Monique ging haar dochter zelf maar zoeken

Een onafhankelijk steunpunt moet ouders van (potentiële) Syriëgangers gaan bijstaan. Tot nog toe kunnen zij nergens terecht, vertellen een moeder en twee vaders van tieners die in korte tijd radicaliseerden en afreisden.

Beeld Marcel van den Bergh

Voor haar gevoel had Monique (49), moeder van de in februari van dit jaar naar Syrië vertrokken bekeerlinge Aicha, alles geprobeerd om vanuit Nederland contact met haar dochter te krijgen. Ze surfte constant op internet, had privéberichten gestuurd aan Nederlandse en Belgische jihadi's in Syrië. Ze had de Belgische ex-militair Dimitri Bontinck en vader van terugreiziger Jejoen in de arm genomen, die beweert Europese jongeren te kunnen opsporen. Ze had de Palestijns-Belgische radicaliseringsonderzoeker Montasser AlDe'emeh een foto gestuurd van Aicha. AlDe'emeh was dit jaar een tijdje embedded in Aleppo en heeft veel contacten onder jihadstrijders.

Beeld de Volkskrant

Maar alles was tevergeefs. Sinds 15 maart had ze niets meer van haar dochter gehoord, geen enkel teken van leven gekregen.

'De verjaardag van Aicha naderde. Ik wilde op die dag zo dicht mogelijk bij haar in de buurt zijn, haar zelf gaan zoeken', vertelt Monique in haar woning in Maastricht. Ze is net terug van een aangrijpende reis naar Turkije. Een levensgrote zwart-witfoto van haar dochter hangt aan de muur. Ze was 12 op de foto en kijkt haar moeder indringend aan, waar die zich ook in de kamer bevindt. Op 26 oktober is ze 19 geworden.

Monique: 'Spontaan heb ik een vlucht naar Turkije geboekt en via internet een hotel gevonden in Gaziantep. Ik dacht: ik ga naar de Syrische grens. Daar tref ik wel de juiste mensen om Aicha te vinden. In Nederland kan niemand me verder helpen.'

Ze had een zwarte ghimaar gekocht (lange sluier, die alleen het gezicht toont) om onherkenbaar als westerse vrouw de grens over te kunnen steken, mocht die kans zich voordoen. Dat zoiets gevaarlijk zou kunnen zijn, omdat ze geen Arabisch spreekt en snel door de mand zou vallen - mogelijk als spionne zou worden gezien - had ze zich tevoren niet gerealiseerd.

De Turks-Syrische grensovergang bij Kilis. Monique wilde hier naartoe om gesluierd Syrië in te trekken.Beeld Burhan Ozbbilici/AP

Vanuit Turkije had Monique af en toe telefonisch contact met de Volkskrant. In een van de gesprekken vertelde ze niet meer illegaal de grens over te durven. 'Ik ben bang in handen van IS (Islamitische Staat) te vallen.'

Bij het roken van een sigaretje op de stoep voor het hotel, raakte ze in gesprek met een Turkse man. 'We spraken met handen en voeten. Ik maakte duidelijk dat ik naar Kilis wilde aan de Turks-Syrische grens. Hij zei: 'Niet doen, dat is gevaarlijk.' Hij dacht dat ik Duitse was en belde zijn vriendin, die dat mij beter kon uitleggen.'

Monique nam zijn telefoon over en kreeg, tot haar verrassing, een Nederlands sprekende Turkse vrouw aan de lijn. Aicha heet ze, zoals de islamitische naam van haar dochter. Die nodigde haar bij haar thuis uit. Ze woonde, kreeg Monique te horen, dicht bij de grens. Daar zou Monique veilig zijn en van daaruit zou ze, met hulp van de Turkse vrouw en haar man, verder kunnen zoeken.

Dankbaar aanvaardde ze het aanbod. Maar ze werd misleid, voor haar eigen bestwil. Monique: 'Het stel woont in Konya, tien uur rijden met de bus, 700 kilometer van waar ik was. Ze waren heel lief en bezorgd, wilden me weghouden van de gevarenzone.'

Vanuit Konya belde Monique met de Nederlandse ambassade. Het gesprek dat ze voerde met de liaison officer van de nationale politie die in Ankara is gestationeerd, vond ze onaangenaam. 'Ik baal, ze doen niks', zei ze in een telefonisch gesprek met de Volkskrant. 'Hij wil dat ik naar Ankara kom, maar ik wil naar de grens. Dan laat ik je oppakken, zei hij.'

Ze is nog steeds boos. 'Die man had het over code rood en zei dat Aicha een jihadiste en terroriste is. Hij weet niet eens wat mijn kind daar doet. Aicha wilde een weeshuis opzetten. Of ze daar ook echt mee bezig is, kan ik niet zeggen. Ik weet wel dat vrouwen niet mogen strijden.'

De man van de ambassade had haar ook verteld dat er onlangs een Nederlandse vader in Turkije was, die net als zij op zoek was naar zijn kind. Een zoon. Monique: 'Die vader was opgepakt. De ambassade heeft veel moeite moeten doen om de Turkse autoriteiten van zijn goede bedoelingen te overtuigen.'

Ze snapt de vader, die kennelijk ook op de bonnefooi naar Turkije is afgereisd. 'Je bent radeloos, hebt overal op de deur geklopt, maar niemand geeft thuis.'

In Maastricht weten ze helemaal niets van radicalisering, heeft Monique ervaren. 'Je staat er alleen voor.'

Ze heeft zo goed en kwaad als ze kan geprobeerd Aicha te begeleiden na haar bekering. Van huis uit is Monique katholiek, maar ze doet niets met haar geloof. 'Aicha zocht houvast. In de bijbel vond ze geen antwoorden. Ze begon zich in de islam te verdiepen. Zo kwam ze met die mensen in aanraking die haar op het verkeerde pad hebben gebracht.'

Reactie van ministerie en politie

In een reactie op de verhalen van Monique en de vaders zegt het ministerie van Buitenlandse Zaken niet op individuele gevallen in te kunnen gaan. Voor Syrië en de grensstreek met Turkije geldt de code rood: niet reizen naar dat land. Vanwege de burgeroorlog lopen Nederlanders een verhoogd risico slachtoffer te worden van geweld en aanslagen. Reizigers die toch gaan, zijn zelf verantwoordelijk voor hun veiligheid.

Dat geldt ook voor ouders die op zoek gaan naar hun kinderen. 'Bij de ambassade in Ankara melden zich soms verontruste ouders, maar het loopt er niet storm', zegt een woordvoerder. De ambassade kan niet meer doen dan 'luisteren, vragen of zij al aangifte hebben gedaan en reisadviezen toelichten'.

Een woordvoerder van de nationale politie zegt dat de liaison in Ankara op verzoek van de ambassade contact heeft opgenomen met Monique. 'Hij heeft haar gewaarschuwd niet naar de Turks-Syrische grens te gaan. Er was een reële mogelijkheid dat ze door de Turkse politie zou worden aangehouden. Er is hierbij niet gesproken over het laten oppakken, evenmin is haar dochter een jihadiste of terroriste genoemd.'

Begin dit jaar werd Monique gewaarschuwd door een 'broeder' uit België, die zei dat haar dochter naar Syrië wilde. 'Ze vond het erg wat er met die mensen gebeurt, ze wilde erheen. Helpen.'

Monique probeerde Aicha ervan te overtuigen dat helpen ook kan vanuit Nederland. Ze sloten zich aan bij een islamitische stichting, die kleding en dekens inzamelde voor Syrië en die inzamelingsacties hield bij moskeeën. Monique hielp haar met flyeren voor die stichting. 'Ik deed alles om haar hier te houden. Behalve moslim worden, dat ging me te ver. Dat wilde ze wel graag.'

Een contact in België gaf haar in die periode het advies de AIVD op de hoogte te stellen. Dat deed ze. Aicha's paspoort werd geblokkeerd. 'De wijkagent kwam praten. Aicha moest haar gezichtsbedekking afdoen. Ze wilde dat niet. Ik wil dat die man vertrekt, zei ze boos. Ze werd opgejaagd, gevolgd als ze buiten was, in winkels, of was chillen met de zusters. Ze zei: 'Ik wil hier weg, niemand begrijpt me.''

Met hulp van een lokale advocate vroeg Aicha een ID-kaart aan. Die heeft ze nodig, beargumenteerde ze, want ze moet zich in Nederland kunnen identificeren. Op 18 februari kreeg Monique een telefoontje van een ambtenaar van de gemeente, die meldde dat Aicha haar ID had gekregen. 'Die dag is ze afgereisd met de trein, in vijf dagen naar Turkije.' Monique heeft daarna contact gezocht met de burgemeester. 'Gewoon om hem een en ander uit te leggen.' Hij heeft niets van zich laten horen.

In het begin kon Monique met Aicha communiceren. Ze was islamitisch getrouwd met de Turks-Nederlandse ex-militair en jihadstrijder Yilmaz. Op een dag bracht een vriendin van Aicha, die ook in Syrië zit, een verontrustende boodschap. Zij had een sms'je gekregen van Aicha, die om hulp smeekte. Die vriendin klopte op de deur bij Yilmaz, die zei dat ze Aicha niet kon spreken omdat ze straf had. Die vriendin heeft sindsdien niets meer van Aicha vernomen.

Monique heeft zelf ook met Yilmaz gecommuniceerd, via ask.fm. 'Ik wilde met Aicha spreken. Hij deed heel moeilijk, we kregen ruzie. Ik ben bang dat Yilmaz haar wat heeft aangedaan.'

Het laatste gerucht is dat Aicha gescheiden is van Yilmaz en met een Tunesische strijder is getrouwd. 'Of dat klopt, weet ik niet. Meisjes zijn moeilijker op te sporen dan jongens. Die kunnen gedwongen worden binnen te blijven. Strijders zijn op straat, kunnen worden herkend.'

Monique vloog op 31 oktober, de verjaardag van haar oudste dochter, zonder nieuwe informatie over Aicha terug naar Nederland. 'Mijn oudste had me ge-sms't: 'Mama kom terug'. Ik moet er ook voor haar zijn.'

De reis heeft wel wat opgeleverd, vindt ze. Met de Turks-Nederlandse Aicha, haar man, hun familie en kennissen heeft ze een netwerkje in Turkije. 'Die mensen blijven zoeken.' En zij ook, voorlopig op internet. Monique wil terug als het daar rustiger is. 'Dan ga ik daar rondlopen met een bord: dochter vermist.'

Een screenshot uit het tv-programma Nieuwsuur van NOS-NTR. De Nederlandse oud-militair Yilmaz geeft in Syrie onder meer trainingen aan tegenstanders van het regime van president Bashar al-Assad.Beeld anp

'Uw zoon is volwassen, we kunnen niets doen'

Monique is niet de enige ouder die zich in de steek gelaten voelt door de Nederlandse autoriteiten. De Marokkaans-Nederlandse vaders Farid Bouamran uit Amsterdam en Mohamed Nidalha uit Leiden, die beiden een zoon in Syrië hebben, zeggen ook vergeefs op allerlei deuren te hebben geklopt: van de politie, de AIVD, maatschappelijk werkers, de huisarts.

Om hem bij verkeerde vrienden weg te houden, had Nidalha zijn zoon Reda naar zijn jongere broer in Antwerpen gestuurd. Hij ging daar een opleiding elektrotechniek volgen. 'In België is hij razendsnel geradicaliseerd', zegt Nidalha. 'Hij was in twee maanden naar Syrië vertrokken.'

Daarvoor was hij een normale jongen, die flirtte met meisjes en naar de disco ging. Hij was wel een druk type, makkelijk te beïnvloeden. Nildalha: 'Ik denk dat de ronselaars weten welke jongens ze moeten bewerken.' Reda, alias Abu Duyana, is in juni vertrokken. Hij was toen 19 jaar, in augustus is hij 20 geworden. 'We hebben de AIVD gebeld: onze zoon zit in Turkije en wil naar Syrië. Hij had met een Turks nummer contact met ons gezocht. We hebben ook de politie ingeschakeld. Die zei: sorry, we kunnen niets voor u doen, uw zoon is volwassen.'

Reda heeft twee weken in Turkije gezeten, voordat hij de grens naar Syrië overging. 'Ze hadden hem daar kunnen laten arresteren', zegt Nidalha. 'Het duurde nog zes weken voor de politie en AIVD langskwamen, maar toen zat hij er al.' Van de AIVD heeft hij niets meer gehoord. Nidalha is wel tevreden over zijn contact met een radicaliseringsdeskundige. Die geeft hem informatie over de beste wijze van communiceren met Reda. Hij had vrijwel dagelijks contact met zijn zoon.

Hij vertelde Reda over Farid Bouamran, die in het tv-programma Oog in Oog sprak over zijn zoon Achraf (alias Abu Jihad), die in december 2013 naar Syrië is vertrokken en van wie de vader niets meer had gehoord. ''Papa, die is hier bij mij', zei mijn zoon. Achraf wilde eerst niet met zijn vader spreken, maar ik heb hem zover gekregen. Ze hebben weer contact.'

Farid Bouamran vertelt een soortgelijk radicaliseringsverhaal over zijn zoon, die in augustus 17 is geworden. Hij droeg merkkleding, ging nooit naar de moskee. 'Ineens had hij versleten kleren aan. Ging fanatiek bidden, zelfs op school. Hij wilde altijd bij de politie werken. Die was de vijand geworden in zijn hoofd.' Hij zag dat zijn zoon omging met mannen met baarden. Die namen hem mee in een auto, gaven lezingen in onbestemde pandjes in Amsterdam. Bouamran vroeg de huisarts Achraf gedwongen te laten opnemen. Dat kon de arts niet doen. Achraf was geen gevaar voor zichzelf of voor anderen. De arts belde de politie. Vervolgens kwamen radicaliseringsdeskundigen van de gemeenten langs. Ze wilden met Achraf praten. Bouamran vroeg hun het paspoort van zijn zoon in te nemen. 'Ze zeiden dat ik me geen zorgen hoefde te maken, ze hielden hem in de gaten. Dat was op Tweede Kerstdag. Op 29 december is hij met Turkish Airlines van Schiphol vertrokken, terwijl zijn paspoortnummer stond geregistreerd.'

Eerder die dag was Achraf naar de kapper geweest. 'Hij stond thuis snel eten naar binnen te werken. Hij zei dat hij de kapper nog een euro moest brengen. Weg was hij, naar Syrië.' Vader Nidalha kreeg even hoop toen hij in contact kwam met een Marokkaanse Nederlander die beweerde zijn zoon terug te kunnen halen. De man vroeg 450 euro om smokkelaars te betalen die Reda naar Turkije zouden brengen. 'Op 29 september is het geld overgemaakt. Sindsdien heb ik niets meer van die man vernomen.' Op die dag is ook het contact met zijn zoon verbroken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden