Nabestaanden omgekomen militairen doen aangifte tegen Defensie: 'Ze weten echt wel wie dit op hun geweten hebben'

Ouders omgekomen militairen doorbreken het stilzwijgen

Sinds het rapport van de OVV laat het ze niet los: de dood van hun zoons tijdens de missie in Mali is onnodig geweest. En nu willen ze dat er koppen rollen bij Defensie.

Een herdenkingsplekje voor Henry Hoving met foto van hem en zijn dochter. Foto Harry Cock

Na twintig maanden wachten zijn ze het zat. Volgende week doen de ouders van Henry Hoving en Kevin Roggeveld aangifte tegen Defensie en de medewerkers die ze verantwoordelijk houden voor de dood van hun zoons.

Tijdens een missie in Mali in juli 2016 kwamen sergeant der eerste klasse Hoving (29) en korporaal Roggeveld (24) om toen een mortiergranaat voortijdig ontplofte. De Onderzoeksraad voor Veiligheid trok vernietigende conclusies over Defensie: het ministerie schoot ernstig tekort in de zorg voor de veiligheid van de uitgezonden militairen en de fatale granaat maakte deel uit van een haastig aangekochte partij die nooit was gekeurd en in Mali lag opgeslagen in een ongekoelde zeecontainer.

Ze weten dat ze hun zoons niet meer terugkrijgen, of de verantwoordelijken nu wel of niet worden bestraft. Henry's moeder Greetje Groenbroek: 'Maar dit is de enige genoegdoening die we nog kunnen krijgen. Naar mijn kleinkind, dat moet opgroeien zonder vader. Naar mijn andere kinderen, die het er ontzettend moeilijk mee hebben.'

Het wordt tijd, zegt ze, dat er koppen rollen.

Tekst gaat verder na afbeelding.

Moeder Greetje Groenboek, 'bonusvader' Jan en halfbroer Matthijs bij een portret van Henry Hoving. Foto Harry Cock

1. Het ongeluk en de achtergrond

Als ouders stonden ze in de overlevingsstand, sinds een Defensiemedewerker op 6 juli 2016 bij hen op de deurbel drukte met het slechtst denkbare nieuws. 'Dat gaat automatisch', zegt moeder Groenbroek, thuis in Winschoten, 'alsof er iets wordt uitgeschakeld in je hersenen.' Kees Roggeveld: 'Op zo'n moment ben je lamgeslagen. Je huilt, je weet niets meer. Mijn oudste zoon zei: pap, hoe moet ik nu verder zonder mijn broertje? Ik weet het niet jongen, heb ik gezegd. Ik heb mijn dochter gebeld op haar werk, omdat ik bang was dat ze het via de media zou horen. Hé pap!, zei ze vrolijk. En dan moet je haar vertellen dat haar broertje is omgekomen. Ik hoor haar nog gillen aan de andere kant van de telefoon.'

Ze hadden het er al zo vaak met elkaar over gehad: wat als hun zoons zouden omkomen tijdens een missie? Hoving en Roggeveld wisten dat hun werk grote risico's met zich meedroeg. Jan Groenbroek, Henry's 'bonusvader' zoals hij zichzelf noemt: 'Daarom wilden die jongens alles perfect geregeld hebben, om het gevaar zo veel mogelijk uit te sluiten. Het waren op en tot professionals.'

Als kind wilden ze maar een ding: het leger in. Roggeveld: 'Ik heb Kevin zo vaak op het hart gedrukt een ander vak te kiezen: wat nou als hij werd afgewezen voor het leger? Maar ik kon hoog en laag springen. Hij zei: het is dit of anders niets.'

Jan Groenbroek: 'Onze andere zoon van 17 was ook vastbesloten in dienst te gaan. Dan zei Henry: jongen, als je bij mij in de klas komt pak ik je. Dat ging de hele tijd over en weer, het was een prachtig samenspel. Maar nu is alles weg.'

Als groepscommandant mocht Henry in 2016 zijn team samenstellen voor de uitzending naar Mali. Hij moest en zou Kevin Roggeveld mee hebben, ze kenden elkaar van de luchtmobiele brigade en de kazerne in Assen.

Een herdenkingsplekje voor Kevin Roggeveld. Foto Harry Cock

Kees Roggeveld: 'Henry zei: het maakt me niet uit hoe we het doen, maar ik wil dat jij meegaat. Als de missie erop zat, had hij de toezegging dat hij stukscommandant zou worden. Mensen hebben me vaak gezegd: Kevin was de beste en snelste richter van Nederland.'

Jan Groenbroek: 'Ze wisten precies waar ze mee bezig waren. Alleen hadden ze nooit verwacht dat de vijand van binnen kwam.'

2. Terug bij af na het onderzoeksrapport

Acht maanden lang wisten de families niet beter dan dat de dood van hun zoons en broers het gevolg was geweest van een noodlottig bedrijfsongeval. De marechaussee weet het ongeval aan een productiefout in een granaat. Hoe wrang ook, met die conclusie konden de ouders leven. Jan Groenbroek: 'De kans op het winnen van een staatslot is vele malen groter dan dat zo'n mortier voortijdig ontploft. Aan die wetenschap klamp je je vast, om uit het dal te kunnen klimmen.'

In september 2017, als de top na het dal beetje bij beetje in zicht komt, slingert het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) ze terug naar af. Defensie heeft volgens de raad fout op fout gestapeld, vanaf de aankoop van de niet-gekeurde partij mortiergranaten tot de ingebruikname in Mali. En als er al een alarmbel rinkelde, werd deze genegeerd. Wat telde, was dat Defensie de granaten zo snel mogelijk kon inzetten om missies niet in gevaar te hoeven brengen.

De woorden van de OVV kwamen bij de ouders harder binnen dan de boodschap die de medewerker van Defensie hen in juli 2016 had gebracht. Roggeveld: 'Omdat het betekent dat de dood van onze jongens onnodig is geweest. Die gedachte achtervolgt me elke dag, het lukt me niet om het los te laten.'

Jan Groenbroek: 'Nachtenlang heb ik steeds hetzelfde zinnetje gehoord: het had voorkomen kunnen worden. En nog zit ik ermee.'

Tekst gaat verder na afbeelding.

Kees Roggeveld met een foto van hem en zijn zoon Kevin Roggeveld. Foto Harry Cock

3. De belofte en het verloren vertrouwen

Van een noodlottig ongeval is voor de nabestaanden geen sprake meer na het OVV-rapport. Voor hen staat vast dat mensen binnen Defensie nalatig zijn geweest en zo het leven van collega's in het veld op het spel hebben gezet. 'Ze hebben willens en wetens Russische roulette gespeeld met de levens van hun eigen mannen', zegt Jan Groenbroek. Roggeveld: 'Er zijn zoveel waarschuwingen geweest vanaf de werkvloer dat het spul niet betrouwbaar was.'

Defensie erkent verantwoordelijk en aansprakelijk te zijn voor de dood van de twee militairen. Maar daarmee nemen de nabestaanden geen genoegen, ook omdat het rapport van de Onderzoeksraad vrij gedetailleerd beschrijft wie welke steken heeft laten vallen. Zo drukt de militair attaché in Washington de aankoop van de mortiergranaten door. En als een technicus van het Defensiemunitiebedrijf in Veenhuizen zijn ernstige twijfels uit over de geschiktheid van de granaten, slaan zijn superieuren het advies in de wind.

De families klampen zich vast aan de woorden van toenmalig Defensieminister Hennis. Zij heeft volgens hen persoonlijk toegezegd dat een commissie onder leiding van voormalig Shelltopman Van der Veer zou onderzoeken welke personen cruciale fouten hebben begaan. 'Sterker nog, dat was de opdracht van de commissie', zegt Jan Groenbroek.

Op 4 februari, ruim na het aftreden van Hennis, horen ze diezelfde Van der Veer in het tv-programma Buitenhof zeggen dat er toch nooit gericht op de rol van de verantwoordelijken is ingegaan. Volgens hem op verzoek van de secretaris-generaal van Defensie.

4. De strijd voor gerechtigheid

Voor de families is het een halszaak geworden: ze moeten weten wie hebben bijgedragen aan de dood van Henry en Kevin. Dat de huidige Defensieminister Bijleveld aan het OM vraagt of er echt niemand kan worden vervolgd voor het mortierongeluk, vinden ze fijn. Maar het antwoord van de minister wachten de nabestaanden niet meer af. Ze lopen bij de psycholoog, zijn ten einde raad. Dat de schuldigen vrij rondlopen, vinden ze onverteerbaar. Intussen onderhandelen ze ook nog met Defensie over een schadevergoeding. Ondoenlijk, vinden ze het. Hoe moet je als ouders bepalen hoeveel euro de dood van je kind waard is? Greetje Groenbroek: 'Daar is geen prijs voor.'

'Natuurlijk is dit niet de schuld van één iemand geweest', zegt ze. 'Er is fout op fout op fout gestapeld. Maar bij Defensie weten ze echt wel wie dit op hun geweten hebben. Alleen willen ze die mensen niet traceren. Nou, als zij dat niet willen, doen wij het wel.'

Kees Roggeveld: 'Wij willen Defensie duidelijk maken dat ze op deze manier niet verder kunnen. Zolang degenen er blijven zitten, blijft de onveilige situatie voor de militairen voortbestaan.' Jan Groenbroek: 'We doen dit ook voor de jongens die ons land nog steeds vertegenwoordigen. Het kan niet zo zijn dat onze zoons voor niets zijn omgekomen.'

Wat als door hun aangifte de verantwoordelijken tot een gevangenisstraf worden veroordeeld en werkloos raken? Roggeveld: 'Dan hadden ze hun verantwoordelijkheid maar moeten nemen en sorry moeten zeggen. Maar bij Defensie dwingen ze ons dit te doen.'

Greetje Groenbroek: 'De mensen die dit hebben gedaan leven niet al twee jaar in de hel, zoals wij.'



De onrust bij Defensie

Het ministerie van Defensie heeft de veiligheid van het eigen personeel jarenlang onvoldoende serieus genomen. De militaire en politieke top besteedde te weinig aandacht aan de veiligheid en de organisatie leert onvoldoende van gemaakte fouten. Met onder meer permanente bijscholing en een onafhankelijke interne toezichthouder moet dat worden verbeterd.

Een Kamermeerderheid heeft eind 2017 groen licht gegeven aan het verlengen van de militaire missies in Mali en Afghanistan voor de periode van één jaar. Eind dit jaar wordt opnieuw besloten of de missies met in totaal bijna 400 Nederlandse militairen nog langer doorgaan.

Na een urenlang debat over het Mali-ongeluk is minister Hennis van Defensie opgestapt. De affaire was een kras op een verder vrijwel vlekkeloze carrière. In haar kielzog vertrokken ook de commandant der strijdkrachten, twee dagen voordat hij toch al werd opgevolgd door Rob Bauer.

Minister Hennis van Defensie moest een geschokte Tweede Kamer uitleggen waarom Nederlandse militairen in Mali oefenden met mortiergranaten waarvan binnen Defensie bekend was dat ze ondeugdelijk konden zijn. De oefening kostte korporaal Kevin Roggeveld (24) en sergeant der eerste klasse Henry Korving (29) het leven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.