Natuurgeloof kan je niet eten

Wetenschap en technologie spelen een steeds belangrijkere rol in de samenleving. Toch signaleert P. Miedema ten aanzien van de voedselproductie een groeiende beweging die de wetenschappelijke verworvenheden wantrouwt en afwijst....

BIJNA ongemerkt is er in Nederland en enkele andere Europese landen een nieuwe religieuze stroming ontstaan, het natuurgeloof. Het geloof dat alles uit de natuur goed en gezond is, terwijl de producten van technologie en industrie slecht zijn. De aanhang van deze stroming is nog beperkt, maar zij vertoont een duidelijke groei.

De nieuwe levensfilosofie omvat een groot aantal aspecten van het dagelijks leven. Voorbeelden zijn natuurgeneeswijzen, biologische landbouw, natuurontwikkeling, natuurstroom, je kunt zelfs beleggen in groene aandelen. Dit artikel beperkt zich tot natuurgeloof bij de voedselproductie.

Het nieuwe geloof kan worden beschouwd als een vertraagde reactie op de chemische milieuvervuiling die in de zestiger en zeventiger jaren ernstige schade toebracht aan de natuur. Deze vervuiling werd ten dele veroorzaakt door chemische bestrijdingsmiddelen in de landbouw.

Intussen heeft intensief chemisch onderzoek geleid tot minder toxische bestrijdingsmiddelen die snel worden afgebroken; ook wordt op grote schaal gebruik gemaakt van milieuvriendelijke biologische mehoden. Ondanks deze verbeteringen is bij een deel van het publiek het idee blijven hangen dat er gevaren dreigen. Dit komt vooral tot uiting bij de houding ten aanzien van ons voedsel. Men is bang voor effecten van conserveermiddelen, kleurstoffen en bestrijdingsmiddelen. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat hieraan, dankzij de strikte regelgeving, geen risico's zijn verbonden. Maar de wetenschap wordt gewantrouwd.

Het geloof in vooruitgang door wetenschap en techniek lijkt te zijn omgeslagen in een anti-wetenschappelijke houding. Een sprekend voorbeeld is een van de jongste takken van de natuurwetenschap, de biotechnologie. Wijs geworden door ervaringen in andere wetenschappen hebben de biotechnologen vanaf het prille begin maatregelen genomen tegen eventuele risico's van hun werk. Die zijn beperkt en kunnen goed onder controle worden gehouden. De biotechnologie is bovendien onderworpen aan strenge regelgeving van de overheid.

De moderne biotechnologie heeft geleid tot belangrijke toepassingen op allerlei terreinen. Biotechnologische geneesmiddelen en industriële productieprocessen werden zonder problemen ingevoerd. Toepassing van biotechnologie in de landbouw stuitte echter op fel verzet. Onder aanvoering van de milieubeweging werd er allerlei onheil voorspeld, gevaren voor de natuur en risico's voor de gezondheid.

Dit onheilsgeloof werd onderdeel van de natuurreligie. Het afwijzen van de biotechnologie kreeg een morele lading door de veronderstelling dat er op onaanvaardbare wijze werd ingegrepen in de natuur. Daarbij werd niet meer het effect van de biotechnologie, maar de wetenschap als zodanig veroordeeld.

Als reactie op overmatig gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen ontstond in de landbouw een stroming die beide hulpmiddelen volledig afwijst. Deze alternatieve of biologische landbouw heeft een aantal sympathieke uitgangspunten betreffende de natuur, het milieu en de relatie tussen producent en consument. Biologische landbouw is vaak minder vervuilend, maar er zijn ook bezwaren aan verbonden, zoals lagere opbrengsten en een grotere kans op misoogsten door ziekten en plagen.

De gangbare landbouw produceert momenteel veel schoner dan voorheen. Desondanks is er juist nu een toenemende aandacht voor de alternatieve methode. Milieubeweging en consumentenorganisaties beweren dat de alternatieve producten gezonder zijn. Wetenschappelijk is dit nooit aangetoond, het oordeel is een onderdeel van het natuurgeloof dat ook in deze kringen wordt aangehangen.

De ideeën in de wereld van de alternatieve landbouw bewegen zich los van de werkelijkheid. Men is gefixeerd op de problemen van dertig jaar geleden; de wetenschap, met name de chemie, wordt als zondebok beschouwd. Alle chemische middelen zijn taboe. Dit dogmatisch afwijzen van wetenschap treft ook de biotechnologie. Moderne rassen die met deze techniek resistent zijn gemaakt zouden een uitkomst zijn voor een teelt zonder bestrijdingsmiddelen. Maar zij zijn verboden. Deze irrationele regelgeving is een direct gevolg van het anti-wetenschappelijke natuurgeloof dat aan de alternatieve landbouw ten grondslag ligt.

Een en ander vindt zijn weerslag in de politiek. Met name GroenLinks en de RPF zijn vóór biologische landbouw en tegen biotechnologie. Het natuurgeloof van de ene partij sluit naadloos aan bij de bijbelinterpretatie van de andere. Andere politieke partijen willen voor dit morele gedachtegoed niet onderdoen.

Onlangs heeft een meerderheid van de Tweede Kamer een motie aangenomen tegen Europese octrooiwetgeving voor biotechnologie. Men was tegen octrooien op 'leven'; het ging echter niet over octrooien op leven maar over menselijke vindingen. Tevens pleitte het parlement bij de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij voor een gentech-vrije voedelketen die voldoet aan de spijswetten van het natuurgeloof.

Dit artikel is geen pleidooi tegen het natuurgeloof. Dit geloof zit, zoals elk echt geloof, zo diep dat het niet toegankelijk zal zijn voor rationele argumenten. Ieder is ook vrij te geloven wat hij wil. De recente uitspraken van de Tweede Kamer doen echter vrezen dat het natuurgeloof tot staatsgodsdienst is verheven.

Het beleid van het ministerie van LNV wijst in dezelfde richting. Zo heeft dit ministerie wetenschappelijk omstreden wetgeving uitgevaardigd gericht tegen biotechnologie bij dieren. Verder bezuinigt LNV op het landbouwkundig onderzoek, geeft extra subsidie aan alternatieve landbouw en spendeert enorme bedragen aan natuurontwikkeling.

Iedereen is voor een schone landbouw en een gezond voedselpakket. Dat gezonde voedselpakket is er al. Aan een schonere landbouw wordt gewerkt. Voor beide doelstellingen was en is moderne wetenschap onmisbaar. Toegeven aan de anti-wetenschappelijke tendenzen van het heersende natuurgeloof past misschien in ons poldermodel, maar het levert geen bijdrage aan een verantwoorde voedselproductie.

P. Miedema was werkzaam bij de Dienst Landbouwkundig Onderzoek in Wageningen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden