Natuur redt het niet op eigen kracht

Nederland wordt op papier steeds groener, maar de kwaliteit van de natuur en van het landschap blijft even zorgwekkend als voorheen....

Van onze verslaggever

Dat blijkt uit de Natuurbalans 2000, die dinsdag in Amsterdam werd gepresenteerd door de Dienst Landbouwkundig Onderzoek (DLO) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Een positieve ontwikkeling is wel dat bijna 90 procent van het belangrijkste Nederlandse natuurgebied een wettelijke status heeft gekregen.

Door de gestegen grondprijzen is er de komende twintig jaar echter minstens vier miljard gulden extra nodig om die gebieden aan te kopen. Op dit moment is dat geld niet beschikbaar, maar op termijn zal het er zeker komen, verzekerde staatssecretaris G. Faber van Natuurbeheer bij de presentatie van het rapport.

De Natuurbalans is de jaarlijkse inventarisatie van de natuur in Nederland. Doorgaans bevat het sombere conclusies over de kwaliteit ervan. Ook vorig jaar stond in het rapport dat er weliswaar meer beschermd groen komt, maar dat de variatie aan plant- en diersoorten blijft afnemen.

Bestaande natuurgebieden moeten voortdurend worden beschermd tegen verdroging, vermesting en verzuring, blijkt uit het rapport. Graslanden, heidegebieden en hoogvenen moeten intensief worden beheerd om vergrassing en verruiging tegen te gaan. Weidevogels moeten door steeds meer vrijwilligers tegen de landbouw worden beschermd en zoetwatermeren moeten van overvloedige voedingsstoffen worden ontdaan om het waterleven de kans te geven zich te herstellen.

Met de strijd tegen de verzuring gaat het relatief nog het best. De uitstoot van verzurende stoffen zoals zwaveldioxide, stikstofoxiden en ammoniak wordt vooral veroorzaakt door de landbouw en (in mindere mate) door verkeer en industrie. Tussen 1980 en 1999 is de uitstoot met de helft gedaald. 'De trend is goed', constateert het rapport, maar voor een ongestoorde natuurontwikkeling blijft de verzuring veel te hoog.

Maatregelen tegen vermesting hebben minder succes. Vooral de landbouw is daar debet aan, omdat ze de laatste twintig jaar een vrijwel gelijk gebleven hoeveelheid ammoniak bleef uitstoten. Het verkeer draagt door de uitstoot van stikstof eveneens bij aan dit probleem. De verdroging (natuur met te weinig water of water van te slechte kwaliteit) blijft op hetzelfde zorgwekkende niveau.

De Natuurbalans besteedt relatief veel aandacht aan de ontwikkeling van nieuwe natuur bij stedelijke gebieden. Op dat vlak komt te weinig van de grond. Bij veel grote nieuwbouwlocaties zullen de eerste bewoners niets aantreffen van de beloofde park- en bosvoorzieningen, omdat die uit de oorspronkelijke plannen zijn geschrapt.

Volgens Faber is dat niet de verantwoordelijkheid van het rijk, maar van de gemeenten. 'Wanneer projectontwikkelaars niet de krachtige groene hand voelen van een gemeente, grijpen ze hun kans'.

Uit opiniepeilingen blijkt dat de Nederlanders in het westen van het land, in het rivierengebied en in het Noorden het aanbod natuur in hun omgeving onvoldoende vinden, ook wanneer ze dichtbij een veenweide- of plassengebied wonen. Nederlanders hebben dus behoefte aan meer bos, concludeert de Natuurbalans.

'Men is bereid veertig kilometer te rijden voor een aaneengesloten bos en daarvoor in het weekeinde zelfs in de file te staan. Het groen moet dichter bij de mensen komen', zegt directeur A. van der Zande van DLO. Staatssecretaris Faber is dat met hem eens, maar vraagt zich af waar in Nederland dat zou moeten gebeuren.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden