Mozart in sfeer van raadsel en geheim

Regie: Simon McBurney. Solisten, Koor van de Nederlandse Opera, Nederlands Kamerorkest o.l.v. Marc Albrecht. Amsterdam, Het Muziektheater, 6/12. Voorstellingen t/m 30/12, dno.nl.

Vanuit een rolstoel vuurt de Koningin van de Nacht haar coloraturen af. De vogelvanger Papageno sjokt rond met een alledaagse keukentrap. Op zijn beurt aanvaardt Prins Tamino de zoektocht naar wijsheid en verlichting in een camouflagepak.


Door het Amsterdamse Muziektheater schuifelen dezer dagen bovendien Drie Knapen. Krombenige oudjes zijn het, verdwaalde monsters uit een Harry-Potterfilm. Voeg vrouwvolk toe in jurkjes met naaktprint, en wie vooraf had moeten gokken, zag de Britse regisseur Simon McBurney met Die Zauberflöte regelrecht afstevenen op een clash met een meute beledigde Mozartminnaars.


Na de première stond Het Muziektheater inderdaad in lichterlaaie. De slotnoot was nog niet verklonken, of een applausorkaan ontlaadde zich boven het Nederlands Kamerorkest en dirigent Marc Albrecht. Ook de zangsolisten kregen hun eerlijke deel, al kampte een enkeling met een door glassplinters gehavende voet. Nee, in deze Zauberflöte verliep niet alles volgens plan. Maar wel werd er muziektheater bedreven op het scherpst van de snede. Tot slot kon ook regisseur McBurney in triomf worden onthaald.


In 2010 beleefde hij aan het Waterlooplein zijn eerste opera-avontuur, met A Dog's Heart van Alexander Raskatov. Eerder dit jaar verkoos het publiek zijn theatervoorstelling The Master and Margarita nog tot de beste productie van het Holland Festival. En nu, na een wervelende Zauberflöte, lijkt Simon McBurneys kostje in Amsterdam gekocht.


De strekking van Mozarts opera - de tocht van bijgeloof naar inzicht - neemt hij op een speelse manier serieus. Zonder zweverige of prekerige neigingen smeedt de Brit zijn complot. Zijn belangrijkste troef: elke medewerker aan de voorstelling wordt medeplichtig.


Zo zit het Nederlands Kamerorkest open en bloot voor het toneel en deinzen de musici niet terug voor een geïmproviseerd vogel- of regengeluid. Zonder morren stapt voorman Marc Albrecht aan de kant wanneer Sarastro, de hogepriester, zijn eigen entree wil dirigeren. En niet eerder vertoond is de fluitist die bij zijn toversolo hydraulisch uittorent boven de collega's.


Een vondst is verder het hangende toneel, in allerlei standen takelbaar, dat dient als glibberig rotspad, vliegend tapijt of solide conferentietafel. Ook is er animatie, live geprojecteerd, met als hoogtepunt de leren boekbanden die verschuiven als de poorten van de Tempel der Wijsheid.


Hoorspelgeluiden verhogen de sfeer van raadsel en geheim. En passant neutraliseert McBurney een paar beruchte partituurproblemen. Uit de keel van drie koboldjes klinkt wankele jongenszang opeens volstrekt logisch. En door de Koningin van de Nacht invalide te verklaren, verschaf je elke sopraan een excuus voor het ongerief dat in haar helse notenslierten altijd loert.


Voor Thomas Oliemans was het intussen prettig dat McBurney zijn Papageno-rol had gestript van aangekoekte meligheid. Als inleiding van de aria Ein Mädchen oder Weibchen schitterde de bariton met twee preistronken en een flessenxylofoon. Hier een slok nemend en daar een plas doend stemde hij zijn instrument.


Bij McBurney maakt het niet uit of een muzieknoot verkeerd valt of een glas kapot gaat. Zijn Zauberflöte heeft het opgeruimde karakter van work in progress. Zo snugger was hij trouwens wel om de sopraan Christine Landshamer, in Pamina's magnifieke treuraria Ach ich fühl's, zonder chicanes de volgspot te gunnen.


Ook Marc Albrecht toonde zich van z'n beste kant. Beet Ingo Metzmacher, zijn voorganger als chef van De Nederlandse Opera, in 2006 de tanden stuk op een Mozarttrilogie, Albrecht schoof onder de capriolen van Simon McBurney een fantastisch muziektapijt.


Drie weken terug vrolijkte dirigent René Jacobs het Concertgebouw nog op met een concertante uitvoering van Mozarts opera Die Zauberflöte. Tot eind december toont De Nederlandse Opera de verfrissende kijk van regisseur Simon McBurney. En vanaf 12 december presenteert de Vlaamse Opera in Antwerpen en Gent zijn eigen versie. De Zauberflöte-golf vloeit rechtstreeks voort uit het 200ste sterfjaar van Emanuel Schikaneder. Deze libertijn en avonturier was niet alleen zanger en componist, maar ook danser, theaterdirecteur en een groot Hamletvertolker. Bovendien is hij de geschiedenis ingegaan als de librettist van Die Zauberflöte en ensceneerde hij in zijn Weense theater de wereldpremière in 1791. Hij vertolkte daarbij zelf de rol van de volkse vogelvanger Papageno. Schikaneder zou Mozart het fameuze, stamelende 'pa-pa-pa' in de mond hebben gelegd waarmee Papageno zijn Papagena ontmoet.


Zauberflöte-golf


die zauberflöte


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden