Najaf ontvangt Yankees met gejuich

Wat verwacht u van de Amerikanen?, vroeg de verslaggever van de New York Times aan een Iraakse man terwijl de 101ste Airborne-divisie de stad Najaf binnentrok. 'Democratie, whisky en seks', antwoordde de man...

'Americans. Good. Good.'

'Saddam Hussein. Bad. Bad. Very bad.'

Na twee weken oorlogvoeren kregen de Amerikaanse militairen eindelijk het onthaal dat hun bij het begin van de oorlog door Washington was voorspeld. In de straten van Najaf, de eerste grote stad in Irak die de Amerikanen in zijn geheel hebben ingenomen, verzamelden zich woensdag naar schatting twee- tot vijfduizend Irakezen op straat. Uit de luidspreker op het Humvee-voertuig schalden popsongs en de boodschap dat de Amerikanen zijn gekomen om de bevolking een beter leven te geven.

'Zo ongeveer moet de sfeer tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn geweest zijn toen Parijs werd bevrijd', zei luitenant-kolonel Chris Hughes. Generaal-majoor David Petraeus: 'Ik denk dat we mogen zeggen dat we deze mensen hebben verlost van hun onderdrukkers. De Iraakse soldaten zijn gevlucht, of dood.'

Bij de voor shi'ieten heilige Ali-moskee had luitenant-kolonel Hughes een ontmoeting met een afgezant van ayatollah Said Ali Sistani, de hoogste shi'itische geestelijke van de stad. De afgelopen veertien jaar was Sistani door het regime van Saddam Hussein onder huisarrest geplaatst. Hughes verzekerde de afgezant dat de Amerikanen respect hebben voor de shi'ieten en hun heiligdommen.

Sistani riep vervolgens de Irakezen op het verzet te staken. Hij deed dat door een fatwa, een religieuze richtlijn, op de deur van de moskee te laten aanbrengen waarin hij liet weten dat de bewoners zich niet tegen de Amerikanen moesten verzetten.

Toen de soldaten donderdag naar de moskee gingen, werden ze echter opgewacht door een woedende menigte die niet wilde dat de Amerikanen naar het heiligdom gingen. Vorige week had de ayatollah in een eerdere fatwa nog te kennen gegeven dat de bewoners tegen de Amerikanen in opstand moesten komen.

Tijdens hun opmars naar Najaf waren de geallieerden ronduit vijandig bejegend door de bevolking. Tijdens de slag om Najaf werden de militairen beschoten door eenheden van de fedajien die zich in de Ali-moskee hadden verschanst. 's Nachts werden de Amerikaanse troepen opgeschrikt door aanslagen van Iraakse paramilitairen.

Sergeant Jeffrey Smith getuigde in de Los Angeles Times van de spanning tijdens de voorgaande dagen. 'Ineens kon er een auto in volle vaart recht op ons af komen rijden. Of 's nachts sloop een Irakees in onze richting. Dan heb je maar één keus, hem uitschakelen.'

Een 1000 kilo zware precisiebom op het hoofdkwartier van de Ba'ath-partij in Najaf brak het verzet. Iraakse strijders vluchtten.

Vanaf dat moment maakte de argwaan onder de bevolking plaats voor blijdschap. Amerikaanse militairen deelden chocola en sigaretten uit aan de inwoners. 'Water, water', riepen kinderen.

'Ik zie de opluchting in hun ogen, ik begrijp waarom ze eerst zo argwanend waren', zei Kadhim al-Waeli, een Irakees die in 1991 na de eerste Golfoorlog naar Saudi-Arabië was gevlucht en nu als lid van de Free Iraqi Forces met de Amerikaanse troepen optrekt om zijn landgenoten te informeren.

Al-Waeli: 'In 1991 kwamen de mensen in opstand tegen Saddam Hussein omdat ze dachten dat de Amerikanen hen zouden steunen. Maar de Amerikanen trokken zich terug. Toen heeft Saddam de mensen gestraft voor hun opstand. Nu vraagt iedereen mij: jullie bijven toch wel, jullie laten ons toch niet in de steek?'

Generaal Petraeus van de 101ste Airborne-divisie trachtte de inwoners van Najaf gerust te stellen. 'Wij gaan niet weg voor dit hele land bevrijd is. Wat hier in Najaf gebeurd is, is een extra motivatie op weg naar Bagdad.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden