Monetair Instituut vraagt meer tijd voor invoeren van Europese munt Gulden maakt in 2002 plaats voor euro

De gulden heeft minder dan zeven jaar te gaan. Uiterlijk 1 juli 2002 zal de Nederlandse munt verdwijnen. Daarvoor in de plaats komt de Europese munt, voorlopig euro genoemd....

Van onze verslaggever

FRANKFURT

Dit is het scenario dat het Europese Monetaire Instituut (EMI) gisteren heeft geschetst voor de invoering van een Europese munt. Het EMI is de voorloper van de Europese centrale bank. 'Dit is een unieke operatie in de economische geschiedenis', zei Alexandre Lamfalussy, president van de EMI gisteren tijdens een toelichting op het rapport.

Het EMI zegt te verwachten dat al snel na de oprichting van de EMU, op 1 januari 1999, de financiële markten grotendeels zullen overschakelen naar de euro. Particulieren en bedrijven mogen ook al direct met de euro werken maar zullen dat waarschijnlijk niet doen, vooral omdat er nog geen Europese munten en biljetten in omloop zijn.

Of de Europese munt (die waarschijnlijk euro gaat heten) er ook zal komen, hangt nog af van een besluit van de Europese staatshoofden en regeringsleiders. Begin 1998 moet dit besluit vallen en dan wordt ook bepaald in welke landen de Europese munt zal worden ingevoerd.

Deze landen vormen dan de Europese Economische en Monetaire Unie (EMU). Om tot de EMU te worden toegelaten moeten de landen aan een aantal economische eisen voldoen. Het grote struikelblok voor Nederland is op dit moment de hoogte van de staatsschuld.

Het rapport van het EMI zal worden besproken tijdens een bijeenkomst van de Europese ministers van Financiën, eind deze maand. De ministers doen een aanbeveling aan de Europese regeringsleiders die volgende maand in Madrid bijeenkomen. Naast het EMI-rapport hebben de ministers van Financiën ook de beschikking over een al eerder verschenen rapport van de Europese Commissie over hetzelfde onderwerp.

De voorstellen van de EMI en de Commissie vertonen grote overeenkomsten. Het belangrijkste verschil is dat de Commissie een snellere en meer grootscheepse invoering van de euro voorstaat dan het EMI. Volgens het EMI is zo'n snelle invoering echter niet mogelijk omdat met name de banken geruime tijd nodig hebben om hun hele systeem over te schakelen op een andere munt.

Het is waarschijnlijk dat tijdens de top in Madrid voor het EMI-scenario wordt gekozen. Het EMI vertegenwoordigt de Europese centrale banken en is daarmee een van de belangrijkste instellingen van de monetaire unie. Bovendien is het EMI-rapport tot stand gekomen na overleg met het bankwezen dat een cruciale rol speelt bij de invoering van de euro.

Lamfalussy zei gisteren te hopen dat in Madrid ook een besluit over de naam van de Europese munt zal worden genomen. Dat zal volgens hem sterk bijdragen aan de acceptatie van de munt.

'We hebben een naam nodig. De acceptatie hangt niet af van de snelheid van de introductie maar van de overtuiging bij de mensen dat een Europese munt de moeite waard is', zei de EMI-president.

Lamfalussy legde gisteren uit waarom zijn instelling meer tijd nodig heeft gehad dan de Commissie voor het maken van een rapport. Vertraging is veroorzaakt door de discussie over de vraag of er een gedetailleerd schema voor invoering van de euro na 1999 zou moeten komen. 'We hebben met dit idee gespeeld. Is het mogelijk en is het wenselijk? Ons antwoord is nee.'

Het grote probleem voor zo'n schematische invoering is dat de mogelijkheid voor verschillende partijen, zoals banken, bedrijven en overheidsinstellingen, om in te spelen op de nieuwe munt zeer verschillend is. Daarom heeft het EMI zich beperkt tot het aangeven van een begin- en einddatum voor invoering van de euro.

Het grootste praktische obstakel in de operatie is het omruilen van de nationale munten in de euro. Eind vorig jaar waren er in heel Europa twaalf miljard bankbiljetten en zeventig miljard munten in omloop. Weliswaar zullen niet alle munten en biljetten moeten worden vervangen aangezien niet alle landen tot de EMU zullen worden toegelaten. Maar volgens het EMI blijft een lange voorbereidingstijd noodzakelijk.

Het gebruik van de euro op de financiële markten wordt ook door de Europese centrale bank aangemoedigd. De bank, die verantwoordelijk is voor het monetaire beleid in de EMU-landen, zal al haar transacties in euro's doen. Ook interventies op de valutamarkt, bijvoorbeeld om de dollar te steunen, zullen in euro's plaatsvinden.

Lamfalussy zei verder te verwachten dat de overheden van de EMU-landen hun nieuwe staatsleningen vanaf 1999 grotendeels in euro's zullen gaan uitgeven. De andere transacties van de overheid, zoals het uitbetalen van uitkeringen of het innen van belastingen of parkeerboetes zullen naar verwachting pas vanaf 2002 in euro's gaan.

Lamfalussy zei nog achter het voorstel van de Duitse minister van Financiën Waigel te staan om landen die tot de EMU behoren afspraken te laten maken over het te voeren begrotingsbeleid. Op deze manier moet worden voorkomen dat de financieringstekorten van de EMU-landen te hard gaan oplopen en zo twijfel kan ontstaan over de hardheid van de euro. Volgens Lamfalussy zijn de bepalingen die in het verdrag van Maastricht zijn opgenomen over het te voeren begrotingsbeleid niet strikt genoeg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden