Muntjes opgooien

Jan Timman krijgt veertig minuten voor zijn partij, maar kan winnen of verliezen, en Henny Stoel moet beginnen met lezen als haar stopwatch iets tussen de 0 en 1 minuut/09,155 seconden aangeeft....

Denker. Schrijver. Beeldend kunstenaar. Paddenstoelenkenner. Componist. Geen componist. Tóch een componist: 'Cage heeft ons allemaal beïnvloed, ook degenen die niet door hem beïnvloed zijn', sprak ooit de componist Mauricio Kagel.

John Cage. Waar zijn naam valt, hangt een paradox in de lucht. Zelf zei hij tegen Arnold Schönberg, bij wie hij als twintiger in de leer was, dat hij 'geen gevoel voor harmonie' had. Schönberg zei dat Cage dan altijd 'tegen een muur' zou oplopen. 'Dan zal ik mijn verdere leven mijn kop tegen die muur slaan', antwoordde de leerling.

John Cage: Puur toeval heet het festival dat zich vanaf vrijdag in Amsterdam afspeelt, in vijf zalen en op twee rondvaartboten. Het wordt een driedaagse met het Ives Ensemble, en met de nieuwslezers Henny Stoel en Joop van Zijl. Met 68 orkestmusici en met de schakers Jan Timman en Hans Ree, met vogelgeluiden en met de choreograaf Ton Simons. Met acteurs, pianisten, violisten, radiotoestellen.

En waarom? 'Omdat we vinden dat er zo ongelooflijk is gesold met John Cage', zegt de componist Richard Rijnvos, die met de pianist John Snijders het festival heeft samengesteld, tien jaar na Cages dood. 'Wij willen laten horen wat Cage bedoeld heeft: het tegendeel van alles kan en alles mag.'

'Cage, de geniale charlatan, met die term heb ik geen geduld', zegt Snijders. Nooit zag Snijders hem bozer dan in Darmstadt, waar de befaamde fluitist Artaud een uitvoering leidde van Cages ensemblestuk Ryoanji, 'zó slecht, opgeleukt met eigen vondstjes.'

Snijders leerde Cage in 1988 kennen bij een project van het conservatorium in Den Haag. Snijders speelde in stukken als Five en Two, en had een 'ongelooflijke tijd'. Zijn vriend Rijnvos werd er 'door elkaar geschud'. 'Als jullie ooit in New York zijn, moeten jullie langskomen', zei de 76-jarige, verrast door hun toewijding.

'New York?', zegt Rijnvos, 'ik had nog nooit in een vliegtuig gezeten.' Kort daarop ontving hij de Perspektiefprijs. Hij kocht er een fles oude jenever van, en een retourtje Manhattan. De jenever was voor Cage. Snijders en Rijnvos troffen hem aan in zijn flat, plat op de grond en met de benen omhoog. Geblesseerd aan een enkel, na een val in het bos bij het paddestoelenzoeken.

Hij beloofde ze een nieuw stuk. Ze mochten zelf de bezetting aangeven. Rijnvos en Snijders noemden tien instrumenten. Een paar maanden later plofte Ten in de brievenbus. Het is een van Cages laatste stukken. Hels moeilijk, met 84 microtonen binnen het oktaaf. De musici beslissen zelf over de tijdsindeling van hun noten, binnen aangegeven time brackets. Snijders: 'Wat wij in ieder geval weten, is dat elke noot zo mooi mogelijk moet klinken.'

'Ik heb iets tegen die veelgebruikte term aleatoriek', zegt Rijnvos. 'Ik zie dan meteen een dirigent voor me die halverwege een orkeststuk van Lutoslawski een vinger in de lucht steekt, waarna de musici flauwe loops gaan spelen.'

Cage had ook helemaal niets met de alea oftewel de dobbelsteen, constateert Snijders, maar des te meer met de getallen die hij kreeg door muntjes op te gooien, volgens de 'procedures' behorend bij het Chinese 'boek der veranderingen' I Tjing. Rijnvos: 'Gewoon een middel om ergens te komen. Wat voor de een toonreeks is, was voor Cage het toeval.'

Wel 'tijdrovend', volgens Snijders, 'dat opgooien van munten, bij elke compositorische beslissing.' 'Cage was er echt mee geholpen, toen Andrew Culver een computerprogramma schreef dat de I Tjing simuleert. Anders was hij nooit aan 311 werken toegekomen.'

Ton Simons, die voor het Cagefestival een choreografie heeft gemaakt op Cages Sixteen Dances, was in New York ooit studioassistent bij de choreograaf Merce Cunningham, Cages levensgezel en artistieke kompaan. Moeiteloos citeert hij de componist: 'Ik heb gevraagd wat I Tjing van het computerprogramma vindt. Het antwoord kwam: I Tjing is blij, en beschouwt het als een grote vooruitgang voor de kunsten in de hele wereld.' Simons schatert. Ook hij werkt vaak met toevalsprincipes, voor de belichting, de volgorde van bewegingsfragmentjes. 'Het stimuleert je, in plaats van dat je voortdurend teruggrijpt op oude ervaringen.'

Maar een onzichtbare genius moest je in het orakelboek niet zoeken, weet Simons. 'Mystiek zat er niet bij. Cage zag een dansduet van mij. Ik had een meesterzet bedacht met een ei dat kapotviel. Johns enige commentaar was: 'En nu moet je je rommel opruimen.' Cage, thuis een nieuwe universiteitslezing voordragend (Simons zet er de bijbehorende stem bij op): 'Architecture is oppressing. Music is irritating. Painting is boring. Dance is disgusting. Zo, en dat was dat.'

Jan Timman, die zondag tegen Hans Ree aantreedt in de uitvoering van een Solo for Voice & Cartridge Music, met elektrisch versterkt schaakbord, kent zijn klassieken: 'De kunstenaar Marcel Duchamp, Cages vriend en voorbeeld, heeft in Hamburg 1930 nog aan het eerste bord gezeten voor Frankrijk. Hij speelde remise, ik ken die partij.' Aan voorspellingen over de afloop van het duel met Ree waagt Timman zich niet. 'Maar de vereiste veertig minuten worden wel volgemaakt.'

Henny Stoel, die zich zondag moet inschepen in een boot van rederij Plas, waar zij in het werk Speech (1955) begeleiding krijgt van vijf radio's, zal volgens Cages partituur nieuws voorlezen uit twee kranten. Ook zij is toegepraat naar pure precisie: 'Ik moet beginnen tussen de 0 en de 1 minuut/09,155 seconden op mijn stopwatch.' Haar tekstbronnen zijn de Volkskrant en de Apeldoornse Courant.

De Schotse componist en ornitholoog Magnus Robb heeft voor de uitvoering van Telephones & Birds 32 vogelsoorten op tape gezet. Waaronder de Shetlandse papegaaiduiker, die in een hol onder de grond het geluid maakt van 'een soort Harley Davidson'. Robb hoopt dat I Tjing die ook áánwijst. De muntjes worden tijdens de uitvoering gegooid. Aan de telefoonnummers wordt bijzondere aandacht besteed: een vroegere uitvoering ging mis. Men kwam uit op interne doorkiessystemen, waar I Tjing geen raad mee wist.

'Je moet de dingen praktisch bekijken', zegt Snijders, 'net als Cage, toen hij met zijn paddestoelenkennis in Italië een tv-quiz won. Van het geld kon hij een VW-busje kopen.' Cages macrobiotiek, weet Rijnvos, was niet anders dan een remedie tegen reuma. Yoko Ono deed hem het advies.

De uitvoering van Cheap Imitation, door 24 musici, wordt een Nederlandse 'boetedoening'. Pogingen in de jaren zeventig hadden een fatale afloop. Dirigenten trokken nauwelijks repetitietijd uit. Rijnvos: 'Cage zag een orkest als een verzameling individuen. Dat was niet zozeer een vergissing, als wel een utopie.' Snijders: 'Zijn tragiek was, dat niemand zijn discipline herkende.' Rijnvos: 'Hij was te vriendelijk voor deze wereld.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.