Moordpartij met de blote vuist en de hamer

Na de bevrijding door Rusland werden in Polen tot juli 1946 zo’n twaalfhonderd joden vermoord. In Kielce raken de gemoederen verhit tijdens de herdenking van de pogroms....

Van onze correspondent Jan Hunin

Stanislaw Zak kan er zestig jaar later nog altijd met zijn hoofd niet bij. ‘Dat totale gebrek aan medelijden.’

Zak staat voor het huis waar zestig jaar geleden minstens 42 joden zijn vermoord. Ze hadden er een onderkomen gevonden in afwachting van hun vertrek naar Israël. Toen hun huis op 4 juli 1946 door een menigte werd omsingeld, zat de toen 14-jarige Zak in het struikgewas aan de overkant verscholen.

‘Op de eerste verdieping ging een deur open. Twee arbeiders van de metaalfabriek slingerden een van de bewoners van het balkon. Hij belandde in de gracht. Voor hij er uit kon klauteren, werd hij met straatstenen bekogeld.’

De aanzet tot de moordpartij was het valse gerucht dat de bewoners een Poolse jongen hadden ontvoerd om met zijn bloed hun ongedesemd brood te besprenkelen.

Niet alleen in dit huis, ook elders in Kielce, een provinciehoofdstad in het zuiden van Polen, waren de joden niet veilig. De weinige overlevenden van de jodenvernietiging die naar hun vroegere woning terugkeerden, werden overvallen. Zelfs niet-joden vielen ten prooi aan de volkswoede. ‘Een haakneus volstond.’

Sinds de val van het communisme mag over de pogrom worden gesproken –hoewel het een delicaat onderwerp blijft. Vandaag wordt in de buurt van het huis dat op 4 juli 1946 werd overvallen, een monument onthuld. Ook was er afgelopen vrijdag een debat.

Het bloedblad dat Zak zag, duurde de hele dag. Vuurwapens waren er nauwelijks. Mannen, vrouwen en kinderen werden met gereedschap of met de blote vuist afgemaakt. De politie greep pas in toen de moordpartij was afgelopen. De reactie van de commissaris: ‘We gaan toch geen joodjes redden.’

Een uitzondering was Kielce niet. Van de bevrijding door de Russen tot juli 1946 werden in heel Polen naar schatting twaalfhonderd joden vermoord. Vooral op het platteland stonden de joden bloot aan geweld, veelal van Polen die tijdens de oorlog hun huizen hadden ingenomen. Het gevolg was dat in 1947 de helft van de 400 duizend Poolse joden die de oorlog overleefden, Polen had verlaten.

Voor berechting hoefden de moordenaars niet bang te zijn. Zelfs in Kielce, tegelijk hoogte- en eindpunt van de antisemitische geweldgolf, gingen de daders vrijuit. Bij de elf inwoners die daags na de pogrom ter dood werden veroordeeld, waren een verstandelijk gehandicapte vrouw en een jongen die leed aan het syndroom van Down. Ze waren door de communistische geheime dienst uitgekozen.

Volgens Zak bewijst de lakse houding van de autoriteiten dat de pogrom door het communistische regime was geënsceneerd. Maar een door het door het Poolse Instituut van Nationale Herinnering uitgevoerd onderzoek heeft daarvoor geen bewijzen kunnen vinden.

Hoe gevoelig de schuldvraag in Kielce ligt, bleek vrijdag tijdens het debat over de pogrom. ‘Toen een van de deelnemers beweerde dat er van een communistisch complot geen sprake was, kookte de zaal’, vertelt kunstenaar Marek Cecula, wiens vader als een van de weinige joden het bloedbad overleefde. ‘Een van de toeschouwers riep dat de pogrom door Moskou was georganiseerd om Polen in een kwaad daglicht te stellen. Er werd zelfs beweerd dat de Israëlische veiligheidsdienst Mossad achter de moordpartij zat. Door terreur te zaaien zou ze joden naar Palestina hebben willen lokken.’

Zulke reacties zijn koren op de molen van diegenen die Polen van antisemitisme beschuldigen, weet Cecula, die in 1960 naar Israël verhuisde. Sinds in Warschau een rechtse regering aan de macht is, zou Polen door een golf van antisemitisme worden overspoeld.

Maar de werkelijkheid is genuanceerder, meent Cecula. Onlangs Onlangs wees hij een voorstel van de Israëlische televisie af om aan een documentaire over het Poolse antisemitisme mee te werken. ‘In geen enkel ander Europees land wordt zoveel gedaan voor de joodse cultuur als in Polen. Het aantal festivals is niet bij te houden.’

Het debat van vrijdag bevatte een sprankje hoop. Cecula: ‘Toen enkele ouderen hadden volgehouden dat aan hún handen geen bloed kleefde, stond een twintiger op. ‘‘Hoe kunnen jullie dat beweren?’’, zei hij. ‘‘Zelfs aan mijn eigen handen kleeft bloed.’’’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden