Mondigheid als boemerang

Tijd voor harde actie in de zorg? Laten we eerst eens goed analyseren wat er mis is.

Tijd voor harde actie. Het jaarlijks rituele tranendal over de ouderenzorg moet eindelijk eens afgelopen zijn. Daar hebben verpleegkundigen Freek Gilissen en Job van Amerongen helemaal gelijk in (Forum 24 juni).

Hun diagnose van de situatie is echter oppervlakkig. Dat er te weinig geld naar de sector gaat, klopt helemaal. Maar dat is al zo vaak gezegd dat de vraag zich opdringt waarom die constatering nauwelijks effect heeft. De media besteden bijna wekelijks aandacht aan de misstanden in verpleeghuizen, van ondervoeding en uitdroging tot vermijdbare incontinentie. Allemaal door te weinig geld en dus personeel.

Zulke reportages leiden wel tot verontwaardiging en extra inspectiebezoek maar nauwelijks tot extra geld.

Hoe is dat mogelijk? De auteurs verzuimen dat te analyseren. Mijn analyse luidt dat het ideaal van mondigheid ons als een boemerang in het gezicht slaat. Frasen als transparantie, keuzevrijheid en efficiëntieverhoging, bedoeld om cliënten mondiger te maken en zo kwaliteitsverbetering af te dwingen, vormen slechts een rem op kwaliteitsverbetering.

Tabellen

Als je verpleeghuizen maar dwingt allerlei gegevens te meten en die in vergelijkende tabellen en tophonderden neerzet, gaan slecht scorende huizen vanzelf tot verbetering over, zo luidt de belofte van transparantie. Maar helaas. Die tabellen kosten beleidsmedewerkers en managers veel tijd, maar ze leiden niet tot kwaliteitsverhoging.

Ze spelen instellingen slechts tegen elkaar uit. Instellingen krijgen nu zelf de schuld van hun problemen. Er zijn instellingen die het (op papier) beter doen en dus is het de eigen schuld van een instelling als hij niet bij de topvijf zit.

De belangrijkste verschillen tussen instellingen worden echter niet gemeten: verschillen in begeleiding en verschillen tussen de Randstad en platteland.

Onbegrip en taalproblemen

Het meeste personeel in de Randstad is jong, laag opgeleid en van andere etnische komaf dan de meeste bewoners. De afstand tussen bewoners en verzorgenden is dus groot. Kansen op onbegrip en taalproblemen zijn er te over.

Terwijl het meeste personeel op het platteland bestaat uit oudere herintreders, middelbaar opgeleid en van dezelfde etnische origine. Met meer zorgervaring en zelf bejaarde ouders. Door hun loopbaanonderbreking werken ze nu onder hun niveau.

Technisch gesproken zijn ze overgekwalificeerd. Wel fijn voor de bewoners natuurlijk.

Op het platteland zijn ook meer vrijwilligers beschikbaar. Bovendien wonen familieleden vaker dichtbij en kunnen dus gemakkelijker een handje helpen. Geen wonder dus dat sommige huizen beter scoren: al met al heeft men er dus voor hetzelfde geld veel meer ervaren handen aan het bed.

Pyjamadagen

Ook efficiëntie wordt burgers in het gezicht gesmeten in plaats van hun mondigheid te ondersteunen. Omdat men bovengenoemde externe factoren van personeel en vrijwilligers buiten de vergelijkingen houdt, moeten misstanden wel aan efficiëntie en aantal managers liggen.

De directeur die in 2003 de moed had om zijn ‘pyjamadagen’ bekend te maken teneinde de onderfinanciering van de hele sector aan te klagen, werkte gewoon inefficiënt, oordeelde de meeste politici destijds botweg. Alsof men zoiets van zo’n afstand kan beoordelen.

Zelfs toen een onderzoek aantoonde dat er in de ouderenzorg eerder te weinig dan teveel overhead en management is, bleven de meeste politici dom kakelen dat efficiencyverhoging – nog harder werken en snijden in management - alles zou oplossen.

Minder managers, zoals Gilissen en Van Amerongen willen, is hier dus niet de weg. Die zijn er verhoudingsgewijs al weinig. Bovendien hebben ze het razend druk, zolang de transparantiegekte geen halt toe wordt geroepen.

Radicale levensbreuken

Ook keuzevrijheid werkt niet vóór maar tegen de cliënt: als het je niet bevalt ga je maar naar een andere instelling. De bereikbaarheid voor familie beperkt de keuze natuurlijk enorm. Bovendien moet je oude bomen natuurlijk niet verplanten. In Denemarken schijnen ze een wet te hebben die 65-plussers het recht geeft gevrijwaard te blijven van radicale levensbreuken. Zoiets moeten wij ook hebben, dan is dit idiote argument tenminste van tafel.

Keuzevrijheid, transparantie en efficiëntie zijn geïntroduceerd om mondige burgers van dienst te zijn, maar ze werken precies omgekeerd: mondige burgers krijgen deze mooie frasen als een boemerang in het gezicht gesmeten. De scorelijstjes worden slechts misbruikt om de noodzakelijke extra investeringen te weigeren.

Wat in Sappemeer of Gronsveld kan, moet immers overal kunnen. Pas als we deze boemerang erkennen en stoppen, zal Nederland bereid zijn om die benodigde 15 procent extra voor personeel in de zorg te betalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden