Na de nederlaag

Een van de grappigste momenten uit de verkiezingscampagne van 2012 was een foto van Diederik Samsom achter zijn bureau met de telefoon aan zijn oor. In het bijschrift lazen we dat hij François Hollande aan de lijn had om de koers van Hollande te ondersteunen tegen te veel bezuinigen en voor werkgelegenheid. Of Hollande op dat moment echt aan de lijn hing zullen we nooit weten; politici komen op foto's immers zelfs met lege kinderwagens weg.

Inmiddels hebben beide heren weer een boel te bespreken. Allebei gingen ze meer bezuinigen dan hun achterban lief was, allebei leden ze recentelijk bij lokale verkiezingen een enorme nederlaag, allebei staan ze nu onder druk om opeens alles anders te gaan doen, allebei merken ze dat de marges daarvoor eigenlijk heel smal zijn.

Het blijft bijzonder om te zien hoe 'lokaal' in beide landen de analyse van de verkiezingsnederlaag is. Ontsla een minister, stel de koers bij, trek een wetsvoorstel in... Zou het helpen? Ik denk het niet. Uit het feit dat zowel Hollande als Samsom in de problemen zit kun je immers al een eerste indicatie halen dat hun problemen geen uniek Franse of uniek Hollandse problemen zijn. Mijn stelling zou dan ook zijn dat het weliswaar goede verhalen oplevert om de nederlaag op te hangen aan falend leiderschap, mislukte campagnes en gebroken beloften, maar in de buurt van de waarheid komt het niet.

Internationaal is er eigenlijk geen land waar de sociaal-democratie niet in de problemen zit. Het komt ook zelden voor dat partijen die ten tijde van de crisis verantwoordelijkheid nemen tussentijds beloond worden voor de megabezuinigingen die ze door moeten voeren. Voeg beide observaties samen en het is echt niet zo onverwacht dat sociaal-democraten die op dit moment regeringsverantwoordelijkheid dragen voor megabezuinigingen daarvoor hard worden afgestraft.

Dat bezuinigen niet meteen bonuspunten oplevert, is geen verrassing. En dat linkse partijen daar - tussentijds - nog harder voor afgestraft worden dan rechtse partijen, ook niet. Het probleem van de sociaaldemocratie is dat het in menig land, ook los van de verantwoordelijkheid voor bezuinigingen, al langere tijd niet goed gaat. De versplintering van het politieke midden en de populistische trek naar de flanken speelt daarbij alle volkspartijen parten, maar de sociaal-democratie lijkt er het meest onder te lijden.

Juist de sociaal-democratie floreert als zij een boodschap heeft die lagere klassen met de middenklassen verbindt omdat het de een hoop op vooruitgang en de ander bescherming bij pech biedt. Globalisering van de economie, grote migratiebewegingen, de etnische verkleuring van de lagere klassen: het zijn allemaal ontwikkelingen die op dit moment middenklassen en lagere klassen uiteendrijven in plaats van verbinden.

Voor sociaal-democraten in goede tijden is hun unique selling point dat ze die kloof toch weten te overbruggen. Dan hebben ze een beter verhaal voor de lageropgeleiden dan D66 en GroenLinks en een beter verhaal voor de hogeropgeleiden dan de SP. Maar als het verhaal er niet is, de samenleving langzaam splijt, groepen zich steeds minder met elkaar verbonden voelen en de sociaal-democratie het verbindende verhaal ook niet heeft - dan kunnen de lageropgeleiden net zo goed naar de SP en de hogeropgeleiden naar D66 of GroenLinks.

Sociaal-democraten in allerlei landen zijn al jaren op zoek naar dit nieuwe verhaal dat verbindt in splijtende tijden. Dat lukt nog niet goed, en als je zwaar moet bezuinigen nog minder.

Toch denk ik dat het verhaal zich langzaam maar zeker aandient. Solidariteit was zo'n verbindend principe tijdens de opbouw van de verzorgingsstaat, omdat lagere en middenklassen zich beide even kwetsbaar wisten voor risico's als armoede, werkloosheid en rechteloosheid. De grote welvaartsstijging van de laatste decennia heeft de middenklasse een - wellicht - onterecht gevoel van onkwetsbaarheid gegeven en daarmee de solidariteit ondergraven.

Dat gevoel gaat nu snel voorbij. Het regent bijdragen uit de wetenschap dat in de nasleep van de crisis het juist de middenklasse is die de rekening krijgt gepresenteerd: minder zekerheid over huis, baan en inkomen. Misschien worden werkzekerheid, arbeidsrechten en vangnetten daarmee weer een breed gedragen zaak van welbegrepen eigenbelang.

Alle ingrediënten voor een New Deal.

Wouter Bos is econoom en politicoloog.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden