Monument van staal en beton

Opnieuw doet Abe Bonnema (1926-2001) van zich spreken. Zijn woonhuis in het Friese Hardegarijp, opgeleverd in 1963, is in eigendom overgedragen aan de monumentenvereniging Hendrick de Keyser. Zelf vond hij het een van zijn beste creaties; het huis wordt inmiddels geroemd als een van de meest opmerkelijke voorbeelden van naoorlogse woningbouw in Nederland.


Zijn weduwe verlaat het huis in 2011. Daarna neemt Hendrick de Keyser, die vorige week donderdag eigenaar werd, het in gebruik. Bonnema zorgde eerder voor opschudding met een legaat van 18 miljoen euro. Een jaar na zijn dood werd bekend dat hij dat bedrag wilde laten besteden aan de bouw van een nieuw Fries Museum. Dat museum moest echter wel worden gebouwd op het Zaailand in Leeuwarden, een wat zieltogend plein in het centrum.


Na verhitte discussie is de bouw een feit. In Leeuwarden wordt sinds een jaar geheid en gebouwd zoals Bonnema dat wilde. De architect is Hubert-Jan Henket, ook precies zoals Bonnema het wilde.


'Als hij dit alles van bovenaf ziet, zal dat hem zeker voldoening schenken', zegt H. Addens, bestuurslid van de Abe Bonnema stichting, die de nalatenschap beheert. 'Er wordt gebouwd op het Zaailand en het voortbestaan van het woonhuis is verzekerd.' De stichting zal zich nu hoofdzakelijk richten op ondersteuning van medisch onderzoek.


Bonnema, zoon van een bouwkundige, geniet bekendheid als ontwerper van ondermeer de kantoren van Nationale Nederlanden in Rotterdam, lang het hoogste gebouw van Nederland. Ook ontwierp hij 'Het Boek' aan de Amsterdamse ringweg A10, nu in gebruik bij de Belastingdienst.


Het woonhuis in Hardegarijp, net ten oosten van Leeuwarden, is uiterst simpel in opzet, zo blijkt bij een rondleiding door Marcella Bonnema-Kok, echtgenote van de architect. 'Ik sta hier voor Abe. Alle eer aan Abe.'


Het huis draagt nog alle sporen van de ontwerper en voormalige bewoner, van een maquette van het gebouw van Nationale Nederlanden tot dozen vol prijzen die Bonnema won als wedstrijdzeiler. 'Het vertrek zal pijn doen, zegt Marcella Bonnema.


Het huis is opgebouwd uit zeven stalen spanten. Deze vormen, geplaatst op gelijke afstand van elkaar, het geraamte. De vloeren en het dak zijn gemaakt van beton, een huzarenstukje tijdens de bouw van 1961 tot 1963. De binnenwanden zijn van glas of hout. Omdat zij geen dragende functie hebben, is het huis makkelijk aan te passen aan nieuw gebruik. Met dat functionalisme bouwde Bonnema voort op het werk van door hem gewaardeerde architecten als Van der Rohe, Rietveld en Le Corbusier.


Opvallend is het overvloedige daglicht in huis. Aan de oostkant is er de monumentale entree van glas. Elke muur heeft een bovenlicht, waarvan het glas als banden rond het huis loopt. Aan de westkant zijn er de grote glazen schuifdeuren en de naadloze overgang naar de tuin, die is ontworpen door tuinarchitecte Mien Ruys (1904-1999), die veel met Bonnema samenwerkte.


De tuin van Ruys is inmiddels tot volle wasdom gekomen en wellicht een van de best bewaarde ontwerpen van de tuinkunstenares. In Hardegarijp (Hurdegaryp in het Fries) zijn ook in de winter de strakke lijnen van de hagen en de weelderige belijning van paden en plantengroepen goed zichtbaar. Het Californian Redwood, het hout dat zowel binnen als buiten voor de wanden is gebruikt, sluit daar, verweerd en grijsgroen. goed op aan.


Bouwkundig en praktisch gezien kent het huis nog een belangrijk element. Een grote, gemetselde kubus vormt het hart van de woning. Daarin is ondermeer het sanitair en de verwarming ondergebracht.


De auteur van een monografie over het werk van Bonnema, Marijke Martin, noemt het huis mede daarom 'bijna ontnuchterend eenvoudig' en 'een monument van de naoorlogse woonhuis-architectuur in Nederland'.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden