Napoleon Spector

De van moord verdachte platenproducent Phil Spector (62) werd gaandeweg steeds excentrieker. Hij werkte samen met The Beatles, Ike and Tina Turner en The Ramones om zich uiteindelijk terug te trekken als kluizenaar....

Harvey Philip Spector, Amerikaan van joods-Russische afkomst, New Yorker van geboorte (1940), vond als producer in 1966 zijn Waterloo in de cabine van Gold Star Sound Studio A in Hollywood. Aan zijn werkwijze viel ook ditmaal niet te tornen, de Boy King of Rock 'n' Roll benutte z'n carte blanche om opnieuw een legioen muzikanten te mobiliseren, van wie sommigen hun T-shirt hadden laten bedrukken met Spector's Army - een van de schaarse uitingen van genegenheid die de producent publiekelijk ten deel zijn gevallen. Een invloedrijke muziekuitgever had, ongeveer namens de hele industrietak, zijn appreciatie voor de kleine man met de napoleontische ambities al eens bondig verwoord: 'Talented. But a piece of shit.'

Schepte violist Joe Venuti, berucht practical joker, er behagen in een trits bassisten in New York af te bellen met de mededeling dat hij een schnabbel voor ze had('Om zeven uur daar en daar verzamelen', waarna hij vanachter het raam van een etablissement gadesloeg hoe op de afgesproken plek in de schemering een groep mannen met onhandige instrumenten argwanend begon samen te klonteren), bij Spector was de aanwezigheid van vier contrabassisten volstrekt normaal. Tijdens de derde sessie in Hollywood bestond de ritmesectie verder uit twee drummers, drie pianisten, vier gitaristen (onder wie Barney Kessel) en werden links en rechts losse percussie-instrumenten gehanteerd.

Ze speelden, met een kopersectie van zes man samengeperst in de lage en te krappe studio, ook allemaal tegelijk, teneinde het fundament te leggen voor Spectors overdonderende Wall of Sound, zijn handelsmerk. De klanken werden via twee echokamers naar de opnameapparatuur geleid. Toen Tina Turner arriveerde voor haar vocale aandeel in wat River Deep, Mountain High zou worden, had Spector twintig achtergrondzangeressen ontboden.

Het werkte niet, Turner kwam een week later alleen terug, waarna de producer écht aan de slag kon en laag voor laag zijn mixages en overdubs kon gaan aanbrengen, zoals hij dat ontelbare keren (ook 's nachts met zonnebril) had gedaan, een verder door niemand te doorgronden procédé waarmee hij massief oprijzende monsterhits ontketende, laatstelijk (eind 1964) nog voor The Righteous Brothers (You've Lost that Lovin' Feelin'). Technici waren minder lovend over de manier waarop Spector zijn eindresultaat op moederband liet zetten, met vervormingen, een overdaad aan echo en altijd weer in mono.

De rekening bedroeg 22 duizend dollar, bepaald veel geld voor één single en halverwege de jaren zestig een kapitaal bedrag, toereikend voor meerdere albums.

Uitgerekend deze single van 22 duizend dollar flopt. Het publiek in Amerika, dat tientallen miljoenen platen heeft gekocht van solisten en (meisjes)groepen juist vanwege het Spector-stempel, kan dit bombastische juweel('de Ring des Nibelungen van de rock': Spector vergeleek zich graag met Wagner) aanvankelijk niet plaatsen. De single, die met pijn en moeite plaats 88 haalt op de hitlijst, legt het af tegen producties van gene zijde van het gamma als de Hanky Panky en Juanita Banana. Dat de Britten wel zwichten (na een maand staat hij in hun topdrie), kan Spectors frustatie niet wegnemen.

Het gezin Spector (moeder Bertha, Philip en zus Shirley) is vier jaar na de plotselinge dood van vader Ben - zelfmoord, verzwegen voor de kinderen - naar West-Hollywood verhuisd. Daar komen de muzikale talenten van de jonge Phil tot wasdom, langs de voorspelbare lijnen van het eerste gitaartje, optreden op school, talentenjachten, prille eigen composities. Phil verwerkt de in zijn vaders grafsteen gebeitelde woorden vrijwel letterlijk in een songtekst: To Know Him Is to Love Him.

De muzikale klimaatswijziging is gunstig, platenfirma's zwaaien eind jaren vijftig met (wurg)contracten naar elke jongere in jeans nu hun middelbare zangers onder de voet zijn gelopen door types met roze jasjes, schoenen van blauw suède, bakkebaarden en een vetkuif.

Spector is 17 als hij To Know Him opneemt voor een onbeduidend label, Doré Records, met zijn kwartet The Teddy Bears. Hij is ook opnameleider. Najaar 1958 is het nummer 'A1 on the jukebox', met een verkoop van anderhalf miljoen. Spector hoort de kassa meerstemmig rinkelen: royalty's voor de componist en tekstdichter, voor de uitvoerende artiest én een vergoeding voor de producer.

Vanaf dat moment heeft hij er veel voor over om die drie-eenheid te belichamen. Hij stapt uit The Teddy Bears, nu een trio dat hij onderbetaalt voor vijf platen met op alle kanten een song van hem (voor Imperial), en maakt prestaties van anderen waar mogelijk ondergeschikt aan zijn financiële belangen, zeker als hij in New York zijn carrière komt uitbouwen. Geregeld krijgt Phil Spector zijn naam bij de credits, ook als zijn aandeel nihil is of te verwaarlozen, een bezigheid die ook Elvis-manager Tom Parker in beslag kon nemen.

Het werd gepikt, een Spector-productie of een plaat van Presley hadden een bijna gegarandeerde hitpotentie. Aanvankelijk is Spector opnametechnicus voor onder andere het succesvolle songschrijversduo Jerry Leiber en Mike Stoller. Hij is in loondienst, werkt voor Atlantic en verbindt zijn naam aan hits van Gene Pitney, Connie Francis en Ben E. King. Het is hem te anoniem.

Terug in Californië ontfermt hij zich - als onafhankelijk producer voor zijn eigen Philles-label - over twee meisjesgroepen, The Crystals en The Ronettes, die zijn gemodelleerd naar The Shirelles, wier Will You Still Love Me Tomorrow zo jaloersmakend goed verkocht. Het is een kortstondig fenomeen, dat van de meisjesformaties met allemaal - van The Shangri-Las en The Dixie Cups tot The Chantels en The Supremes - dezelfde met spuitbuslak geverniste berenmutskapsels, cocktailjurken en choreografische onbeholpenheid.

Spectaculair zijn de verkoopcijfers, Spector draagt graag het zijne bij met klassiekers voor The Crystals (He's a Rebel; Then He Kissed Me en Da Doo Ron Ron, waarin een tienermeisje nog verliefd kon worden in the candy store) en The Ronnettes (Be My Baby; Baby I Love You). Van het laatste trio maakt Veronica Yvette Bennett deel uit, die daarnaast vijf jaar lang mevrouw Ronnie Spector is.

De manier waarop haar echtgenoot opereert, blijft omstreden. Hij is eigenaar van de naam The Crystals, speelt groepsleden tegen elkaar uit of ontslaat ze. Darlene Love zingt in de studio de belangrijkste zangpartij in voor Da Doo Ron Ron. Buiten haar medeweten laat Spector een meisje van 15 overkomen dat hij in New York had gehoord, een zekere La La Brooks. Met haar neemt hij de definitieve versie op.

Daarnaast blijft er de gordiaanse belangenknoop, van steeds dezelfde mensen duikt de naam op bij het verdelen van productievoorschotten, belangen in sub- of gelegenheidslabels, royaltypercentages, exclusieve opties en meer. Maar het belangrijkste is dat Spector, door Tom Wolfe aangemerkt als 'the first tycoon of teen', zijn naam als onorthodoxe, maar gouden producer had gevestigd.

Na het rampzalige River Deep is hij die bijzondere positie kwijt. Er komen nog wel wat hits uit zijn handen, maar de formule is zoek. John Lennon, met wie hij Instant Karma had gedaan, benadert hem. The Beatles zijn vastgelopen met Let It Be, hun allerlaatste album. Spector ontfermt zich over de studiobanden en zet het werk van de groep naar zijn hand. Over het resultaat blijven The Beatles sterk verdeeld. McCartney, toch wat gewend, trekt bleek weg bij de violen in The Long and Winding Road, Lennon en Harrison zijn content, Spector krijgt hun volgende soloprojecten toevertrouwd.

Als John Lennon najaar 1973 covers van oude rocksongs wil opnemen, laat hij de producer weten dat hij net zo zou willen klinken als Ronnie Spector in haar gloriedagen (met wie hij in Engeland tijdens de tournee met The Ronettes in 1964 kortstondig een affaire had). Phil Spector betaalt de sessies uit eigen zak, met als achterliggende gedachte daarmee eigenaar te worden van alle takes; Lennon laat de portier van de A & M studio schamper weten dat hij komt voor de 'Spector-opnamen'.

Op zeker moment gaan de mannen - Lennon drinkt als een tempelier vanwege zijn tijdelijke breuk met Yoko Ono, het is de periode van zijn Lost Weekend - elkaar te lijf. Bij een andere gelegenheid trekt wapenfanaat Spector een revolver waarmee hij een kogel in het studioplafond jaagt. Slepende rechtszaak, schadeclaims over en weer, maar de zaak mondt na twee jaar, als Spector de banden heeft afgestaan, uit in de release van het Rock 'n' Roll-album.

Spector raakt ook nog even geïnteresseerd in The Ramones. Tijdens de eerste ontmoeting, na zijn openingszin 'My bodyguards want to fight your bodyguards' biedt hij zanger Joey Ramone aan van hem de nieuwe Buddy Holly te maken. Acht maanden doet de groep, die zijn nummers altijd in no time spontaan op de band had staan, over het succesvolle album End of the Century. Ditmaal mag het gerust tweehonderdduizend dollar kosten. Met LaToya Jackson wordt het niks, ze vindt Phil Spector eng.

De producer trekt zich terug uit de muziek en - sociabel mag hij amper genoemd worden, paranoïde wel - ontdoet zich van de laatste flarden openbaar leven. Als kluizenaar houdt hij zich jarenlang schuil. De Howard Hughes of Rock wordt een postbusnummer in Californië. Dat zou wel eens een cijferreeks op een oranje overall kunnen gaan worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden