Naast keizer Hoy verbleken andere renners

In Ahoy is dezer dagen een voltallig olympisch erepodium te bewonderen. Toch komen de wielerfans met name voor Chris Hoy.

ROTTERDAM - Casper van 11 kijkt alsof hij water ziet branden. Natuurlijk kent hij Chris Hoy, legt hij midden op de wielerbaan in Ahoy uit. 'Hij is heel snel. En heel groot', merkt de ruim drie keer jongere bewonderaar op, nadat hij een arm van de Schotse Sir om zich heen heeft gehad.


In Rotterdam krijgt de wielrenner in de dop wijze lessen mee van de Britse baanlegende. 'Hij zei dat je niet moet opgeven als je verliest. En dat je goed moet kijken hoe degenen het doen die altijd winnen.'


Copy your heroes, dat is de tactiek die het fenomeen uit Edinburgh tijdens zijn eigen carrière eveneens heeft toegepast. Zes olympische titels en elf wereldkampioenschappen later is hij degene uit wie anderen lering mogen trekken. Casper van 11 probeert het al, door YouTube-filmpjes van zijn voorbeeld op te zoeken. 'En ik heb op televisie gezien hoe hij in Londen olympisch kampioen werd.'


Het is zondagmiddag een komen en gaan van jonge en minder jonge bewonderaars van de Schot. Vrouwen en kinderen wachten ongedurig op hun beurt. Ook afzwaaiend baancoach Robert Slippens grijpt zijn kans en legt zijn familie vast met Hoy en drie van de andere snelste renners op de wielerbaan.


De beste plekken zijn bij een zesdaagse doorgaans vergeven aan de renners die het hoofdprogramma vormen. Maar in Rotterdam staan Niki Terpstra, Leon van Bon en Pim Ligthart in de schaduw van het viertal dat de Sprint Masters voor zijn rekening neemt. Met Hoy, Jason Kenny, Grégory Baugé en Teun Mulder is er een voltallig olympisch erepodium naar Ahoy gehaald - en zelfs meer dan dat.


Zesdaagse-directeur Frank Boelé kan zijn geluk niet op. Ook in de aloude vrijage van fietsen en folklore laat de crisis zich niet maskeren. Toch verwacht hij dat de kaartverkoop dankzij het sprintkwartet gelijke tred kan houden met vorig jaar.


Hoy is er bijna in zijn eentje verantwoordelijk voor. 'Hij is de keizer', zegt Mulder onomwonden. 'Maar die jongen die naast hem zit, gaat dat worden.'


De man met wie Hoy een zitplaats deelt om bij te komen van hun inspanningen, won in Londen de olympische titel waarop hijzelf zijn zinnen had gezet. Jason Kenny werd door de nationale bond naar voren geschoven als kanshebber op het sprintgoud, en vanwege het landenquotum daarmee als enige Brit. Hij voldeed aan de verwachtingen, al was daarmee alles wel gezegd.


Het was Hoy die dankzij zijn zesde olympische titel, behaald op de keirin, geschiedenis schreef. Hij bracht een heel land in vervoering door roeier Steve Redgrave af te lossen als succesvolste Britse sporter. Ook in Rotterdam maakt hij nog twee dagen duidelijk waarom zijn natuurlijke opvolger weliswaar beschikt over een rapper stel benen, maar als publiekstrekker nog een lange weg te gaan heeft.


'Een heel zachte jongen', zegt Boelé over Kenny, wiens verlegen oogopslag contrasteert met zijn imposante dijen. 'Eigenlijk is het best gek: hij heeft het koningsnummer van de Spelen gewonnen, maar als je hem hier bezig ziet, lijkt het alsof hij nog bij Hoy op de bagagedrager zit.'


Bij de teamsprint wordt duidelijk wat de toernooidirecteur bedoelt. Waar de Fransman Baugé demonstratief zijn handen achter de oren legt om het lang niet volle Ahoy op te zwepen, denkt zijn teamgenoot maar aan één ding. Liggend op zijn stuur gaat alle heisa aan Kenny voorbij.


'Kenny kan zo'n Zesdaagse, met al dat publiek, nog niet in z'n eentje dragen', zegt Boelé.


De Britse renner laat dat voorlopig graag zo. Je doet hem geen plezier door de schijnwerpers op hem te richten. 'Chris Hoy en Victoria Pendleton (twee keer baangoud in Londen, red.) zuigen de aandacht van de media naar zich toe. De mensen herkennen mij niet, maar dat is prima', zei hij kort voor de Spelen tegen een krant uit zijn geboorteplaats Bolton.


Kenny heeft nog tot 2016 om zich te vereenzelvigen met de rol van kopman op de baan. Hoy zal er bij de Spelen in Rio de Janeiro zeker niet meer bij zijn. Vorig jaar verzuchtte hij al dat het ventiel er even af moest na de voltooiing van zijn levenswerk. Op grote toernooien, behalve bij de Gemenebest Spelen volgend jaar in Glasgow, zal niemand Hoy meer zien. Hij wil zijn carrière afsluiten in Glasgow, op een wielerbaan die naar hem is vernoemd.


Durf ook te ontspannen, lijkt de twaalf jaar oudere renner zijn 24-jarige opvolger duidelijk te willen maken. Nadat de twee per huurauto vanaf het vliegveld waren komen rijden, wilde Hoy vooral weten waar in Rotterdam de beste koffie wordt geserveerd.


Nick Stöpler en Yoeri Havik hebben zondag opnieuw de leiding genomen bij de Zesdaagse van Rotterdam. De talentvolle Nederlandse baanwielrenners, 22 en 21 jaar oud, namen tijdens de vierde dag in Ahoy de eerste plaats over van Niki Terpstra en diens Belgische partner Iljo Keisse.


De verschillen in de top zijn echter bijzonder klein. Zes koppels staan binnen een ronde van elkaar. Stöpler en Havik gaan aan kop met 180 punten, gevolgd door Pim Ligthart en Michael Mörköv uit Denemarken (175).


Terpstra en Keisse nemen met 171 punten de derde plaats in, de titelverdedigers Peter Schep en Wim Stroetinga hebben 170 punten.


De Belgische wereldkampioenen Kenny De Ketele en Gijs Van Hoecke doen met 138 punten ook mee om de eindzege, net als het Duits/Zwitserse duo Robert Bartko/Silvan Dillier (119).


De Zesdaagse van Rotterdam eindigt dinsdag.


Stöpler/Havik aan kop


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden