Natuurbeleid moet weg van details

De korenwolf zal het voortaan op eigen kracht moeten redden. Het natuurbeleid dient niet meer gericht te zijn op specifieke soorten, maar op het grote geheel, staat in een advies.

AMSTERDAM - Het Nederlandse natuurbeleid is te technocratisch en te ingewikkeld. De extreme focus op het beschermen van specifieke planten- en diersoorten als korenwolf en korfslak is een van de redenen waarom het draagvlak voor natuurbeleid in het afgelopen decennium is verminderd.


Dat schrijft de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) in het advies Onbeperkt houdbaar, naar een robuust natuurbeleid, dat donderdag werd aangeboden aan staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken. Dijksma presenteert nog voor de zomer haar natuurvisie, die naar verwachting in lijn is met het RLI-advies.


De raad stelt voor om niet meer te sturen op gedetailleerde doelen, maar op randvoorwaarden zoals oppervlakte, milieu en waterhuishouding. De natuur zorgt dan op eigen kracht voor behoud en ontwikkeling van ecosystemen en landschappen. Het stoppen van de achteruitgang van de biodiversiteit moet het hoofddoel blijven, maar 'het is niet mogelijk om voor elk van de circa 40.000 soorten die in Nederland voorkomen, afzonderlijk beleid te ontwikkelen'. Het bewaren van de soortenrijkdom op de langere termijn kan het beste worden bereikt door oppervlaktevergroting en verbetering van de kwaliteit van bestaande gebieden. Regionale natuurnetwerken moeten de basis vormen voor het bereiken van die doelen.


Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt volgens de raadscommissie dat voldoende oppervlakte de belangrijkste voorwaarde is voor het overleven van planten- en diersoorten. Het advies bepleit dan ook om door te gaan met het uitbreiden van het bestaande natuurareaal in Nederland, zoals dat gebeurde voor het kortstondige tijdperk van Henk Bleker. Maar het kan wel veel effectiever dan voorheen. 'Niet iedere verbinding is nodig, niet ieder duur ecoduct heeft nut,' aldus ecoloog Frank Berendse van Wageningen Universiteit, een van de opstellers van het advies: 'Het is vaak zinniger om dat geld te stoppen in het uitbreiden of beter beheren van bestaande gebieden.'


In het advies is de term Ecologische Hoofdstructuur (EHS), dat inmiddels geldt als synoniem voor technocratisch natuurbeleid, vervangen door het Nederlandse Natuurnetwerk, dat uit regionale natuurnetwerken moet gaan bestaan. Daarin hoeven bestaande natuurgebieden niet per se te worden verbonden, maar ze moeten wel voldoende groot zijn, terwijl het tussenliggende landbouwgebied 'doorlaatbaar' zal moeten zijn voor wilde planten en dieren. Frank Berendse: 'We weten nu wel dat natuur en intensieve landbouw elkaar in de weg zitten. Dus is het logisch dat in regio's waar de nadruk ligt op natuur de landbouw een duurzaam karakter zal moeten krijgen, zonder grote negatieve effecten op natuur.'


De RLI is zeer kritisch over het agrarisch natuurbeheer zoals dat in de laatste decennia is uitgevoerd. De circa 40 miljoen euro die jaarlijks werd besteed aan beheersovereenkomsten met boeren hebben 'nauwelijks bijgedragen aan herstel van de biologische diversiteit in het agrarisch gebied'. De raad pleit voor concentratie in kansrijke, aaneengesloten gebieden, bij voorkeur in aansluiting op natuurgebieden met dezelfde natuurdoelen, weidevogelreservaten bijvoorbeeld. De commissie, onder leiding van voormalig CDA-minister Agnes van Aardenne, breekt op dit punt resoluut met het beleid van Van Aardennes partijgenoot Henk Bleker, die vond dat er geen betere natuurbeschermers waren dan boeren.


Natuurnetwerk

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden