofd-Voelden - dat vond ik zoooo apart.'

Hij groet een van de blonde serveersters in de Rotterdamse Harbour Club, zijn stamrestaurant: 'Alles goed, lieffie?'

Jij wilde nooit op vakantie.

'Nee, dan voel ik me een soort... Onthand. Dan ben ik al mijn zekerheden kwijt. Mijn autootje, mijn huisje, mijn koffiezetapparaatje. De dingen waarop ik mijn heel kleine wereldje baseer. Dat is al zo klein, en dan valt alles daaromheen ook nog eens weg, weet je wel.'

De anekdote over Eurodisney is een lichte episode in een on-Gijpiaans zwaarmoedig gesprek. In zijn vroegere leven was het ondenkbaar geweest dat de voetbalanalist en voormalig rechtsbuiten ooit één voet in een overbevolkt pretpark had gezet. Maar dat was voordat zijn 47-jarige vriendin Daniëlle 's nachts, in haar eigen woning, overleed aan een maagbloeding. Voordat René van der Gijp hun 15-jarige zoon Nicky resoluut meenam naar zijn Dordrechtse bungalow, een minuut rijden verderop. Om voor het eerst met hem onder één dak te gaan wonen.

Het verhaal over die onbevattelijke ochtend, nadat hij een beangstigend telefoontje van Nicky had gekregen, vertelt Van der Gijp ogenblikkelijk bij binnenkomst in het restaurant, struikelend over zijn woorden. 'Ik kwam daar aan en zag dat mannetje op de bank zitten, totaal reddeloos, hij had zijn moeder nog proberen te reanimeren. De avond daarvoor had ik met Daniëlle naar Humberto Tan gekeken. Dat iemand dan zes uur later in een zak in een zwarte auto wordt gestopt, dat is krankzinnig. Dat je de begrafenisondernemer belt en iemand is binnen vijf minuten het huis uit en komt er daarna ook nooit meer in: krankzinnig.'

Die avond ervoor merkte je niks aan haar?

'Niet meer dan anders. Kijk: ik weet dat Daan te veel dronk, te veel rookte en te veel medicijnen nam, maar ik had nou echt niet het idee dat dit het gevolg zou zijn. Ik dacht dat je het nog wel tot je 60ste vol kon houden als je zeventig sigaretjes per dag rookt en je drinkt een behoorlijk Bacardietje-cola en je neemt er ook nog een handjevol pijnstillertjes bij. Maar 47 is wel jong. Nee, dit had ik niet verwacht. Ik vond wel dat ze er slecht uitzag. En ik vond ook best dat ze wat meer met haar leventje mocht doen.'

Ze zat veel thuis, de laatste jaren.

'Alleen maar. Niet veel puf. Niet veel ambitie. Buren die om zeven uur 's ochtends met de kinderen de deur uitgingen: dat vond ze maar knap vermoeiend. Maar ik kon daar zo moeilijk wat van zeggen, hè. Als ik nou het toonbeeld was van iemand die de hele dag in het park liep te strekken en te rekken en mezelf had aangesloten bij allerlei gezondheidsclubs om elkaar in apps te vertellen wat je moet eten - maar daar hoor ik niet bij. Ik was niet het voorbeeld om te zeggen: goh, drink wat minder.'

Eigenlijk wilde hij geen vervolg op Gijp (2012), met 360 duizend exemplaren vermoedelijk het best verkochte Nederlandse sportboek aller tijden. Een succes waarover de hoofdpersoon zelf trouwens nog steeds niet is uitgelachen: 'Het is geen Hemingway, hè. Het is gewoon een leuk opgeschreven verhaaltje.'

En toen was er ineens geen Daniëlle meer. 'Er is iets heel ergs gebeurd', belde hij, bijna onverstaanbaar, huisschrijver Michel van Egmond. Op 13 september verschijnt De wereld volgens Gijp, een onweerstaanbaar grappig en hartverscheurend relaas over het oude en het nieuwe leven van het mediafenomeen.

Je hebt nooit tegen samenwonen gekund, maar met Nicky gaat dat erg goed.

Gijp-zinnetje: 'Ja prima, joh. Echt waar. Gaat echt prima.'

Hoe komt het dat het nu wel lukt?

'Geen flauw idee. Mensen zeiden tegen me: 'Ineens een kind in huis, wat een verandering voor je. Goh, een opoffering. Zeker wel apart, hè?' Lieve schat, die gedachten hebben geen seconde door mijn hoofd gespeeld, werkelijk geen seconde. Ik hield natuurlijk erg veel van zijn moeder, dus ten opzichte van haar is het de normaalste zaak van de wereld. Soms merk ik aan hem dat hij denkt: hij zal er toch ergens wel moeite mee hebben dat ik er nu ben, er zal toch wel íets zijn? Dan vraagt hij of ik het naar mijn zin heb, ofzo. En dan zeg ik: 'Prima man. Hoezo niet?'

'Ik heb het gevoel dat die kleine denkt: er is iets verschrikkelijks gebeurd, maar ik heb het toch wel erg naar mijn zin nu. Nicky gaat naar wedstrijden van Feyenoord, hij doet het goed op school, hij heeft zijn kamer, zijn spullen, onze honden om zich heen, en hij weet wat hij wil: voetbalcommentator worden.'

Jullie schijnen behoorlijk op elkaar te lijken.

'Ja, hij heeft hetzelfde als ik. Dat zei Daan ook altijd: als Nicky naar Feyenoord is geweest en hij komt om zes uur thuis, gaat hij naar bed. Dan heeft-ie genoeg prikkels gehad. Dan gaat-ie niet nog eens naar buiten, met vriendjes spelen. Dan is het leuk geweest voor die dag.'

Ineens: 'Wat wel zielig is... Die kleine van mij, die maakt me elke ochtend wakker, hè. Ik weet donders goed wat hij doet. Hij is bang. Nicky is bang dat ik ook niet wakker word. Hij wil naast me slapen. Vijf maanden slaapt hij nu naast me. Gaan we wel een eindje aan maken, over een maandje of drie. Maar laatst zei hij tegen me: 'De eerste twee nachten heb ik klaarwakker naast jou gelegen, en alleen maar naar je ademhaling liggen luisteren.''

Hij transpireert.

Voor Nicky in huis kwam, bracht de oud-profvoetballer zijn leven liefst liggend op de bank door, afgeschermd in zijn veilige, rustige, smetteloze huis. De nacht kon hem niet lang genoeg duren. Eindeloos naar voetbalbeest George Best kijken, zowel zijn fabuleuze doelpunten als zijn dronken interviews, drie keer achterelkaar dezelfde aflevering van DWDD afspelen en zappen naar een documentaire over krabvissers op de Beringzee als de prikkels van de talkshows hem teveel werden. Na zijn beroemde depressie in 2012 ('mijn inzinkinkje'), toen zijn 'bolletje even overliep' van alle aandacht en druk, zakte zijn tempo nog iets verder in. Alleen niet op televisie. In het programma Voetbal Inside is hij altijd de typische rechtsbuiten gebleven. Schitterend met onverwachte acties, naast aangever Wilfred Genee en de sloper op het middenveld, Johan Derksen. De schaterlachende Gijpie: razend populair vanwege zijn overdrijvingen en geheel eigen observaties en typeringen. 'Arjen Robben raakt al geblesseerd als-ie iets te hard zijn tandjes poetst.' En: 'Louis van Gaal praat tegen volwassen mensen alsof ze allemaal nog een luier omhebben.'

De eerste twee nachten heb ik klaarwakker naast jou gelegen, en alleen maar naar je ademhaling liggen luisteren.'

Nicky, stiefzoon van Van der Gijp

Je was altijd een zondagskind.

'Nou, ik denk wel dat het beste eraf is. Zes jaar geleden kon ik nog zeggen: er zit daarboven iemand die het wel heel erg goed met mij voor moet hebben. Maar na wat ik de afgelopen twee jaar heb meegemaakt, denk ik: het is nu begonnen. Het gaat nu gebeuren! Ze zijn nu los.'

Ze?

'Weet ik veel. Ze denken: die zullen we eens een paar keer een draai om zijn oren geven. Het is van start gegaan.'

Beeld Pablo Delfos

Waarom moet je daarom lachen?

'Omdat ik er totaaaaal niks aan kan doen. Omdat ik niet denk dat ik het uit kan zetten. Johan zei ook tegen mij: 'Voor je 55ste kom je iedereen in het café tegen. En na je 55ste op begrafenissen.'

In de afgelopen twee jaar kreeg en overwon zijn oudste zoon Sanny lymfeklierkanker, verloor hij Daniëlle en stierf een paar maanden later zijn moeder.

Waarom hield je zo van Daniëlle?

'Hoe moet je dat zeggen. Ik denk dat als zij een man was geweest, ik ook met haar was omgegaan.'

Wat voor eigenschappen heeft een vriend van jou?

'We moesten om dezelfde dingen lachen. We verbaasden ons over dezelfde dingen. Zij was ook geen ruziemaker. We hadden allebei een vrij gemakkelijke kijk op het leven. Zo van: laten we het maar een klein beetje gezellig maken in die periode dat we hier zijn. Laten we het maar een beetje proberen te versimpelen. En maar hopen dat we niet al te veel idiote hobbels tegenkomen. Proberen het gedoe van het leven te halen. Het gedoe dat je vaak zelf veroorzaakt. Daan was iemand die eigenlijk dezelfde manier van praten had als ik. Ze had totaal, totaal niet de neiging om iemand anders proberen te overtuigen van iets waarvan zij dacht: dat zou je eens moeten doen. We konden gewoon broers zijn.'

Vond ze het moeilijk dat jij andere vriendinnen had?

'Nee.'

Dat jij het niet kon opbrengen met haar en Nicky samen te wonen?

'Helemaal niet. Ze vond het prettig als ik kwam, maar was ook dolblij als ik weer weg was. Dan was er ook niemand die naar haar keek. Want ze had natuurlijk best door dat ik in de gaten had dat het niet lekker ging. Ik had niet het idee, als ze me stond uit te zwaaien bij de deur, dat ze dacht: was nou nog maar vijf minuten langer gebleven.

'De afgelopen drie jaar vond ik haar hard achteruit gaan. Daan verzorgde zichzelf niet meer, maakte zich niet meer op. Ik hoorde van vriendinnen dat ze belde: 'Ik ben op.' Ze had ook nog een zoon van 25 thuis wonen, uit een andere relatie. Zo'n ventje nam net zo makkelijk drie andere volwassenen van 30 mee om Japanse spelletjes op de televisie te spelen, waar je na vijf minuten luisteren al van stuitert. En zij moest dat zeven uur achter elkaar aanhoren. Daan had veel moeite op de rem te trappen. Omdat ze bang was ook maar iemand tekort te doen. Haar moeder, haar kinderen, mij.'

Maar het is toch gek, om tegen je 47ste op te zijn.

'Da's gek ja. Ik had een appartement in Scheveningen gekocht, ook voor haar. Als ik Daan daar belde stond ze te zuchten: de ramen moesten nog gezeemd worden, de koelkast was uitgevallen, de auto stond te ver weg, het stond op het punt te gaan regenen... Dan dacht ik: kom op dan! Godver, kom op man!'

Niks meer willen en kunnen: uitgerekend jij wist toch wel waar dit op duidde?

'Tuurlijk herkende ik dat wel. Nu zeg je: had d'r in d'r nekvel gepakt en was naar een psychiater gegaan. Maar wat gaat die psychiater zeggen? Ja mevrouw, koop een flipperkast, gaat-iets-doen. Probeer er een beetje schwung in te krijgen.'

En hij schrijft pillen voor: de psychiater heeft jou ook weer op de been gekregen.

'Ik probeerde het op mijn manier, door haar naar Scheveningen te brengen, want ze durfde zelf niet meer door tunnels te rijden, haar uit eten te nemen, naar de Jumbo mee te gaan. Om te zorgen dat ze het een beetje naar haar zin had. Ze kreeg wel erge paniekaanvallen. Je kon met Daan niet meer naar de H&M ofzo. Binnen twee seconden kwam alles op haar af.

'Maar kijk: ze voelde zich vrij nutteloos. Weet je lieffie, ik heb weleens bij mezelf gedacht: ik heb het natuurlijk ook gefaciliteerd, hè. Door haar bij mij op de loonlijst te zetten, een huis te kopen, alles te betalen. Dan is er ook weinig drang meer om iets te gaan doen.'

Jij maakte ook gebruik van haar zorgzaamheid.

'Altijd. Ik ging er ook elke dag even eten.'

En je deed een groot beroep op haar toen je zelf depressief was.

'Absoluut. Toen ben ik daar ook drie maanden in huis geweest. Weet je: ze zat gewoon te goed in mekaar, joh. Extreem goed. Ze liet helemaal over zich heen lopen.

'Natuurlijk heb ik een schuldgevoel. Allemaal mensen zeggen nu tegen me: dat schuldgevoel moet slijten. Maar ik hoop niet dat dat schuldgevoel weggaat.'

Jij vindt het eigenlijk wel goed dat je dat schuldgevoel hebt?

'Ik vind het eigenlijk wel prettig, ja. Ik moet dat koesteren.'

Als een soort straf?

'Nou nee, maar... Die ochtend, toen Daan net was weggedragen, zei iedereen: 'Hoe-ist-mogelijk. Hoe-ist-mogelijk.' Haar moeder, de kinderen, vriendinnen. Toen zei ik: 'Ik heb nou niet het idee dat jullie enig besef hebben wat hier aan de hand was. Wij zijn er mede debet aan dat iemand op 47-jarige leeftijd is weggedragen. We hebben enorm hard op het gaspedaal getrapt om haar zover te krijgen. Het is iemand van wie we zoveel mogelijk hebben geprobeerd te profiteren. Dit is het uiteindelijke resultaat.'

Zachter: 'Ze durfden niets te zeggen, maar er zaten er geloof ik wel een paar aan tafel die dachten: ja, daar zit wel iets in.'

Stilte. 'Ze heeft langzaam zelfmoord gepleegd.'

Dan: 'Zonde man.'

Je omgeving was verbaasd over de kordate manier waarop je alles hebt aangepakt. Iedereen dacht: René bezwijkt, maar je huurde meteen een woning voor de andere zoon van Daniëlle en nam Nicky gelijk in huis.

'Ik vind het erg leuk om dingen te doen waarvan ik weet: dit is de oplossing. Maar het is in het leven ook pappen en nathouden. Dat vind ik vreselijk. Zoals het ging bij mijn moeder: daar was geen oplossing voor. Mijn moeder kon het leven niet aan. Die was ervan overtuigd dat de hele flat probeerde haar post uit de brievenbus te halen als de postbode was geweest. De belastingdienst, de ING, ze kon het allemaal niet verhapstukken. De verhouding tussen mijn vader en haar was geen man-vrouwverhouding, maar man-kind. Mijn vader deed alles in huis. Hij maakte schoon, haalde boodschappen.

'En toen viel-ie weg, die ouwe, en ik weet honderd procent zeker dat mijn moeder het de normaalste zaak van de wereld had gevonden als ik met haar hetzelfde had gedaan als met Nicky.'

Beeld Pablo Delfos

Haar in huis nemen.

'Dat was voor mijn moeder het enige logische.' Droog: 'Dat heb ik dus niet gedaan.'

Maar alles wat je daarna voor haar deed, was dus nooit genoeg.

'Ja, wel vervelend. Ik was er elke dag, eten maken, boodschappen doen. Ik ben enig kind. Mijn moeder is zes jaar lang krankzinnig bang geweest om alleen dood te gaan. Ze belde me om tien uur 's avonds: kom je? Maar om tien over drie 's nachts ging ik wel weer weg. Dan zei ze: 'Ik ga wel opzitten, ga jij in mijn bed liggen.' Ze wilde gewoon niet dat ik vertrok. En lieve schat, het leuke is: mijn moeder weigerde structureel alle andere hulp. Dus, nou ja.'

Dus je draafde telkens op.

'Weet je wat het is: je kunt over dit soort dingen beter maar niet te veel nadenken. Beter maar gewoon doen. Dat is wel het handigste. Niet hele avonden over nadenken.'

Een echte Gijp-wijsheid.

'Ik ging wel dertig keer met haar voor een gehoorapparaat naar Hoorcomfort. Zei zo'n meisje. 'Maar ze wil helemaal geen gehoorapparaat.' Zei ik: 'Dat weet ik ook.'

Slok water. 'Maar ik heb altijd van dat soort eigenaardig-heden gedacht, of ze nu van mijn vader of mijn moeder of van Daan waren: die eigenaardigheden zijn voor hunzelf vaak vervelender dan voor mij. Ik had er even last van, maar dat was het dan ook.'

Jouw ouders hadden paniekstoornissen. Wat heb je daarvan geërfd?

'Zij hadden erge paniekstoornissen. Ik heb het in iets mindere mate. Dat je opeens heel nerveus wordt. Dat je het gevoel hebt dat je weg moet.'

Vóór je depressie dacht jij altijd: je komt nooit van het ene op het andere moment in het gesticht. Dat gaat geleidelijk. Daar ben je van teruggekomen.

'Van de ene op de andere dag kan je hele bovenkamer met je aan de haal gaan. En dat is een angstig idee.'

Ben je daar de afgelopen tijd bang voor geweest?

De schaterlach: 'Ja, natuurlijk. Natuurlijk! Lieve schat: je kunt het niet uitzetten. Je kunt gewoon niet...'

'Ik heb veertien dagen bij mijn moeder aan het sterfbed gezeten. Het enige waar je bij zo'n mensje nog naar zit te kijken, is of ze blijft ademen. Constant let je op haar adem-haling. Soms moest ik naar buiten, omdat ik ging hyperventileren. Zo ademde ik met haar mee. Het is wel tien keer gebeurd dat mijn nichtje zei: het is voorbij. En dan was ze er ineens weer. 's Nachts kwam er terminale zorg, maar ik kon amper slapen omdat ik niet meer in mijn eigen ademhalingsritme kon komen.

'Mijn moeder had niks vastgelegd. Dat mensje heeft acht dagen te lang geleefd. Ze is door alles heengegaan. Hallucineren. Op zaterdag om kwart voor vier herkende ze iedereen nog. Om vier uur niemand meer. Ze is in branden geweest, ze heeft in kasten gezeten, ze is in gevechten geweest. Het is twee weken op een mensenleven, maar nee, bah.'

Onbehaaglijke blik in de donkergroene ogen.

In het boek zeg je: 'Eerlijk gezegd ben ik steeds vaker een beetje klaar met de hele dag René van der Gijp uithangen.'

'Dat is zo. Ik vind het tijd worden dat ik eens rekenschap ga geven van bepaalde dingen in mijn leven, dat ik afscheid ga nemen. Ik heb twee auto's op mijn erf staan. Ik koop geen nieuwe meer.'

Je had er vijf, waaronder een Porsche Panamera.

'Ja. En als ik 60 ben, doe ik die ene weg en rij ik die andere op.'

Was Nicky eigenlijk een groot geluk bij een groot ongeluk?

'Dat was een omslag. Hij is in deze tijd absoluut mijn redding. Ik ga hem niet opschepen met mijn twijfel of het leven wel ergens over gaat. Dat het allemaal niet serieus is. Zijn leven gaat duidelijk wel ergens over. Dat heeft wel degelijk zin. Dat is wel degelijk een serieuze zaak.'

Meteen daarop, de lach kruipt alweer in zijn stem: 'Ik blijf natuurlijk ook degene die ik ben. Gisteren moest ik voor de woningstichting van mijn moeder een papier invullen, dat ik nu de contactpersoon ben. Ik schreef haar oude adres en naam op: Adriana van der Gijp-Faasse. Nieuw adres, stond er. 'Waarom vult u dat niet in?', vroeg die man. Ik zeg: haar nieuwe adres is de Essenhof, het crematorium, daar woont ze nu. Op welk nummer weten we nog niet. Maar dat gaan we binnenkort regelen.'

Hoge schaterlach.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden