Moord en doodslag, maar keurig geregeld

In de Middeleeuwen gingen familieleden van doodslag-slachtoffers de daders te lijf met goedvinden van de autoriteiten. 'Vredeleggers' moesten betrokkenen bij vetes verzoenen....

Als het gaat om strengere straffen of moslimextremisme, is er de laatste tijd altijd wel iemand die waarschuwt voor 'middeleeuwse toestanden'. Maar in de Middeleeuwen heersten pas écht Middeleeuwse toestanden.

Zo moet het omstreeks 1448 geweest zijn dat Jan de Koster, uit Zierikzee een zekere Huge Hugezoon doodde en op de vlucht sloeg. Volgens rechtsbronnen uit die tijd liepen de boze familieleden van Huge meteen naar het gerecht - vermoedelijk mét het lijk, want dat was verplicht om het misdrijf aan te tonen.

Ga maar achter de dader aan, zei de rechter. De familieleden gingen terstond scheep en achtervolgden De Koster tot in Sluis, in Vlaanderen. Daar brachten ze hem met z'n allen om het leven. Het is niet onwaarschijnlijk dat ze op zijn lichaam, zoals gebruikelijk was, het moordwapen en een symbolisch boetebedrag van vier zilveren penningen achterlieten.

Op die manier werden conflicten nou eenmaal vaak beslecht in die tijd, vertelt dr. Corien Glaudemans, die het voorval - en nog vele gruwelijke andere - in haar proefschrift beschrijft. Donderdag promoveerde de historica aan de Universiteit Leiden op een lijvig boekwerk over een bloederig onderwerp: Om die wrake wille, eigenrichting, veten en verzoening in Laat-Middeleeuws Holland en Zeeland (ca. 1350-ca. 1550). Het boek verschijnt in januari bij Uitgeverij Verloren.

Het oud-testamentische 'Oog om oog, tand om tand' werd in het gebied van de graaf van Holland tot aan het einde van de Middeleeuwen nog veelvuldig toegepast, constateerde Glaudemans na uitgebreid archiefonderzoek. Eigenrichting na - al dan niet vermeende - misdrijven, bloedwraak (wraak na doodslag of op de moord op een bloedverwant) en familievetes die soms decennia lang duurden 'kwamen op grote schaal voor'. Wat dat betreft bevestigt haar boek het clichébeeld van de anarchistische Middeleeuwen, waar niemand zijn leven zeker was.

Maar, voegt Glaudemans meteen toe, dat blijkt maar het halve verhaal: 'Bloedwraak was wel de énige legitieme vorm van wraak, en alleen na toestemming. Eigenrichting en vetevoering waren strikt verboden. Het geweld nam eigenlijk alleen toe in perioden van gezagsloosheid. En wat me het meest opviel, waren de uitgebreide, hoogontwikkelde wijzen van bemiddelen en van oplossen van conflicten.'

Glaudemans beschrijft in haar proefschrift, waarvoor ze als werknemer van het Haags Gemeentearchief jarenlang in haar vrije tijd onderzoek deed, het hele traject, van eerste misdaad tot laatste verzoening. Ze begint met een specifieke vorm van ruzie, de adelsvete. Dit was een gewelddadig conflict tussen edellieden, waarbij ze vetebrieven stuurden en vervolgens elkaars landerijen plunderden en platbrandden en elkaars boeren gijzelden.

De adelsvete was de eerste vorm van vetevoering die door de machthebbers werd gestopt, zegt Glaudemans. Ze was al in de 9de eeuw verboden, maar niemand kon er toen iets aan doen. Aan het einde van de 14de eeuw kreeg de Hollandse graaf Albrecht van Beieren echter genoeg van de vele adelsvetes, die zijn gezag aantastten. Na een aantal stevige conflicten, vooral met de Heren van Arkel, bleek hij genoeg macht te hebben om de edelen in te tomen.

De inwoners van Holland en Zeeland bleven echter geschillen houden over bijvoorbeeld het eigendom van land, of over leengoederen. Zulke conflicten konden snel escaleren. Bloedwraak mocht in de meeste steden, maar alleen op de dader. Broers, neven, achterneven en vrienden van het slachtoffer gingen echter vaak achter familieleden van de dader aan, wat daarna weer tot repressailes leidde.

Overigens betrof het hier volgens Glaudemans nooit 'eerwraak', zoals dat soms in Turkije wordt gepleegd - en een aantal malen in Nederland - nadat de strikte gedragscodes tussen man en vrouw zijn geschonden. 'Je moet het meer vergelijken met het Albanese gewoonterecht, de Kanu, dat vergelding op moord goedkeurt. Dat leeft daar nog steeds.'

Als een escalatie dreigde plaats te vinden, werd er van alle kanten door de gemeenschap ingegrepen, vervolgt de historica. De graaf trad allereerst actief op als bemiddelaar, op eigen initiatief of op verzoek. Hij verbood door de jaren heen ook het gebruik van steeds meer wapens. Verder was hij arbiter in zaken waarin beide partijen verzoening nastreefden.

Ook op lagere niveaus liepen bemiddelaars, of 'goede lieden' rond. Dit waren hoge edellieden, ordehandhavers van de graaf, zoals baljuws en schouten, geestelijken en familieleden. Zeker na gevallen van doodslag, wraak en weerwraak 'moesten zij de partijen uiteindelijk weer tot elkaar brengen', aldus Glaudemans.

De zogenaamde 'vredeleggers' hadden een specifieke taak: 'Zij gingen naar de personen met een conflict toe, familieleden van daders en slachtoffers, en die werden verzochten elkaar de hand te geven. Als ze weigerden, kon de vrede opgelegd - verplicht - worden. Weigerden ze weer, dan kon iemand gedwongen ''ingelegd'' worden - zeg maar gegijzeld in zijn huis of een herberg.'

Zeker na een doodslag moesten de partijen uiteindelijk tot een officiële 'verzoening' komen, zegt Glaudemans. 'Dit was een heel ritueel, met minstens 16 fasen.' Ze liepen van de eerste openbare verklaring dat verzoening was gewenst, via het bidden voor voorspraak voor de dode, of zelfs een bedevaart, en het echte zoenen op de tweede zoendag, tot het betalen van de allerlaatste 'zoengelden' aan gedupeerde verwanten.

Legitieme bloedwraak verdween aan het begin van de 16de eeuw, concludeert Glaudemans. De Habsburgse vorsten Philips de Schone en Karel de Vijfde kregen steeds meer macht en vestigden het staatsmonopolie op geweld. Wraak werd niet meer geaccepteerd.

Toch waren daarmee lang niet alle gebruiken meteen verdwenen. Glaudemans ontdekte dat de stad Haarlem pas in 1795 stopte met het regelmatig luiden van de klokken. Dat was al vanaf 1404 gedaan om te laten weten dat een verzoeningsperiode na een grote vete werd verlengd. 'Ik zeg wel eens dat voor mij toen de Middeleeuwen eindigden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden