Moreel appèl op de makelaar met alleen oog voor het geld

Net als iedereen spreekt Roberto Branco Martins gemakshalve over dé spelersmakelaar, ook al bestaat die volgens hem helemaal niet. De klassieke spelersmakelaar die ook meedenkt over de carrière van de profvoetballer is er nog wel. Maar hij ziet zich meer en meer bedreigd door handige handelaren met vooral geldtekens in hun ogen.


De directeur van Pro Agent, de belangenorganisatie van talrijke Nederlandse makelaars, herkent hun opkomst. Hij wijst op de 'dealmaker'. Die wordt gebeld als een club een speler in de aanbieding heeft en een tussenpersoon zoekt.


Soms ook struint de makelaar het internet af naar spelers die ongelukkig zijn bij hun club en openstaan voor een vertrek. De dealmaker zoekt er graag een nieuwe werkgever bij, en dat zo vaak mogelijk in het jaar.


Gevaarlijker vindt hij de makelaar nieuwe stijl, die ook participeert in zijn spelers. Uit Afrika kende hij al voorbeelden van voetbalclubs waar de voorzitter ook eigenaar is van de grootste sterren.


Maar ook dichter bij huis opereren zaakwaarnemers die geld in hun spelers beleggen en de inzet zo grof en vlug mogelijk willen terugverdienen.


Het halen en brengen, ook weer in de afgelopen winterperiode, vraagt volgens Branco Martins om een herdefiniëring van het begrip. Van binnenuit volgt hij de langlopende discussie over de spelersmakelaars. Bij het EU Sport Forum in Boedapest sprak hij zowel met vertegenwoordigers van de politiek alsvan de grootste voetbalbonden: UEFA en FIFA.


Zijn conclusie: iedereen is het er over eens dat het uitdijende netwerk van makelaars nieuwe regelgeving behoeft. De KNVB ontvangt op 3 maart zeven collega-voetbalbonden in Zeist, om de toekomst van de beroepsgroep tegen het licht te houden. En de FIFA bepaalde vrijdag, na een bezoek aan de Europese Commissie, dat de regels voorlopig blijven zoals ze zijn. Een overwinning voor de lobbyisten, vindt Branco Martins het nieuws uit Brussel.


Omdat bij slechts 20 tot 30 procent van de transfers een makelaar met de juiste papieren was betrokken, bedacht de FIFA in 2009 dat het licentiesysteem maar beter weer kon worden afgeschaft. Het ontlokte een felle reactie vanuit de branche zelf. Zonder regels wordt het een chaos, zegt Branco Martins.


Nu al valt er weinig te beginnen tegen zaakwaarnemers die kwaad willen. 'Makelaars verdienen in het huidige systeem minimaal 3 procent aan een transfer en kunnen zoveel krijgen als ze afdwingen. De FIFA wil van die 3 procent juist de maximumgage maken. Ten eerste is dat onzin, want als tennisclub kun je ook niet tegen je accountant of advocaat zeggen hoeveel hij mag verdienen.


'Bovendien heeft de KNVB bijvoorbeeld niets te zeggen als een club uitbetaalt aan een makelaar die als bv staat ingeschreven. En komt dat maximum er toch, dan spreekt een makelaar gewoon af dat hij naast die 3 procent nog 2 miljoen euro opstrijkt omdat hij het voetbal in Azerbeidzjan in kaart heeft gebracht. Ik noem maar wat. Er is altijd een oplossing te vinden om creatief met de regels om te gaan.'


Een zogeheten clearinghouse (een partij tussen handelaren, red) zou de transparantie van de transfers vergroten. Op die manier kan de herkomst van het geld worden blootgelegd, waardoor het ook duidelijk is als de transfersom bij een corrupte financier terechtkomt. Voor Nederlandse transfers zou het KNVB-kantoor kunnen dienen als een centrale kassa die de door de clubs gestorte transferbedragen uitkeert.


Maar ook zonder zo'n vangnet moet de sector maatregelen durven nemen. Branco Martins: 'Ik zie het er niet van komen dat de regels die we in Europa bedenken, ook van toepassing worden op andere continenten. Je wilt er dus naartoe dat clubs zelf gaan filteren. Als je een speler uit Afrika of Zuid-Amerika binnenhaalt, koop dan de rechten af van het consortium om hem heen of laat hem één zaakwaarnemer behouden. Zo kom je af van die Afrikaanse voorzitters of andere types aan wie je niet wilt vastzitten.'


De markt concentreert zich op steeds jongere voetballers. Onlangs volgde Kyle Ebecilio het voorbeeld van vele anderen door de jeugdopleiding van Feyenoord voor een buitenlandse topclub als Arsenal te verruilen. Of het laakbaar is, of pervers?


Het systeem maakt het mogelijk, zegt Branco Martins. 'Van de EU mag je niemand dwingen om ergens te gaan werken, dus mag een jeugdspeler de aanbieding van zijn eigen club negeren. Feyenoord krijgt een paar ton van Arsenal en haalt de opleidingskosten eruit. Maar zo'n voetballer had natuurlijk veel meer opgeleverd als hij het eerste van Feyenoord had gehaald en daar basisspeler was geworden.'


In dat opzicht is ook een moreel appèl op de makelaars terecht, vindt hij. 'Wat was de motivatie van de speler om weg te gaan? Hoeveel gaat hij verdienen? Heeft hij wel kans op speeltijd bij de nieuwe club? Breng dit in kaart, als club én als makelaar. Zo voorkom je misschien dat talenten de deur uitlopen.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden