'Mulisch gaf kleur aan het grijs'

Een scherpe regenboog tijdens het drukbezochte afscheid van Mulisch zaterdag. 'Dit kan geen toeval zijn.'

AMSTERDAM Onder vallend blad, een miezerige regen en bij het geknisper van grind nemen zaterdagmiddag honderden genodigden en minstens zoveel belangstellenden afscheid van de Schrijver, de Vriend, de Vader, de Verhevene. Zijn graf, op het door prominenten zo geliefde Zorgvlied, ligt rechts van de ingang, twee minuten lopen hoogstens.


Maar het lint van bewonderaars neemt vanaf half drie de hele begraafplaats in bezit. Via de oprijlaan, door de aula, trekt de stoet over de Fluwelen Hoofdlaan naar Zocher - naar de laatste rustplaats van Harry Mulisch.


Om 14.59 uur zakt de kist. Het graf wordt omgeven door een bloemenpraal in een halve cirkel van zo'n vijftien meter. Schuin er tegenover staan fier overeind drie gele rozen en een vaas met verse gele tulpen. 'Zocher Links; H.A.F.M.O. van Mierlo, 18 maart 2010'. Hans en Harry van de Herenclub, nog geen jaar geleden samen, liggen op 4 meter van elkaar verwijderd.


De tachtigers van de Herenclub, elke maandag bijeen, hebben in korte tijd twee van hun eminente leden verloren. Zij die overblijven, onder wie Cees Nooteboom, Reinbert de Leeuw en Marcel van Dam, staan er getekend bij als dochter Frieda hevig schreit bij het graf van haar vader.


De rondvaartboot 'Van Gogh' met de ruwblankhouten kist, de familie, de leden van de club en overige intimi, is anderhalf uur hiervoor vertrokken vanaf Mulisch' woonhuis aan de Leidsekade, net achter het Leidseplein. De tocht voert via de Prinsengracht, over de Amstel, tot aan de aanlegsteiger bij de begraafplaats. Op alle bruggen langs de route staan bewonderaars: nieuwsgierige Mokumers zij aan zij met literaire fans, jong en oud, uit de twaalf provinciën.


Tijdens de vaart toont zich een scherpe regenboog, wat aanwezigen poëtisch inspireert: dit kan geen toeval zijn. De boog, de zware wolkenpartijen erachter, gecombineerd met de melodramatische Jiddische klanken van het blazersensemble en de aan boord rokende dames met donkere zonnebrillen, maken het tot een Fellini-achtig tafereel.


De laatste van 'De Grote Drie', zoals Mulisch dezer dagen werd gememoreerd, krijgt het afscheid zoals hij zich dat wenste. De ter aardebestelling, de muziek, de sprekers, de boot, de nazit voor vrienden in hotel Americain: het is mede naar zijn scenario. Op zijn sterfbed klonk hij voldaan: 'Nu hoef ik alleen nog dood te gaan. Dan kan het feest beginnen.'


In de rechtstreekse tv-uitzending vanuit de Stadsschouwburg wordt de grandeur van Mulisch geëtaleerd. Zijn onderscheidingen - waaronder die van Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, de erepenning van de stad Amsterdam en het Bundesverdienstkreuz I. Klasse - zijn op drie roodfluwelen kussens gespeld, die haast zweven op het podium. Een videoscherm erachter toont de gang van kist van de Leidsekade naar de schouwburg. Het Leidseplein is afgezet.


Binnen wordt de plechtigheid muzikaal omlijst door Reinbert de Leeuw die Wagner en Chopin speelt en - quatre-mains met Louis Andriessen - Schubert. Zijn uitgever/vriend Robbert Ammerlaan van De Bezige Bij benoemt de Schrijver: een man 'die boven de polder uitsteeg en kleur gaf aan het grijs'. Hoogleraar Letterkunde/vriendin Marita Mathijsen markeert het verlies voor de literatuur, maar put er moed uit dat 'een magistraal oeuvre behouden blijft'.


Marcel van Dam spreekt over Mulisch als Vriend, en als soevereine denker van de Herenclub. 'Wij hadden geen voorzitter, omdat Harry dat overbodig maakte.' 'Sommige grote geesten krijgen na hun dood een standbeeld als beloning voor hun bijdrage aan de samenleving. Harry is als standbeeld geboren en beloonde de samenleving met zijn bijdrage.'


Zijn beide dochters Anna en Frieda verhalen over Mulisch als Vader. De man die thuis vaak huilend kijkt naar een video met de meest afschuwelijke oorlogsbeelden, met socialistische strijdliederen op de achtergrond. Maar ook de vader die 's avonds laat op de Leidsekade lepeltje-lepeltje ligt met de Frieda's dode kat Vito, die uit de dakgoot is gevallen.


Dieren zijn voor Mulisch schepselen zonder geweten. Anders dan de mens zijn zij onschuldig. Anna vertelt het ongelooflijke verhaal van de 150 paarden in het Friese Marrum, die vier jaar geleden door de Waddenzee werden ingesloten. Twintig dieren verdrinken. De rest staat voor het oog van de natie samengepropt op een zandbank. Na diverse mislukte pogingen lukt het vier vrouwelijke ruiters de paarden te bevrijden.


De foto van die paarden hing boven Mulisch' sterfbed. 'Een verhaal mooier dan Shakespeare', zei hij in zijn laatste week. Weduwe Kitty Saal toont de film over de redding aan het slot van de herdenkingsceremonie, met muziek uit de Wagners opera Tristan und Isolde.


De dood is Harry Mulisch op 83-jarige leeftijd op fluwelen voeten komen halen. Prof. dr. mr. ir. H.K.W. Mulisch esq. - zoals hij ooit op zijn jongenskamer had staan, is op 83-jarige leeftijd rustig en zonder pijn heengegaan. Als Verhevene is hij zaterdag groots herdacht.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden