Morele autoriteit met goddelijke, kristalheldere toon

Zijn carrière, als violist en later als dirigent, omspande meer dan zeven decennia. Yehudi Menuhin was befaamd om zijn genialiteit en fijn gehoor, maar ook om zijn eenvoud en inzet voor goede doelen....

'VOOR mij is Hij de enige die viool gespeeld heeft op een manier zoals die nooit meer, ik zeg nooit meer, voor zal komen', zei violist Herman Krebbers in 1991 toen Yehudi Menuhin in Nederland was om een Beethovencyclus van drie concerten bij het Nederlands Philharmonisch Orkest te dirigeren. En Krebbers trouwe vioolbroeder en collega Theo Olof noemde Menuhin 'het fenomeen van deze eeuw, als musicus en als humanist'.

Te zeggen dat met Yehudi Menuhin een groot violist is heengegaan, is een onbeholpen en vooral ontoereikend cliché. Wat de gisteren in Berlijn overleden violist in de eerste plaats onderscheidde was uiteraard die 'goddelijke, kristalheldere toon' (Krebbers), maar meer nog wist hij een toon te treffen die behalve het muzikale gemoed direct de stem van het geweten aansprak.

'De muziek is voor Yehudi Menuhin een medium om volkeren, rassen, culturen en samenlevingen dichter bijelkaar te brengen. Hij is een idealist die met zijn menselijke en artistieke houding, zijn pedagogische werk en zijn geschriften moedig opkomt voor gerechtigheid en verzoening', schrijft de stichtingsraad die in 1979 aan Menuhin de Friedenspreis des deutschen Buchhandels toekende.

Direct nadat zijn dood bekend was geworden haastte Elmar Weingarten, directeur van de Berliner Philharmoniker bij wie Menuhin geregeld als gastdirigent optrad, duidelijk te maken waarom Duitsland juist deze violist van joods-Russische afkomst zo koesterde. Hij was de eerste joodse musicus die vlak na de Tweede Wereldoorlog in 1947 naar Duitsland kwam om een concert te geven.

Weinberger: 'Duitsland, en natuurlijk de Berliner Philharmoniker, zijn hem zeer dankbaar dat hij dit betekenisvolle gebaar maakte zo kort na de oorlog.'

Dit gebaar en ook de kritiek die Menuhin altijd heeft geuit op de Israëlische regering leidden in Israël tot een wat gereserveerdere reactie op zijn overlijden. Veel joden hebben hem dat concert in 1947 nooit vergeven, schrijft muziekcriticus Hanoch Ron.

Maar Israël heeft hem altijd warm ontvangen vanaf zijn eerste bezoek in 1950: 'We wisten een onderscheid te maken tussen de violist en menselijke politicus in hem. We accepteerden zijn kunst en slikten de moeilijke dingen die hij zei.'

Menuhins vader was een strenge zionist die via Palestina uitweek naar New York, waar Yehudi Menuhin op 22 april 1916 werd geboren. Met zijn jongere zusters Hephzibah (de pianiste die hem veel begeleidde) en Yalta groeide hij op in San Francisco onder omstandigheden die in de omstreden documentaire A family portrait uit 1990 van Tony Palmer het aanzien hebben van een rigide regime van moeder Menuhin.

Als peuter van twee werd hij bij gebrek aan oppas meegesmokkeld in de concertzaal waar hij volgens overlevering het hele concert verrukt en doodstil geluisterd heeft. Op vierjarige leeftijd sloeg hij een speelgoedviool doormidden omdat deze 'niet zong'. Zijn oma stuurde hem voor zijn verjaardag een cheque om een echte viool te kopen.

Daarna ging het snel met zijn carrière als wonderkind. Hij kreeg vanaf zijn vijfde les van Louis Persinger. De concertmeester van het San Francisco Symphony Orchestra was zo onder indruk van het natuurtalent van de jongen, dat hij hem weinig lastigviel met toonladders waardoor Menuhin weliswaar goddelijk speelde, maar geen solide technische basis opbouwde.

Op 29 februari 1924 was zijn officiële debuut in San Francisco, twee jaar later gevolgd door eerste concerten in New York (Carnegie Hall), Parijs, Londen en Berlijn. Hier speelde hij kort voor zijn dertiende verjaardag en bij die gelegenheid moet de natuurkundige Albert Einstein hem achter podium hebben omhelsd met de woorden: 'Nu weet ik dat er een God in de hemel is'.

Tijdens de oorlog speelde hij honderden concerten voor de Geallieerden en het Rode Kruis en ook de rest van zijn leven heeft hij regelmatig benefietconcerten gegeven. Maar begin jaren vijftig raakte hij in een ernstige vormcrisis. Wederom zijn het niet in de eerste plaats toonladders die hem helpen, maar yoga-oefeningen als 'Simhasana' (de leeuwenhouding met de tong uit de mond) en 'Sirhasana' (kopstand zonder hulp).

In die houding heeft hij ook concerten gedirigeerd en geconverseerd met het Indiase staatshoofd Pandit Nehru. Sinds die tijd heeft hij zich altijd bezig gehouden met milieu, biologische landbouw, alternatieve geneeswijzen en voedingsleer. Zoals criticus Hans Heg schreef naar aanleiding van de publicatie van Menuhins boek The compleat violinist in 1986: 'Het dikke joodse jongetje heeft zich ontwikkeld tot een asceet die elke dag begint en eindigt met yoga en die het (slanke) lichaam uitsluitend voedt met gezonde natuurproducten.'

Vanaf de jaren zestig ontwikkelde Menuhin zich ook als dirigent, een overstap die volgens hem niet zo moeilijk is omdat een violist toch al gewend is met een stok te zwaaien. Hij richtte muziekfestivals op in Gstaad (Zwitserland) en Bath (Engeland) en met het Bath Festival Orchestra (later Menuhin Festival Orchestra) ondernam hij diverse tournee's.

Na zijn definitieve vestiging in Engeland richtte hij in Stoke d'Abernon in Surrey de Yehudi Menuhin School op om zijn pedagogische idealen te verwezenlijken. Menuhin heeft voor al zijn activiteiten en zijn muzikale kwaliteiten tal van onderscheidingen ontvangen. Zo werd hij in 1993 door de Britse koningin in de adelstand verheven.

Hij was een morele autoriteit voor wie 'kunst het wezen van een beschaving' weerspiegelde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden