Monniken boos op Peking

SHANGHAI China heeft van de hulpoperatie voor de slachtoffers van de aardbeving op het Tibetaans plateau een patriottisch propagandaverhaal gemaakt....

De aardbeving,woensdag, gebeurde in een politiek zeer gevoelig gebied. Twee jaar geleden, toen er in Lhasa en andere Tibetaanse plaatsen een golf van protest was tegen de Chinese overheersing, werd er ook in de getroffen stad Jiegu gedemonstreerd.

Volgens Tibetaanse bronnen worden monniken van kloosters die naar het getroffen gebied willen komen om te helpen nu gehinderd. Peking zegt dat de restricties bedoeld zijn om de hulp ordelijk te laten verlopen. China wil ook niet dat de Dalai Lama, die al vele jaren verbannen is, naar de streek komt om de slachtoffers te troosten.

De Chinese media brachten de afgelopen dagen wel uitgebreid president Hu Jintao in beeld, die een bezoek aan Zuid-Amerika afbrak om Jiegu te bezoeken. Hu beloofde dat ‘onder het leiderschap van partij en staat’ de huizen en scholen in het aardbevingsgebied weer opgebouwd worden.

De media hebben de opdracht gekregen de leidende rol van de partij en de nationale eenheid van China in hun berichtgeving te onderstrepen. Onder Tibetanen zet deze sterke propagandatoon kwaad bloed, al is er ook dankbaarheid voor de snelle en uitgebreide respons van de autoriteiten. Peking heeft meer dan tienduizend soldaten gestuurd naar het getroffen gebied, waar honderdduizend mensen wonen.

Duizenden monniken van tempels in de regio, hoog op het afgelegen Tibetaans plateau, helpen de slachtoffers echter ook. Zo stuurde het Serda Lharond-klooster in Sichuan duizend monniken. Een leider van het klooster zei in de Hongkongse South China Morning Post dat de autoriteiten beter met de monniken zouden moeten samenwerken. Veel Tibetanen brengen hun doden naar de kloosters, zodat die daar met de juiste rituelen gecremeerd kunnen worden.

De kloosters delen ook geld uit aan getroffen families, vaak eenvoudige Tibetaanse herders met een diep religieus besef. De monniken hebben vele voordelen ten opzichte van de Chinese soldaten. Ze zijn niet alleen gewend aan de grote hoogte, maar spreken ook de taal en kennen de lokale religieuze gebruiken.

Het Chinese reddingscoördinatiecentrum meldde dinsdag dat er ruim tweeduizend doden waren geteld, terwijl nog honderden mensen vermist zouden zijn. Maar volgens een kloosterleider in de streek kan het dodental oplopen tot tienduizend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.