Moord

Uit het water komen twee brandweermannen omhoog, tussen hen in een witte zak. Het mist en loopt tegen elven in de avond....

Rien van Genderen en Rotterdam

Een drama, flitst door je heen. Een tienermoeder die zich geen raad heeft geweten.

We wonen nog maar anderhalve maand in ons nieuwe huis, in de nieuwste trots van Rotterdam. Eindelijk ruimte om ons heen, en 's avonds rust. Wat waren we daaraan toe!

Dertien jaar hebben we gewoond in een van de sfeervolste oude wijken van de stad. Een chaotische wijk ook, een chaos met soms gruwelijke trekken.

Zoals die ochtend toen een bloedende vrouw uit een portiek verderop de straat oprende, vluchtend van de plek waar haar zojuist vermoorde vriend lag. Een drugskwestie.

Of die zomer toen we 's zomers vuurwerk meenden te horen, en, naar bleek, drie mensen met een stengun waren afgeslacht voor het oog van spelende kinderen. Een afrekening onder Koerden.

Er was ook veel klein leed en daartegen ben je veel slechter bewapend dan tegen de grote ellende. Jaar in, jaar uit heb je voor politieagent gespeeld. Je hing om half drie 's nachts uit het raam met de smeekbede om eindelijk op te rotten met die cabriolet en zijn duizelingwekkende geluidsboxen. Je greep in toen een groepje jongens de brievenbus van een zwakbegaafd gezin opbliezen. Je wees de brandstichters aan, die een winkelpand in de fik hadden gestoken. Je deelde een hoek uit met je elleboog als een bromscooter je weer eens voorbij scheurde op het trottoir. Je stoof naar buiten als je zag dat er weer een stel jongeren een hek of glijbaan op het speelplein aan het slopen was. En dan dat Kaapverdiaanse gezin uit de portiek naast ons, waarvan je soms een moeder zag en dat kennelijk geen vader had, dat dag en nacht de straat regeerde.

Plotseling heb je er geen zin meer in. Per slot van rekening wonen echte politieagenten in Hellevoetsluis en niet in de wijk waar ze hun werk doen.

Een dag later lees ik in de krant dat het kind door de moeder is omgebracht, een Somalische van 21 jaar. Niks tienermoeder.

Had het kindje gewoon aan iemand gegeven.

Had het desnoods bij ons voor de deur gelegd.

Als een vreemde een kind vermoordt, staan we op onze achterste benen. Wanneer de ouder zelf de moordenaar is, heet het opeens een 'tragedie'.

We zijn nu bezig om ons oude huis uit te ruimen. 's Ochtends zetten we het vuil buiten, zoals het hoort en zoals bijna niemand meer doet in deze straat.

Ik wijs mijn zoon op een kapot getrapte ruit, naast onze oude portiek. 'De gezellige familie', brom ik. 'Maar ze vermoorden geen baby's', is zijn reactie.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden