Na tien jaar ruzie en één filmpje heeft Reusel de pastor die altijd vloekt, lacht en rookt (en house luistert)

Pastor David van Dijk laat parochianen in Reusel zijn favoriete muziek horen: hardstylehouse. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Het bisdom had hem gestuurd om rust te brengen in het verscheurde dorp. Nu is David van Dijk, na één filmpje, bekend als die vloekende, houseminnende, schaterlachende en kettingrokende pastor van Reusel. 

Het Eindhovens Dagblad begon ermee, andere kranten volgden, de video werd overgenomen en uitgezonden door KRO-NCRV en nu weet heel Nederland dat David van Dijk de hele dag loopt te vloeken, een kettingroker is en van hardstylehouse houdt. Sindsdien blijven de journalisten komen om hem in levenden lijve te zien roken, lachen en vloeken. Hem, David van Dijk, een priester.

Hij wordt er, zegt hij nu, niet warm of koud van. Maar als hij de deur van de pastorie opent en er staat weer een journalist, van de Volkskrant deze keer, deinst hij toch een beetje terug. Er komt geen vloek over zijn lippen, geen ‘bloody hell’ dat hem in het hele land beroemd heeft gemaakt. In plaats daarvan blijft hij in de deuropening staan. Een typisch Nederlandse reactie die zegt: je bent welkom, maar het komt nu eigenlijk even niet zo goed uit. Het is razend druk, hij is een uur geleden al aan zijn e-mails begonnen en nog niks opgeschoten, omdat mensen maar blijven bellen en dan staat nu die verslaggever voor de deur. ‘Een interview?’ zegt hij na een lange aarzeling. ‘Nou goed dan, maar niet te lang, want over een halfuurtje heb ik weer wat anders.’

Hij gaat zijn bezoeker voor de gang in, een manneke van 55 kilo in een ­magere spijkerbroek, 43 jaar oud, kapelaan (zeg liever: pastor) en een en al energie. En verbazing. ‘Ik snap niet waarom iedereen ineens zo’n belangstelling voor mij heeft. Nou ja, ik snap het wel. Ik denk dat het is omdat ik a­typisch ben.’

‘Het gepriesterte’

David van Dijk past niet in het hokje dat in Nederland is voorbestemd voor priesters. Hij is te jong, te vrolijk, te menselijk. Wat wel in dat hokje past dat is niet best, weet hij. ‘Wij zijn niet het populairste deel van de bevolking. Wij, het gepriesterte.’ Hij weet dat zijn mensensoort doorgaans meteen wordt ­geïdentificeerd met ruzies, rellen en pedofielen, ‘en sommigen hebben het daarnaar gemaakt! Maar we hebben hier ook nog een heel blijde boodschap te verkondigen.’

Speciaal voor hem, de houseminnende schaterlachende kettingroker, hebben de media een nieuw vakje gemaakt. Daarboven staat ‘bloody hell’ geschreven, omdat dat het zo goed doet in de krantenkoppen. ‘Mensen denken dat ze mij nu kennen, na dat filmpje. Ze denken dat David van Dijk een man is die altijd vloekt en kettingrookt. Maar ze kennen maar een stukje van twee minuut drieënveertig van mij. Ik ben wel een beetje meer dan dat. Ik ben een mens, met mijn zwakheden, maar ik ben ook een geestelijke.’

De nieuwe pastor is in Reusel om een eind te maken aan tien jaar gedonder. Hij is door het bisdom gestuurd, een beetje om zelf na een burn-out weer op gang te komen, maar vooral om rust te brengen in dit verscheurde dorp. Tien jaar geruzie heeft zijn sporen achtergelaten. Van Dijk: ‘Het is een open zenuw. Het is een serieus pijnpunt. Het raakt aan iets wat mensen belangrijk vinden.’

Goed katholiek

Reusel geldt nog als een goed katholiek dorp. Elke zondag zitten er volgens koster Toon Schellekens zo’n tweehonderd mensen in de kerk. Dat maakt het een goede parochie, naar hedendaagse maatstaven, maar Schellekens ‘vindt het slap’. Hij is 82 en heeft veel betere tijden meegemaakt. Nu is er alleen nog maar ruzie, ‘en elk woord dat ik tegen een journalist zeg is er een te veel’, besluit de koster en loopt weg met zijn kruiwagen vol bladeren.

Reusel is niet groot. Van de kerk naar het eind van het dorp is het maar een paar honderd meter, en de mensen kijken nog op als er iemand van buiten het dorp voorbijkomt. Buiten de Kempen zou niemand van Reusel hebben gehoord als de drie pastoors er niet waren geweest. De ellende begon twee pastoors geleden, toen pastoor Luc Buyens tijdens een carnavalsmis weigerde de communie uit te reiken aan een homoseksuele prins Carnaval, ‘Gijs D’n Urste’ (Gijs Vermeulen). Diens ­geaardheid ‘zou niet passen bij het kerkelijk gedachtengoed’, meende de pastoor. Dat was in 2010 en er kwam een rel van die niet alleen de ‘Eindhovense krant’ haalde maar zelfs de landelijke media. Buyens moest weg.

David van Dijk op zijn werkkamer in de parochie, waar hij volgens critici ‘te veel spullen’ zou hebben. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Na Buyens stuurde het bisdom Karel van Roosmalen, een houwdegen die waar hij kwam met ruzie vertrok. ­Hapert, Hoogeloon, Casteren, Druten, Waalwijk, en nu was Reusel aan de beurt. Van Roosmalen maakte ook daar zoveel ruzie dat ene Frank Rovers via internet de parochianen achter zich verzamelde en het bisdom begon te bestoken met brieven. Rovers trommelde de media op en organiseerde zelfs een stille tocht om de ‘dictatoriale’ pastoor weg te krijgen. In januari 2018, na ruim zeven jaar, nam Van Roosmalen eindelijk ontslag. En nu is Rovers op vakantie op Rhodos. ‘Ik heb mijn ding gedaan en ik bemoei me nergens (meer) mee.’

Maar nu is er ‘die nieuwe’, zoals Hans Hendrikx Van Dijk noemt. Hans Hendrikx filmt bruiloften, dat is zijn beroep. Vandaag is er een. ‘In het gemeentehuis, niet in de kerk. Daar trouwt bijna niemand meer. Zo katholiek is het hier ook niet meer.’ Hendrikx kent de nieuwe pastor niet persoonlijk, maar hij weet zo ook wel genoeg: ‘We vallen van het ene uiterste in het andere. Als ik de Eindhovense krant lees, denk ik: is dat nu een moderne pastoor? De uitspraken die die doet. Over het vloeken, bijvoorbeeld. Vloeken is gewoon verboden, dat mag toch niet.’

Hans Hendrikx is een heel gewone Reuselnaar. Maar hij is geen neutrale Reuselnaar. Niemand in Reusel is meer neutraal. Iedereen heeft door al dat geruzie een mening over de pastor, en die mening bepaalt of je naar de kerk gaat of niet. De kerkgang is een politiek statement geworden. ‘Dat is wel heel erg Nederlands hè’, zegt pastor Van Dijk, ‘die meningen. Mensen indelen in vakjes. Ik doe dat zelf ook hoor, maar je moet altijd ook bereid zijn je beeld bij te stellen. En dat gebeurt niet.’

De meningen blijven in Reusel rondvliegen, ook over Van Dijk. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

De meningen blijven in Reusel rondvliegen, ook over de vloekende Van Dijk. Hij heeft zijn eerste confrontatie al gehad. Hij heeft te veel spullen, schreef het Eindhovens Dagblad, op grond van een anonieme brief waarin iemand klaagde over de exorbitante hoeveelheid meubels en dozen die de nieuwe geestelijke had meegebracht uit Geffen. Ook dat was kennelijk een schande.

Hans Hendrikx, die niet naar de kerk gaat, gooit op zijn Facebook-pagina gretig wat olie op het nieuwe vuurtje: ‘Nieuwe pastoor van Reusel-De Mierden David van Dijk. Misschien heeft hij het verkeerde beroep gekozen en had hij beter antiquair kunnen worden.’

‘Dit zijn inderdaad allemaal mijn eigen spullen’, zegt Van Dijk als hij plaatsneemt in ‘zijn eigen kamer’ in de pastorie. De kamer past hem als een goed ingedragen jas. Fauteuils, een tapijt, portretten, kasten vol boeken staan in de nieuwe pastorie op hun vertrouwde plaats, net als in Geffen. ‘Ook een pastor moet zich prettig kunnen voelen in zijn eigen huis. En deze pastorie was veel te formeel’, zegt Van Dijk. ‘En als je verhuist heb je rommel. Natuurlijk. De dozen zijn nog steeds niet allemaal uitgepakt. Het werk gaat voor hè?’

‘Geen enkel conflict’

Negen jaar was hij pastoor in Geffen en Vinkel. Negen fijne jaren waren dat. ‘U hebt me vast gegoogeld. Dan heeft u kunnen zien dat ik daar geen enkel conflict heb gehad.’ ‘Een dijk van een pastoor’ werd hij bij zijn afscheid genoemd, en meer hadden de media eigenlijk niet te melden. Hij gaat ook hier geen ruzie maken, zegt hij.

Ruziemaker Van Roosmalen daarentegen is uitgerekend in Van Dijks Geffen en Vinkel gaan werken als invaller-pastoor. Hij hield het er maar drie weken uit voordat hij ook daar weer met ruzie vertrok. Van Dijk: ‘Daaraan zie je wel dat wij verschillend zijn hè? Hahaha. Je kunt overal keihard tegenin gaan, maar je kunt het ook anders doen.’

Hij staat op en gaat voor naar de tuin waar drie tuinmannen en de koster koffiepauze hebben. Ze praten over de kermis van Reusel die volgende week begint en die in hun jeugd altijd het hoogtepunt was van het jaar. Je had dan de danswedstrijden, waar zelfs de man met het houten been een keer een prijs won. David van Dijk rookt een Chesterfield, de koektrommel staat open, en de koffie blijft komen, totdat Toon Schellekens, de koster, opstaat en het gesprek opbreekt. Er moet gewerkt worden. De struiken en bomen moeten gesnoeid, en het kerkhof moet nog worden aangeharkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden