Mooier nog dan jonge blote vrouwen

De waarschuwing dat we aan de rand van de afgrond staan, is een bekend ingrediënt van de donderpreek.

Waarom mag het morele bankroet van de beschaving ons uitgangspunt niet zijn, vroeg Arnon Grunberg mij afgelopen zaterdag. Daarover wil hij graag met mij in debat, en hij vraagt de krant dit te organiseren. Hier vast mijn openingsstatement.
Waarom mag het morele bankroet van de beschaving ons uitgangspunt niet zijn? Is onze beschaving bankroet dan, is mijn wedervraag. Er valt heel wat te mopperen, te klagen en aan te klagen, bijvoorbeeld over het gemopper en geklaag, maar moreel bankroet?

Of bedoelt Grunberg met zijn orakelvraag: hoezo moet kunst beschaven? Mag kunst niet gewoon allerhande walgelijks en verwerpelijks laten zien? Verbeelden hoe moreel bankroet we zijn, of dreigen te worden?

Ja zeker. Een kunstenaar die vindt dat onze beschaving moreel bankroet is, heeft de dure plicht dit te verbeelden en aldus aan te klagen. De notie ‘moreel bankroet’ klinkt mij wel een tikje pompeus en puberaal in de oren. Alsof er slechts hemel of hel is. Engel of duivel. Mij spreekt alles daar tussenin meer aan. Het geklungel en gedoe. Het gepruts en gehannes. Onze alledaagse worsteling met de gebrokenheid van het bestaan.

Domineespraat vindt Grunberg dit vermoedelijk. ‘Op weg van geweld naar beschaving’ serveerde Grunberg namelijk ook af als ‘domineesretoriek’. Waar hij zich zelf overigens ook graag aan bezondigt. De waarschuwing dat we aan de rand van de afgrond staan, is immers een bekend ingrediënt van de donderpreek. Grunberg en ik kunnen elkaar dus de domineeshand schudden: allebei door en door prekerig.


Behalve als domineesretoriek diskwalificeerde Grunberg mijn visie op kunst en beschaving ook als een sneue zelfhulp: ‘Zoals je Alcoholics Anonymous hebt voor alcoholisten, zo heb je volgens Tonkens kennelijk ook Barbarians Anonymous oftewel kunst voor mensen die de weg naar de beschaving kwijt zijn.’ Klopt, maar het hoeft niet anoniem, want we zijn allemaal veelvuldig de weg naar de beschaving kwijt. Het vergt een behoorlijke inspanning om dagelijks de weg van geweld naar beschaving te vinden. Om anderen niet mentaal te vertrappen, verrot te schelden, te beledigen of te kleineren.

Fysiek geweld is in onze samenleving redelijk beperkt - hoewel de doopceel van PVV- Kamerleden anders doet vermoeden - maar aan mentaal geweld maken we ons veelvuldig schuldig. Dat zien we ook voortdurend. Geenstijl is daar maar één voorbeeld van.

Grunberg vindt mijn vergelijking tussen Maria Goos en Oh oh Cherso oneigenlijk. Hij vergelijkt liever Goos en Tsjechov. Waarom en hoe vermeldt hij helaas niet. Goos en Tsjechov helpen ons beiden van geweld naar beschaving, dus voor mijn betoog is de vergelijking snel gemaakt. Wat je kunt vergelijken, is de manier waarop ze dat doen. Ik ben benieuwd wat Grunberg daarvan zou maken.

Grunberg wijst er verder op dat ook massamoordenaars Chopin en Goethe waarderen. Klopt, maar niemand beweert dat kunst een garantiebewijs voor beschaafd gedrag biedt. Kunst kan helpen, maar onszelf beschaven kunnen we uiteindelijk alleen zelf doen.

Het oude idee van een beschavingsoffensief was dat de hogere klasse de lagere zou beschaven, door die in te wijden in kunst en cultuur. Die gedachte is in de jaren zeventig als bevoogdend en arrogant verworpen. Wel jammer dat daarmee meteen het hele idee van beschaving aan de dijk gezet is.

Niet het morele bankroet van de beschaving baart mij zorgen, maar het ongeloof in het belang van beschaving. De beschavingsmissie die ik voorstel, gaat niet eenzijdig van de hogere naar de lagere klasse, maar betreft ons allemaal. Omdat kunst en cultuur ons daarbij kan helpen, zie ik wel een speciale taak weggelegd voor allen die zich daar iets van eigen hebben gemaakt. Aan hen de eervolle taak het geleerde over te dragen.

Het maatschappelijk belang van kunst kan niet losgezien worden van de grote vraag wat schoonheid is. Het bombardement van plaatjes van blote jonge vrouwen dat dagelijks over ons heen gestort wordt, doet ons geloven dat schoonheid gelijk staat aan ongeschondenheid.

Natuurlijk schuilt er schoonheid in ongeschondenheid. Maar er schuilt nog meer schoonheid in wat geschonden en gebroken is. En nog veel meer schoonheid is te vinden in de kunstzinnige verbeelding van geschondenheid en gebrokenheid.
Althans, volgens een betrekkelijk oude dominee die hongert naar beschaving.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden