Monument tegen een supermacht 

De plek in Teheran waar 52 Amerikaanse diplomaten meer dan een jaar werden gegijzeld is voor veel Iraniërs nog steeds symbool van hun glorie. Anderen zien de VS niet meer als ergste vijand.

TEHERAN - Stoffig en vervallen staat de vroegere ambassade van de Verenigde Staten in Iran als een rotte tand tussen de moderne wolkenkrabbers in Teheran. Een smerige deurmat met daarop 'Down with USA' ligt bij de ingang van wat eens het symbool van de Amerikaanse macht in Iran was. Ernaast staat een schuimrubberen Amerikaanse marinier, in bronskleur geschilderd, die zich overgeeft aan Iraanse studenten.

Binnen in wat ooit 'het spionnenhol' werd genoemd, ligt in de geheime overlegkamer nog altijd het heldergele tapijt dat er lag toen op 4 november 1979 radicale islamitische studenten het gebouw bezetten. Het werd het begin van de gijzeling van 52 Amerikanen, die 444 dagen zou duren.

Vorige week werd buitenlandse journalisten een zeldzame blik in het gebouw gegund, als voorproefje op de verjaardag van de gijzelingsactie. Die is dit jaar opnieuw herdacht met door de staat georganiseerde demonstraties. 'Dood aan Amerika' is ook nu de voornaamste slogan, zoals altijd. 'Voor die tijd dicteerden de Verenigde Staten de geschiedenis van andere landen, maar sinds dat moment is het Iran dat de geschiedenis aan de VS oplegt', zegt de gids van de journalisten, Mohammed Reza Soghigi.

Het gebouw wordt nu gebruikt door de 'basiji' - jonge paramilitairen met smartphones. Ze hebben de zwarte, bakelieten telefoons en stoffige printplaten van de Amerikanen als museumstukken tentoongesteld.

Voor de haviken onder de Iraanse machthebbers staat de Amerikaanse ambassade nog altijd symbool voor de voortdurende kracht van hun revolutie. Maar sinds het aantreden van de hervormingsgezinde president Rohani als opvolger van Ahmadinejad is de atmosfeer in Teheran wel veranderd. Voor velen is de ambassade niet meer dan een relikwie uit het verleden, die zijn uiterste houdbaarheidsdatum al ruimschoots is gepasseerd.

Gids Soghigi is nog allerminst bereid te vergeten. Hij bladert door het boek De Kreupele Reus, na de revolutie geschreven om de tanende macht van de supermacht vast te leggen. 'Weten jullie dat één op de twee huwelijken in de VS eindigt in een echtscheiding?', vraagt hij. 'Het is bovendien een paradijs voor criminelen, terwijl arme mensen op straat moeten leven.'

Iran is volgens hem alleen maar welvarender geworden sinds de ambassade werd ingenomen, en met de Amerikanen is het bergafwaarts gegaan. 'Kijk toch eens naar de VS', zegt hij, terwijl hij langs een rij posters loopt met daarop Amerikaanse 'misdaden', begaan in Irak, Guatemala, Nicaragua, Chili en veel andere landen. 'Dit is het ware, Amerikaanse gezicht', zegt hij bij een poster van het Vrijheidsbeeld met een haakneus en een duivelse grijns, vergezeld van het predikaat 'satan'. Verderop hangen portretten van 'dappere Amerikanen', die zich tegen hun land hebben uitgesproken. Eén van hen is zanger en activist Harry Belafonte. 'Hij was tegen de oorlog in Irak', legt Soghigi uit.

Op de tweede verdieping is de geheime CIA-vleugel, vol afluisterapparatuur die 34 jaar geleden door de woedende studenten werd ontdekt. In een van de kamers staat een glazen ruimte waarin diplomaten uiterst vertrouwelijke gesprekken konden voeren zonder het risico te worden afgeluisterd. 'Dit geeft toch wel aan dat we de ambassade terecht hebben bezet. Anders zouden we er nu aan toe zijn als Egypte', zegt een vrijwilliger die in het gebouw werkt. Want volgens hem heeft de CIA voorkomen dat de Moslimbroederschap in Egypte nog aan de macht is. Die is aan het leger gegund.

Gids Soghigi ontgaat de relevantie van alle afluisterapparatuur niet, in het licht van de actuele NSA-discussie. 'Tegenwoordig bespioneren de Amerikanen zelfs hun bondgenoten', merkt hij op, zonder zich kennelijk te realiseren dat het regime van de sjah destijds ook Amerikaans bondgenoot was.

Niet alle bezoekers brengen Soghigi's enthousiasme op om met de Amerikanen af te rekenen. 'Zijn de VS echt nog wel onze vijand?', vraagt Mehdi Zohari, een 31-jaar oude elektricien, zich af. Dat het land zich aan allerlei misdaden heeft schuldig gemaakt, staat ook voor hem buiten kijf, maar hij vindt dat de VS hun macht ook aanwenden om wetenschap en technologie verder te helpen. 'Kijk naar Saoedi-Arabië, onze vijand in de regio. Die zijn alleen maar bezig wapens te kopen. Misschien kunnen we beter hun ambassade bezetten.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden