Naar huis

Acht buitenlanders kiezen in de zomer een ander domicilie, acht fotografen volgen in hun voetspoor. Deel 6: Atipoka Abugre, Abanemah Anafo en Ayisha Seidu uit Zaare in Ghana....

Het Ghanese erf dat het Afrika Museum in Berg en Dal heeft nagebouwd, lijkt best op dat van thuis, maar verder is alles in Nederland anders voor de drie Ghanese vrouwen die vijf weken in het museum hun handvaardigheden tonen. Ayisha Seidu: 'We zeiden tegen elkaar: waar zijn de mensen? We zien alleen maar auto's op straat.'

Hun dorp heet Zaare. Het ligt in het afgelegen noorden van Ghana. Enkele rijkere inwoners hebben een auto, de meeste mensen gaan er te voet. Er is geen elektriciteit. Voor ze naar Nederland kwamen, bleven ze eerst een week in de hoofdstad Accra, twee van de drie voor het eerst van hun leven, om te wennen aan moderne dingen.

Vooral voor de vliegreis waren ze zenuwachtig geweest, zegt Abanemah Anafo: zouden ze tussen alleen maar blanken zitten? In Zaare kennen ze eigenlijk als enige blanke Wiljo Fleurkens, de Nederlandse echtgenoot van Memuna Fleurkens-Karim, die het project leidt waaraan zij thuis meedoen. Gelukkig, er zaten ook veel zwarte mensen in het vliegtuig.

Memuna Karim begon in 1999 haar organisatie United Cross Culture Ghana (unitedcc@ africaonline. com. gh). Ze wilde de dorpelingen in haar vergeten geboortestreek van het Kusasivolk steunen. Nu heeft de organisatie 380 leden in vijf dorpen. Tweederde van die leden is vrouw. De club probeert de drinkwatervoorziening in de dorpen te verbeteren, helpt kinderen om naar school te gaan en probeert in Europa markten te vinden voor de manden, keramiek en lederwaren die de leden maken.

Atipoka Abugre (55) heeft zes kinderen en acht kleinkinderen. Ze is pottenbakster, maar bewerkt ook het land. Haar man is oud en ziekelijk. Hij heeft drie koeien. Abanemah Anafo (48) vlecht manden. Ze heeft vijf kinderen en drie kleinkinderen. Haar man heeft twee vrouwen. Ze verbouwt gierst en sorghum en houdt drie schapen. Haar kippen zijn gestorven aan een virus. Ayisha Seidu (31) is kleermaakster, ze ontwerpt zelf en geeft vijf meisjes les in haar atelier. Haar man zit in het leger, ze hebben geen kinderen. Zij heeft ook nog een veldje met maïs.

Nu zitten ze van woensdag tot zondag in een nagemaakte hut in het Afrika Museum en geven demonstraties manden vlechten, pottenbakken en naaien. Ze hadden al foto's van het museum gezien, want twee groepen uit hun streek gingen hen de afgelopen jaren voor. Ze missen de harde wind van thuis en de omgeving hier is wel heel groen, met gras en bomen. Verder lijkt het best op thuis. Het weer helpt ook, ze hebben het niet koud. Ze zouden wel in de museumhutten willen slapen, maar dat vindt de museumdirectie niet zo'n goed idee.

Dan maar in de wonderlijke wereld van douches met warm water, afwasmachines en gasfornuizen. Abanemah Anafo is verrukt van de was-en droogmachines. En dan die wc! 'Ik dacht: waar blijft alles?'

Ze hadden zich vooral verheugd op het bezoek aan de ouders van Wiljo Fleurkens, zegt Atipoka Abugre. Het is belangrijk te zien hoe de familie van een vriend leeft. Ze hadden er gegeten, natuurlijk, maar mochten niet afwassen. Dat had haar verbaasd, want thuis moeten de jongeren alles doen voor de ouderen. Het had haar aan het denken gezet. 'Misschien moeten we thuis de kinderen ook meer de ruimte laten, dan hebben ze meer tijd om te leren.'

Nederlanders vinden het heel belangrijk dat hun kinderen leren, merkte ze. De kinderen die naar het museum komen zijn zo leergierig, ze willen graag leren van de Ghanese vrouwen. Dat had hen alle drie eigenlijk meer getroffen dan al die elektrische apparaten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.