Na sushi-moord zien Britten in iedere Rus een spion

LONDEN - Groot-Brittannië 'een klein, onbeduidend eiland'? Graag was Alexander Boris de Pfeffel Johnson tijdens het recente partijcongres van de Conservatieve Partij ingegaan op de laatdunkende observatie van Vladimir Poetins persvoorlichter, maar de Londense burgemeester met Russisch bloed zag ervan af.

'Ik wil geen polonium in mijn sushi riskeren door met het Kremlin te redetwisten over statistieken', zei hij. Om vervolgens te melden dat Londen de woonplaats is van vele rijke Russen. Dit vanwege de talrijke voordelen, waaronder de groengebieden die jaarlijks twee miljoen komkommers produceren. 'Maak je borst maar nat, Vladimir Poetin!'

De baldadige woorden van Johnson zijn serieuzer dan ze lijken. De verhouding tussen de Britten en de Russen is zo onderhand slechter dan tijdens de Koude Oorlog. Voornaamste oorzaak is de door Johnson gememoreerde sushi-moord. Zeven jaar geleden overleed ex-KGB-kolonel Aleksandr Litvinenko na het eten van sushi in Londen.

Volgens de Britse politie wijst alles erop dat de voormalige KGB-lijfwacht Andrej Loegovoj achter de moord zit. Litvinenko had een boek geschreven waarin hij onder meer beweerde dat de Russische president Poetin de moord op journaliste en mensenrechtenactiviste Anna Politkovskaja had laten uitvoeren. Rusland weigert Loegovoj, inmiddels Kamerlid, uit te leveren.

Ten tijde van de moord op Litvinenko was de sfeer tussen Rusland en Groot-Brittannië al gespannen. Eerder in 2006 werd er in Moskou een nepsteen met Britse zendapparatuur ontdekt. Zes jaar later gaven de Britten toe dat het ging om een spionageapparatuur.

Maar het op een na oudste beroep ter wereld is nog springlevend. Zo had het liberaal-democratische parlementslid Mike Hancock - een van de weinige bewonderaars van Poetin in het Lagerhuis - een relatie met zijn Russische assistente Katia Zatoeliveter. De blondine bleek een klassieke honeytrap, gestuurd door de Russische geheime dienst om rond te snuffelen in het Britse parlement.

De strubbelingen tussen beide landen blijven niet beperkt tot spionage. In het Verenigd Koninkrijk ergeren steeds meer politici en opinieleiders zich aan de harde lijn van Poetin. Of het nu gaat om het lot van de punkzangeressen van Pussy Riot, van milieuactivisten of die van homo's.

Wrevel wekt ook het feit dat Londen het decor is geworden waar Russen hun vetes uitvechten. Geregeld met advocaten in de hoofdrol en soms met huurmoordenaars.

Op het hoogste politieke niveau is er evenzeer sprake van een ijstijd, zeker in vergelijking met de hartelijke verhouding die bestond tussen Margaret Thatcher en Michail Gorbatsjov.

Met al zijn kostschoolcharme probeert de huidige premier David Cameron een goede band op te bouwen met Poetin, ondanks alle geschillen over spionnen, geopolitiek en mensenrechten. Tijdens de Olympische Spelen van Londen vorig jaar, bracht Poetin voor het eerst sinds de Litvinenko-affaire een bezoek aan Groot-Brittannië. De sfeer was vriendelijk doch afstandelijk.

Cameron besloot Poetin, die de zwarte band bezit, te trakteren op een sportief uitje. 'Ik kijk ernaar uit om de president mee te nemen naar het judo. We zullen toeschouwers zijn, geen deelnemers', zei Cameron.

Het was het verbergen van de wrange waarheid achter een veelzeggende grap. Britser dan dat kan bijna niet.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden