Naar de sportschool om de planeet te redden

Mensen hebben de heilige plicht hun leven te beteren, vindt de Duitse filosoof Peter Sloterdijk. Dat is hard werken, erkent hij. 'Het valt niet mee om een heilige of een Rembrandt te worden, maar je kunt er elke dag op oefenen.'

De mens is een oefendier, zegt filosoof Peter Sloterdijk. In Duitsland gaan zeven miljoen mensen meerdere keren per week naar de sportschool, een op de vijf tot zes volwassen Duitsers. Stel je voor dat je hun energie op het elektriciteitsnet zou kunnen aansluiten, zegt Sloterdijk, dan zou je één kerncentrale kunnen uitschakelen. 'We hebben een musculaire reactor tot onze beschikking. Nu verdwijnt die energie nog in het luchtledige, ooit zal ze worden opgevangen', zegt hij.


Naar de sportschool om de planeet te redden, die gedachte vat de strekking van Sloterdijks nieuwe boek aardig samen. Je moet je leven veranderen gaat voor een deel over de noodzaak om je conditie te verbeteren en meer groente te eten. Maar wel met een hoger doel in gedachten, dat niet eeuwig is, maar zich in onze tijd met grote urgentie opdringt. We moeten ons leven veranderen ter wille van milieu en mensheid. Vanwege het klimaat en de uitputting van grond- en brandstoffen moeten we onze ecologische voetafdruk zo klein mogelijk maken. En in een tijdperk van globalisering en onderlinge afhankelijkheid kunnen we slechts overleven als we echte wereldburgers worden.


Je moet je leven veranderen, dat klinkt een beetje als een zelfhulpboek. 'Als je op de titel afgaat, zou je zeggen: dit boek hoort niet op de filosofie-afdeling thuis, maar op de doe-het-zelfplank. Veel Duitse lezers dachten dat ook. Echtelieden gaven het elkaar cadeau als klein wapen in de gezinsoorlog', zegt Sloterdijk, in zijn werkkamer in de Hochschule für Gestaltung in Karlsruhe, de kunstacademie waarvan hij rector is.


De titel is ontleend aan een gedicht van Rainer Maria Rilke, verschenen in 1907. De dichter werd destijds zodanig geraakt door de perfectie van een klassieke Griekse torso, waarschijnlijk in het Louvre, dat hij besefte: zo kan ik niet verder gaan met mijn onvolmaakte bestaan. Iets soortgelijks zou de hedendaagse mens moeten overkomen als hij de diepte van de mondiale crisis op zich in laat werken: zo kan het niet verder!


Het is een opvallend streng geluid voor Sloterdijk, die als kind van de jaren zestig eerder als een libertijn wordt beschouwd. In zijn boek Het Kristalpaleis uit 2006 gebruikte hij een prachtige metafoor voor de westerse wereld: een gigantische broeikas waar de mens wordt afgeschermd van de boze buitenwereld, in een zorgvuldig geregeld kunstmatig klimaat dat een maximaal comfort moet garanderen. Hij schreef het destijds licht ironisch op, als een geamuseerde toeschouwer. Nu is zijn toon heel anders. Hij houdt de verwende inwoners voor dat hun kristalpaleis niet duurzaam is. Hij legt ze zelfs een gebod voor, een absolute imperatief: je moet je leven veranderen.


Wat is er gebeurd sinds u Het Kristalpaleis schreef?

'Het Kristalpaleis is een boek over de moderne wereld als een experiment om het leven te ontlasten. Sinds duizenden jaren vinden mensen het leven te zwaar. Alles wat te zwaar is, wordt gemakkelijker gemaakt. Sinds de 17de eeuw gebruiken we de techniek daarvoor. Maar in het kristalpaleis is nu een paradox opgedoken. Door die ontlasting wordt het leven juist zwaarder, omdat de techniek contraproductieve gevolgen heeft. Ik zag gisteren beelden van de automobielsalon in Shanghai. De hele Duitse auto-industrie was natuurlijk aanwezig met een armada aan nieuwe voertuigen. Maar ik zag ook beelden van Peking waar het vanaf 8 uur 's ochtends stop and go is. De grote-stadsChinees koopt een auto als prestigeobject en als een technisch object om zijn leven gemakkelijker te maken. Vervolgens ervaart hij dat hij door de auto alleen maar langer onderweg is. Hij zit opgesloten in een soort edele helsmachine die zijn leven niet lichter, maar zwaarder maakt.


'Tegelijk zien we beelden uit Japan. In een omtrek van 30 kilometer rond Fukushima mogen mensen niet naar hun huizen terugkeren. Elektriciteit is bij uitstek de energiebron die het leven voor mensen in de technische wereld gemakkelijker moest maken. Aan het begin van de 20ste eeuw schreven filosofen als Ernst Jünger en Martin Heidegger over stroom als een titaan, eenreusachtig persoon uit de Griekse mythologie. Maar als de titaan instort, verstoort hij het leven dat hij eigenlijk gemakkelijker zou moeten maken.


'Ik geloof dat deze crisis de kracht van een imperatief heeft. Zij roept mensen op hun leven te veranderen. Ik noem haar ook de godin Crisis.'


Zoals de monotheïstische God die drieduizend jaar geleden op de wereld verscheen en de mensen opriep hun leven te veranderen.

'Bijna wel, ja. Daarom spreek ik ook in enkelvoud van dé crisis, hoewel zij zeer gedifferentieerd is en uit duizend mozaïekdeeltjes bestaat.'


Maar is deze crisis echt zo dramatisch?

'Je kunt de catastrofe zien aankomen. We staan voor enorme opgaven. We moeten onze hele beschaving transformeren, de hele techniek moet omgebouwd worden. De fossiele brandstoffen vormen, zoals de Duitse ecoloog Sieferle zegt, een onderaards bos dat niet meer groeit, dat we alleen nog maar verbranden. Dat zal de komende honderd jaar verdwijnen. We moeten die techniek gebruiken om een andere beschaving te ontwikkelen, ook in technisch opzicht. Zonder kernenergie, zonder de oude fossiele brandstoffen. Hoe eerder we aan deze transformatie beginnen, hoe beter. Dat zit allemaal in deze nieuwe imperatief. Maar Je moet je leven veranderen heeft ook andere componenten: het sportieve, een ander dieet, een andere omgang met de natuur, een andere landbouw.'


We hebben al zo veel crises overleefd. Je kunt de steeds terugkerende crisis ook beschouwen als een chronische ziekte waarmee je heel oud kunt worden.

'De crisis is geen imperatief die voor alle mensen geldt, niet overal. Ik kan me voorstellen dat een Afrikaan of een Arabier liever naar de christelijke of de islamitische imperatief luistert, dat is de absolute imperatief in een oudere redactie. Voor het grootste deel van de mensheid is de nieuwe absolute imperatief, die ik de ecologisch-kosmopolitische imperatief noem, nog niet in zijn volle kracht waarneembaar, omdat ze heel andere problemen hebben. Maar wij, de burgers van de frontcultuur, die de crisis eigenlijk geënsceneerd hebben, wij leven al midden in het centrale stralingsgebied van deze zender. Radio Crisis wordt in onze contreien zeer helder ontvangen.'


Sloterdijk formuleert een opmerkelijk antwoord op deze crisis. Er zal een nieuwe avantgarde opstaan, die de weg wijst naar een groenere wereld waarin mensen vreedzaam coëxisteren, omdat zij zich wereldburger voelen. Zulke doelstellingen lijken moeilijk, zo niet onmogelijk te verwezenlijken. Zijn mensen bereid hun consumptieve, vervuilende levensstijl op te geven? En zullen zij rekening willen houden met zeven miljard medewereldburgers die zij helemaal niet kennen? Voor Sloterdijk zelf is het moeilijk genoeg, erkent hij. 'Ik moet als wereldburger mijn man staan ook al ken ik nauwelijks mijn buren en verwaarloos ik mijn vrienden', schrijft hij. Hoewel 'mensheid' geen geldig adres is, toch moet ik aan haar denken bij elke handeling die ik verricht, als 'een fakir van de coëxistentie met alles en allen'.


Maar Sloterdijk verwijst naar Friedrich Nietzsche: de mens kan alleen vooruit als hij naar het onmogelijke streeft. Natuurlijk zal ook de succesvolste mens nooit bereiken wat hem voor ogen staat, maar progressie is slechts mogelijk door de 'verticale spanning' tussen dagelijkse werkelijkheid en onvervulbaar ideaal, aldus Sloterdijk. 'Er zijn altijd mensen geweest die zijn doorgegaan, ook al weten zij dat het onmogelijk is. De grote kunstenaars, de heiligen uit de Middeleeuwen, de belangrijke atleten', zegt Sloterdijk. Zij probeerden het onmogelijke te bereiken door consequente oefening. Juist die oefening is cruciaal om de kloof tussen ideaal en werkelijkheid te verkleinen. Het valt niet mee om een heilige of een Rembrandt te worden, maar je kunt er elke dag op oefenen. Wie weet kom je nog een heel eind, maar je komt in elk geval verder dan wanneer je je bij voorbaat neerlegt bij de dagelijkse werkelijkheid. Op soortgelijke wijze kan ook het afzien van vervuilende consumptie of het ontwikkelen van een modus vivendi met de rest van de mensheid dagelijks geoefend worden, aldus Sloterdijk.


'Het oefenen wordt in de geschiedenis telkens ontdekt als de cultuur complexer en veeleisender wordt', zegt Sloterdijk. Je moet je leven veranderen kan dan ook worden gelezen als een 'oefengeschiedenis' van de mensheid. De oude Grieken kenden zo'n trainende avantgarde, net als de vroege boeddhisten de weg naar bevrijding door permanente oefening wezen. 'De westerse cultuur kent met het stoïcisme een soortgelijke leer, waarin de mens wijs wordt door permanente oefening. Dan komt het christendom met zijn nieuwe regels. De christelijke kloostercultuur was een extreme oefeningscultuur. In het moderne christendom hoef je niets meer te doen, God houdt toch wel van je. Dat is een idyllische, kneuterige vorm van consumptiereligie. Maar het eigenlijke christendom is een zeer elitaire, extreem ascetische levensvorm. Rond 1500 komt de artistieke ascese op. Men oefent in de kunst. Daardoor ontstaan nieuwe idealen, nieuwe helden. In de Middeleeuwen hadden we Franciscus van Assisi en Thomas van Aquino, in de 19de eeuw Paganini en Richard Wagner.'


In de naoorlogse samenleving, het kristalpaleis, raakte de verticale spanning op de achtergrond. Het horizontale werd belangrijker gevonden: iedereen moest gelijk zijn. 'In het kristalpaleis is de partij van de ambitielozen aan de macht, dat is onze goede oude sociaal-democratie. De partij zelf heeft een enorme wil tot de macht, zodat andere mensen hun wil tot onmacht kunnen behouden en zonder ambitie verder mogen leven.'


De crisis zal een einde maken aan dit vlakke landschap, is Sloterdijks overtuiging. Nu leven we nog in een periode van ontkenning en halve maatregelen, alsof we arbeidsplaatsen proberen te redden aan boord van de Titanic. Maar een nieuwe avantgarde zal nieuwe ideeën en technieken ontwikkelen, net als een nieuwe levensstijl die zij permanent zal oefenen en voorleven. Net als de boeddhisten, de christenen of de grote kunstenaars zal zij andere mensen toeroepen: je moet je leven veranderen!


Is dat geen elitair perspectief?

'Ik noem het een avantgarde, geen elite. Elite klinkt te veel naar oude samenleving. Ik geloof dat de verticaliteit opnieuw doordacht moet worden, niet als heerschappij of onderdrukking, niet met al die andere negatieve elementen die er vaak mee verbonden worden, maar eerder als spontane verbetering. We moeten het leven zien als een proces dat naar boven reikt. Het geheel van de cultuur, het menselijke kunnen, de kunst, de wetenschap, dat zijn allemaal fenomenen die in deze vrije verticaliteit hun plaats hebben.'


Waarom bent u er zo van overtuigd dat zo'n nieuwe avantgarde zal opstaan?

'De absolute imperatief - je moet je leven veranderen - verschijnt nu in een andere vorm, omdat de druk van de werkelijkheid zo zal toenemen. In de technische samenleving zijn de spanningen zo toegenomen dat iedereen wel voelt: zo kan het niet verder gaan. We moeten proberen nieuwe regels te formuleren die de reële coëxistentie van een geglobaliseerde mensheid reguleren. Dat gaat verder dan het boeddhistische of christelijke begrip van de gemeenschap. Ik hoef immers niet in Jezus te geloven om te begrijpen dat de oceanen worden bedreigd door een ecologische catastrofe. Ik hoef de raad van Boeddha niet te volgen als ik eraan wil bijdragen dat het atmosferisch omhulsel van de planeet niet verder gecorrumpeerd zal worden.'


'Ik zie die nieuwe avantgarde al ontstaan. Op de hele wereld zie je een nieuwe vorm van reflectie, er ontstaat een nieuwe generatie die haar leven al in dit perspectief overdenkt. Die ethische avantgarde zal men herkennen aan de eisen die zij aan zichzelf stelt en vervult. Zulke groepen bestaan nu al, als je ziet hoe jonge mensen zich engageren met Greenpeace of honderden andere niet-gouvernementele organisaties.'


Zien we niet veel meer een tegenovergestelde ontwikkeling?

'Ja, we zien ook veel pessimisme, opgeven, vermoeidheid, veel 'na-ons-de-zondvloed'. Gevaarlijke houdingen.'


En ook een activistisch populisme, dat niets van zo'n kosmopolitische avantgarde moet hebben. Neem de politieke partij de Ware Finnen, die bij de verkiezingen een grote overwinning heeft geboekt.

'Dat gaat allemaal de verkeerde kant op. Die mensen willen hun leven veranderen om het nog erger te maken. En toch hun goede geweten behouden. Dat geldt ook voor de Nederlanders. Voordat de Finnen Ware Finnen werden, had je al de Ware Nederlanders. De Ware Nederlander ziet er voor de internationale waarnemer uit als een man met een blonde kuif.'


Zal de massa de avantgarde dan wel volgen?

'Ja, ik geloof dat zij zal volgen of moet volgen. Vroeg of laat zal deze nieuwe imperatief ook tot wetgeving leiden. Je kunt niet wachten tot de laatste burger vrijwillig meedoet. Waarschijnlijk zal dat na een catastrofe gebeuren. In de schaduw kun je harde wetten doorvoeren. Niet daarvoor, niet tijdens, maar daarna, als de mensen bijkomen, als ze zwak genoeg zijn om concessies te doen. Een beetje als Duitsland in 1945.'


Heeft u uw leven al veranderd?

'Mijn hele leven is een product van veranderingen. Ik ben in de verandering geboren. Als je in 1966 19 jaar bent, ben je precies oud genoeg om deel te nemen aan de mondiale verandering. Ik moet zeggen: mijn leven heeft de vorm van een permanente revolutie gehad. Van 1968 tot 1975 zat ik de alternatieve cultuur in München, daarna zat ik lange tijd in de psychoanalytische subcultuur, daarna een decennium in de indisch-spirituele subcultuur. Ik ben schrijver geworden, en op mijn oude dag zelfs wielrenner. Met René Gude (directeur van de Internationale School voor Wijsbegeerte, red.) heb ik de Mont Ventoux beklommen.'


U gelooft ook dat we minder vlees moeten eten. Bent u al vegetariër?

'Nee, maar door mijn vrouw ben ik passief vegetariër. Ik zou best vlees willen eten, maar ik krijg het niet.'


Peter Sloterdijk

Peter Sloterdijk is een van de beroemdste filosofen van Duitsland, zo niet van de wereld. In Duitsland is hij ook een tv-persoonlijkheid, bekend om zijn snedige commentaar op actuele gebeurtenissen. Hij werd in 1947 in Karlsruhe geboren als kind van een Nederlandse vader en een Duitse moeder. Het huwelijk hield niet lang stand en Sloterdijk groeide op in Duitsland. In 1986 brak hij door als filosoof met het boek Kritiek van de cynische rede. Sommige vakgenoten verweten hem een te weinig systematische aanpak, maar Sloterdijk werd meteen populair vanwege zijn literaire stijl en prikkelende ideeën. In 1999 was hij het middelpunt van een rel, toen hij opperde dat de mens in de toekomst wellicht langs biotechnologische weg verbeterd zou kunnen worden.


Rond 10 mei verschijnt zijn nieuwste boek Je moet je leven veranderen bij uitgeverij Boom. Hij zal dan ook een toer door Nederland en België maken. Op 13 mei spreekt hij in Amsterdam (voor details zie felix.meritis.nl), op 14 mei in Leusden (isvw.nl), op 15 mei in Antwerpen (ua.ac.be/pswlectures) en op 16 mei in Nijmegen (ru.nl/sp/sloterdijk.


Dit is de laatste aflevering in een reeks interviews met filosofen, in het kader van de Maand van de Filosofie.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden