Nat en Nico in Nederland

Nog vier dagen is in Londen de expositie Nat Finkelstein: From One Extreme To The Other te zien. In een kleine maar fraaie gallerie Idea Generation, in de buurt van Liverpool Street en Brick Lane.

Vlak bij de Londensen East vestiging van de Rough Trade platenzaak, dus we waren zaterdagmiddag toch in de buurt.

Nat Finkelstein is de fotograaf die tussen 1964 en 1967 de huisfotograaf was van Andy Warhols Factory in New York. Twintig jaar geleden kocht ik zijn fotoboek The Factory Years in de ramsj, maar had het al jaren niet meer ingezien.

Beroemd zijn vooral de foto's die Finkelstein nam van bezoekjes van Marcel Duchamp en Bob Dylan aan de Factory op 231 East 47th Street. Dylan en Warhol aan weerszijden van Warhols Double Elvis zeefdruk, op de rug gefotografeerd, dat is een klassieker.

Dylan zou het prachtige kunstwerk overigens ruilen met een bank die in het huis van zijn manager Albert Grossman stond. (ondankbare hond).

Finkelstein is ook in een ander opzicht voor de popgeschiedenis interessant: hij was de eerste fotograaf die de Velvet Underground voor de lens kreeg. De foto's die hij van Lou Reed, John Cale en Nico maakte zijn echt klassiek geworden.

Ik wist niet dat Finkelstein in oktober van het vorig jaar overleden is, en ook niet dat hij eind jaren tachtig een tijdke in Amsterdam had gewoond. Op de vlucht zijnde voor de Amerikaanse overheid, die hem als staatsgevaarlijk op de lijst had staan vanwege onder meer zijn bemoeienissen met de Black Panthers.

Raar toch dat er na Finkelsteins overleden niet een stoet aan necrologieën gepubliceerd werd. Mijn nieuwsgierigheid naar de man werd nog extra vergroot door de tekst die in de gallerie hing, naast een reeks contact sheets met schitterende foto's van Nico.

Ik had speciaal de catalogus van de tentoonstelling besteld, (sturen ze op verzoek online) vanwege deze tekst: 'Mijn laatste herinneringen aan Nico', maar juist deze tekst en foto's ontbreken.

Finkelstein haalt herinneringen op aan de laatste ontmoeting die hij in 1988 had in Amsterdam met de zangeres, die verslaafd was aan heroïne. Finkelstein nodigde haar uit mee te komen naar een concert van John Cale. Nico stribbelde aanvankelijk tegen, ze had het gevoel dat Cale geen behoefte meer aan haar aanwezigheid had. Maar ze gaan toch.

Grote kans dat ik er ook was, sinds Cale's plaat Music For A New Society uit 1983 was ik fan en ging ik naar al zijn concerten. Nooit geweten alleen, dat in dezelfde zaal zich naast Cale twee andere historische figuren bevonden.

Er vindt na afloop ook nog een ontmoeting plaats. Nat en Nico houden even contact. Nico heeft het zeer zwaar in die tijd en wil graag van haar verslaving af maar weet niet hoe. Ze denkt erover naar Ibiza te gaan. Finkelstein moedigt dit aan en zegt toe haar een paar dagen later al op te komen zoeken om haar te helpen met afkicken.

Als hij zijn koffers aan het inpakken is wordt hij gebeld: Nico is op Ibiza van haar fiets gevallen en overleden.

Nooit geweten dat Finkelstein Nico uit de put wilde trekken, zoals ik ook niet wist dat Finkelstein hier een tijd heeft gewoond. Wie wel?

Graag had ik bijvoorbeeld in Het Parool een stuk over Finkelstein in Amsterdam gelezen, of anders in mijn eigen Volkskrant. Daar is de helft van de documentalisten ontslagen, dus zeker weten doe ik het niet, maar bij mijn weten hebben geen van de Nederlandse kranten lang stil gestaan bij de dood van Finkelstein.

Jammer. Intussen heb ik vannacht weer zitten bladeren in Jan Cremers Ik Jan Cremer Derde Boek waar ik al eerder over schreef naar aanleiding van zijn herinneringen aan Bob Dylan. Ook Nico komt er regelmatig in voor. Cremer kent haar al van Ibiza in de vroege jaren zestig waar ze een verhouding hebben.

In New York komt hij haar weer tegen, in de periode dat ze door Andy Warhol ontdekt wordt en gekoppeld wordt aan de Velvet Underground. Cremer vindt het allemaal maar een stel minkukels maar zijn beschrijving aan een bezoek aan de moeder van Andy, is zeer geestig.

De Slowaakse keuken heeft veel overeenkomsten met de Hongaarse keuken van Cremers moeder. Cremer is wel gecharmeerd van de kookkunsten van Dzjoelia Warhola:

'Dzjoelia opent een grote kast, stampvol met blikken Campbell Soup, opgestapeld als in een supermarkt. In allerlei smaken: chicken, noodle, vegetables, tomatoes.

'Zat ies ze onlu zoepe my Andrew likes', vertrouwt Dzjoelia mij met een zwaar accent glimlachend toe.'

Cremer bezoekt Andy, die nog bij zijn moeder woont, samen met Nico 'mijn vriendin', een paar dagen nadat zij bij de Velvet Underground aan de slag kon.

'Een noodlijdende band, net opgericht, een samenraapsel van talentvolle muzikanten die hun weg nog niet gevonden hadden en in allerlei goedkope louche tenten optraden.'

Hij heeft het niet zo op Lou en John en hun zonnenbrillen. Hij ziet bovendien hoe 'zijn vriendin' er langzaam aan onder door gaat. Drugs.

Of Cremer Finkelstein ook gekend heeft, zou ik niet weten, hij komt in het boek niet voor.

Nico was in die dagen, zo begrijp ik, behalve oogverblindend mooi ook tamelijk onhandelbaar. De drugs bleven ook een groot probleem. Ook de opnamesessies in Los Angeles van haar sombere maar prachtige plaat The Marble Index (1968) gingen gepaard met de consumptie van onvoorstelbare hoeveelheden heroïne, zo las ik in de liner notes bij de compilatie Nico:The Frozen Borderline 1968-1970.

Ik heb het met haar te doen en wil veel meer over haar weten, maar vooral over haar laatste dagen. Hoe zat dat met Nat Finkelstein in Amsterdam?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden