Na 42 jaar dictatuur staan de Benghazi's zelf aan het roer

BENGHAZI - In de Libische stad Benghazi, 'het zenuwcentrum van de revolutie', brengen bewoners het openbare leven weer op gang. Dat gebeurt op een democratische manier.

Vrijwilligers delen thee en voedsel uit aan bewoners van Benghazi. Zij maken de straten schoon en zorgen voor veiligheid. In de tweede stad van Libië zijn dertien comités in het leven geroepen die het openbare leven weer op gang moeten brengen. Foto: Sven Torfinn / de Volkskrant

De wereld mag dan een tikje hebben gekregen en uit haar baan zijn geschoten, de mensen op straat mogen dan bijna walsend van vreugde langs hem trekken, de elektricien werkt onverstoorbaar door. Het leven mag dan weinig zekerheid kennen, de zekeringen worden gewoon vervangen. Omdat dat zo hoort. De elektricien toont het Benghazi aan het begin van een nieuwe werkweek.

Het is een stad die zich bevrijdde van het juk van kolonel Kadhafi, die haar doden betreurt en haar vrijheid nog altijd viert. Het is ook een stad waar de eerste grote borden verschijnen met de oproep om de boel een beetje schoon te houden. Een stad waar het openbare leven weer op gang komt.

Zelf uitzoeken
Hoe dat moet, 'besturen', is iets wat de inwoners zelf aan het uitzoeken zijn. In de tweede stad van Libië zijn dertien comités in het leven geroepen die moeten garanderen dat de kinderen weer naar school kunnen, de ziekenhuizen voldoende medicijnen houden, de straten worden geveegd en oma niet al te lang in de rij hoeft te staan voor een nieuwe gasfles om te koken.

De comités houden zitting in 'het zenuwcentrum van de revolutie', het vroegere gerechtsgebouw bij de boulevard langs de Middellandse Zee. Buiten zijn tenten opgezet waarvan het blauwe zeil wind en regen nauwelijks kunnen tegenhouden en waar jong en oud, allen mannen, doen wat mannen overal ter wereld zo goed kunnen: ouwehoeren. Binnen, tussen de onlangs nog witgeverfde muren, wordt echt gewerkt.

Democratisch
Zoals door Mustafa Geriani. Hij is een elegante veertiger, die enkele weken geleden nog zijn kost verdiende als directeur van een bouwbedrijf. Nu heeft hij de zaken tijdelijk stilgelegd en is hij als een van de vele vrijwilligers voor het nieuwe Benghazi aan de slag gegaan. Om hem heen wervelen talloze andere mannen en zeker ook vrouwen.

'Onze situatie is ietsje anders dan die in Egypte of Tunesië', vertelt Geriani. 'De Egyptenaren hebben een regering, zij hebben een vertrekpunt als zij hun leider afzetten. Wij hebben dat niet. Als je hier de leider afzet, is er niets meer. Geen regering, geen systeem.' En dus zijn de inwoners druk doende het zelf te bedenken. Als burgers, die 42 jaar dictatuur kenden, maar nu het spel graag zo democratisch mogelijk spelen.

Vrouwen
Toen Kadhafi in 1969 de macht greep, begon hij zijn zegetocht in Benghazi. Nu is zijn ondergang ook in Benghazi in gang gezet. Tussen de leider en de stronteigenwijze maar ook volhardende Benghazi's botert het al jaren niet meer. Kadhafi kwam er hooguit nog langs als hij op weg was naar El Beida, de geboorteplaats van zijn vrouw. Nu zoek je in de stad vergeefs naar zelfs maar een flintertje van zijn portret.

'Wij hebben in al die jaren nooit instituties opgebouwd zien worden', zegt Iman Bugaighis. Zij is een van de academisch geschoolde vrouwen in de stad die de knallen waarmee Kadhafi's regime ten val kwam ook interpreteerden als klaroenstoten om de eigen competentie als bestuurder tentoon te spreiden. 'Hier gold enkel de loyaliteit aan slechts één man.' Tijd dus voor verandering.

Mensenrechten
Hannah Elgallal ('ik was benoemd als docente mensenrechten, maar ja, doceer onder Kadhafi maar eens mensenrechten') valt haar bij. 'Het was overweldigend voor ons allemaal. Wij zijn maar gewone mensen, we zijn burgers, niemand van ons is politicus of wat dan ook. Maar het loopt. Kan ik het uitleggen? Nee. Ik weet het niet, het gaat van minuut tot minuut. En op een of andere manier werkt het.' Ze slaakt een zucht, haar stem is hees van alle emoties: 'Het werkt.'

Dus komen er in Benghazi gewoon water uit de kraan en stroom uit het stopcontact. Bij de elektriciteitscentrale in het noorden van Benghazi staat kolonel Ahmed. Hij is een van de soldaten die de opstand hielpen slagen, door de kant van de demonstranten te kiezen. 'Ik ben hier al vijf dagen, dag en nacht. Aan slapen kom ik nauwelijks toe, mijn gezin heb ik al die tijd niet gezien. Ik blijf hier zo lang het nodig is om de centrale te bewaken. Niemand zal hier de boel saboteren.'

Vrijwilligers
Veel, zo niet alles, komt in deze dagen van geïmproviseerd zelfbestuur voor rekening van vrijwilligers. Zoals Mahmoud Elgin. Hij runt een gratis taxidienst. In de massa mensen op straat is hij gemakkelijk te herkennen aan zijn gele, reflecterende hesje en de 'nieuwe' Libische vlag die hij als een goedmoedig roverhoofdman om zijn hoofd heeft geknoopt.

'Ik ben geboren in hetzelfde jaar waarin Kadhafi aan de macht kwam. Ik ben dus even oud als zijn bewind. Toen er deze maand nog maar een handvol mensen hier op straat stond, was ik al bij hen om mee te demonstreren. Ik kan je niet zeggen hoe diep ik Kadhafi haat. Maar hij gaat. En ik voel me herboren.'

 Als je hier de leider afzet, is er niets meer.  
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden