Morid twijfelde over zijn geloof, zijn vriendin verlinkte hem in een volle moskee in Afghanistan

Het persoonlijke verhaal van een Afghaanse vluchteling

Morid moest vluchten uit Afghanistan toen zijn vriendin radicaliseerde en hem verlinkte met een stiekem opgenomen geluidsbandje.

Morid Aziz, afvallige Afghaanse student (23). Foto Mike Roelofs

Morid Aziz (23) is verraden door zijn voormalige geliefde Shogofa. In het laatste jaar van de middelbare school in Kabul beloofden ze plechtig dat ze later met elkaar zouden trouwen. Het klikte tussen de twee. Ze waren allebei ruimdenkend, meer moslim uit gewoonte dan diep gelovig. Shogofa droeg haar hoofddoek los om haar hoofd. Ze gaf Morid zonder aarzelen een hand.

Eind 2015 is Morid, de afvallige, naar Nederland gevlucht. In mei van dit jaar kreeg hij zijn verblijfsgunning. Morid: 'Op 30 mei om precies te zijn, toen kreeg ik dit cadeau van Nederland, de bezegeling van mijn vrijheid.'

Directe aanleiding voor zijn vlucht was de audio-opname die Shogofa had laten afspelen in een moskee ten overstaan van ruim vijfhonderd gelovigen. Stiekem had ze een twistgesprek tussen haar en Morid opgenomen.

Te horen was een zwaar geëmotioneerde jongeman, die zijn geradicaliseerde geliefde probeerde te overtuigen zijn kant te kiezen. De kant van de twijfel, van de wetenschappelijke vraagtekens die je bij de boodschappen uit de Koran kan zetten.

Morid: 'Ik kon mijn tong niet meer beheersen, heb erge dingen gezegd over de islam. Zo erg, dat ik ze hier niet wil herhalen.'

Hij kon niet bevroeden dat Shogofa een dag na de geheime opname zijn tirade zou laten afspelen in een volle moskee. Boze mannen, gewapend met kalasjnikovs, kwamen verhaal halen bij Aziz' ouderlijk huis.

Morid was toen al ondergedoken op een geheime locatie, waar hij 23 dagen verbleef. Om vervolgens, via Pakistan, Iran, Turkije, Griekenland en diverse Europese landen naar Nederland te vluchten.

Op zijn studentenkamertje, Afghaans gedroogd fruit en amandelen serverend, vertelt hij dat hij nog altijd niet kan begrijpen dat een geliefde je op zo'n gevaarlijke manier kan verraden. 'Dat blijft onvoorstelbaar.'

Natuurlijk, de sociale controle, de angst voor represailles als je niet of nauwelijks gelooft, die context kent hij maar al te goed. Die heeft hij aan den lijve ondervonden. 'De haat tegen atheïsten zit Afghanen in het bloed', zegt hij. Maar dan nog. 'Hoe kan het dat de vrouw met wie je zou trouwen, je de dood in wil jagen?'

Morid komt uit een gezin van hoogopgeleiden. Zijn vader is rector van een universiteit, zijn moeder geeft les op een meisjesschool. Hij is de jongste van vier broers en heeft een oudere zus.

Morid: 'Mijn familie wordt verscheurd door het geloof. Mijn vader is open minded. Mijn moeder en twee andere broers zijn extremistisch. Als jongetje al stelde ik vragen over het geloof. Hoe kan God in zes dagen de hele wereld hebben geschapen?

'Mijn oudere broer, 27 is hij nu, sloeg er flink op los. Iedere keer weer bij vragen waarin twijfel doorsijpelde over de islam. Als ik 's morgens vroeg niet uit bed kwam om naar de moskee te gaan, kreeg ik klappen. Islam kent geen dwang, zeggen de gelovigen. Dan kan je toch je broertje niet de moskee in slaan?'

Kon je daar met anderen over spreken. Met vriendjes bijvoorbeeld?

'Niet over mijn twijfels. Sommige vriendjes hadden ook geen zin vroeg op te staan voor het gebed. We klaagden daar over. Maar niemand plaatst openlijk vraagtekens bij het geloof. Dat is te gevaarlijk. Onderling voel je wel aan wie de islam op afstand wil houden. Shogofa was zo iemand. Ze was helemaal niet met de islam bezig, ze wilde tandarts worden.'

Hoe is ze geradicaliseerd?

'In Afghaanse families bepalen de ouders veelal welke studie je gaat doen. Ik wilde economie gaan studeren, of rechten. Mijn ouders zeiden: het wordt bouwkunde. Daar heb ik me bij neergelegd, het is extreem moeilijk om tegen de wens van je ouders in te gaan.

'Shogofa komt uit een zwaar gelovig gezin. Zij moest sharia-wetgeving gaan studeren. We gingen naar verschillende universiteiten. Ik gaf haar een telefoon, een simkaart en een goedkoop abonnement cadeau, zodat we elkaar vaak konden bellen of sms'en.

'Bijna tweeënhalf jaar hebben we op die manier contact gehad. Af en toe konden we stiekem afspreken. Op een gegeven moment merkte ik dat ze aan het veranderen was.'

Wat waren de eerste signalen van radicalisering?

'We ontmoetten elkaar na de begrafenis van een gemeenschappelijke kennis. Shogofa had haar hoofddoek strak om haar gezicht gebonden en gaf me geen hand meer. Ze vertelde dat ze deelnam aan bijeenkomsten in de moskee van een extremistische leraar. De atmosfeer op zo'n sharia-faculteit zal ook een rol hebben gespeeld. Ik was onthutst. Waarom Shogofa, waarom ben je aan het veranderen?, vroeg ik. Ze was zo'n grappige meid en ineens zo bloedserieus.'

Op welk moment liep het helemaal uit de hand?

'Vier maanden later spraken we nog een keer af in een park in Kabul. We gingen naar het rustige deel om te kunnen praten. Alles was anders aan Shogofa. Ze droeg een boerka. Ik kon het niet geloven. Ze tilde de sluier op, zodat ik haar gezicht kon zien, liet die toen weer zakken. Die extremistische leraar had haar aangespoord om mij over te halen ook naar die sessies in de moskee te komen. Ik, de zoon van de rector van de universiteit, zou een trofee voor hem zijn geweest.

'We hadden een heftig gesprek. Ze noemde mij een kafir, zei dat ik zwaar zou worden gestraft in het hiernamaals, dat ik zou branden in de hel. Ik smeekte haar de duisternis te verlaten, naar het licht te komen, de wetenschap te omarmen. Ze zei dat ik alleen was gekomen, omdat zij daarvoor had gebeden. Wat een onzin, ik houd van je, zei ik. Absurd was dat gesprek. Zo emotioneel.'

Bron: The Freedom of Thought Report, 2017. Foto de Volkskrant

'Ik vroeg haar of ze het eens was met de afstraffing van Farkhunda. (Een Afghaanse vrouw van 27 die in maart 2015 valselijk werd beschuldigd van het in brand steken van de Koran, waarna ze door een woedende menigte met stokken werd geslagen, in brand gestoken en in de rivier gegooid, red.).

'Farkhunda had erom gevraagd, ze had een heilig boek verbrand, was haar reactie. Ik zei: dat waren oude geschiedenis- en aardrijkskundeboeken, niet de Koran. Ik was in shock, nerveus. Waar is mijn geliefde met de losse hoofddoek? Ik was toen onwetend, antwoordde ze.

'Ik verloor mijn zelfbeheersing, heb nooit gemerkt dat ze ons gesprek opnam. Dit alles gebeurde op donderdag. Vrijdag kreeg mijn vader een telefoontje van zijn zwager. Hij vertelde wat was gebeurd bij de vrijdagpreek. 'Waarom heb je dat gedaan Morid?', vroeg mijn vader, vroeg mijn hele familie. Niemand vroeg zich af waarom Shogofa mij zo wreed had verraden.'

Met een stroom voornamelijk Syrische vluchtelingen kwam Morid najaar 2015 naar Europa. Bijna was hij verdronken tussen Turkije en Griekenland. 'Ik lag in het water met andere vluchtelingen. Ik voelde me zo alleen. De soennieten riepen Allah om hulp, de sjiieten Ali. Ik durfde met niemand te praten. Onderweg is ook nog mijn rugzak gestolen.'

Twee vriendelijke Nederlanders uit Almere zetten hem op de juiste bus, ze zorgden ervoor dat hij verder uit handen bleef van smokkelaars. Morid wilde naar Engeland, waar zijn enige zus woont. Op haar advies klopte hij aan bij een vriend van haar in Zwolle. Uiteindelijk heeft hij besloten in Nederland asiel aan te vragen. 'Ik zag de winkels in Zwolle, het publiek, ik proefde de sfeer. Ik voelde: hier vind ik mijn vrijheid.'

Viel dat tegen? Je hebt in verschillende asielzoekerscentra gezeten. Daar kan je toch niet vrijuit praten over je afvalligheid?

'Daar heb je het niet over, inderdaad. Je moet ook hier op je hoede zijn. In Leiderdorp heb ik het heel zwaar gehad. Met acht vluchtelingen deelden we een kamer. Het was ramadan. Ik wilde gewoon eten en mijn sigaretje kunnen roken. Ik zei niet: ik ben een atheïst. Alleen dat ik niet wilde vasten. Dat dat mijn eigen keuze is en dat ze dat moeten respecteren. Als dat gedrag zou worden gestraft, dan zou ik worden opgehangen in het hiernamaals. Niet zij.'

'Van een vrijwilligster in Alphen aan den Rijn die hij in vertrouwen had verteld dat hij atheïst is, kreeg hij boeken van de Britse evolutiebioloog Richard Dawkins en de Amerikaanse neurowetenschapper Sam Harris, auteur van The End of Faith. Via, via kwam hij in contact met het Humanistisch Verbond, dat gevluchte ongelovigen samenbrengt.

Morid: 'Het is heel fijn om met lotgenoten te kunnen praten. In Delfzijl deelde ik een kamer met een Iraniër, homo en atheïst. Ik heb geen moeite met je geaardheid, verzekerde ik hem. We zijn mensen, allemaal gelijk. In moslimkringen praat ik niet over het geloof. Verder ben ik echt vrij in Nederland. Ik heb een nieuwe vriendin. En weet je, als wij dat willen, gaan we gewoon ongehuwd samenwonen. Niemand die ons tegenhoudt.'

#whatmycrime?

Het Humanistisch Verbond heeft een nieuw fonds opgericht: 'Vrijdenkers in gevaar.' In video's, op Facebook, televisie en op billboards langs de snelweg wordt onder de #whatsmycrime aandacht gevraagd voor het lot van gevluchte ongelovigen. Die worden vaak behandeld als misdadigers. Morid Aziz is een van de gezichten van die donatiecampagne. 'Wat mijn misdaad is? Ik geloof niet in Allah.'