Mona mia

Kunstdetective Silvano Vinceti wil niets liever dan de Mona Lisa naar Italië halen. Hij is niet de eerste die dat wil, zijn missie doet denken aan de roof van Da Vinci's beroemdste schilderij 100 jaar geleden.

Ach, die meneer Vinceti. Hij had haar tijdens de kerstdagen zo graag bij zich willen hebben, La Gioconda, thuis in Italië. Hij had de mysterieuze schone even willen koesteren in haar geboorteland. Een bezoek van een maand had hij aangevraagd. Een soort staatsbezoek van het Italiaanse schilderij aan het land van haar schepper. Een maand, dat was alles.


Zou het niet van groot historisch belang zijn: La Gioconda, de Mona Lisa, even terug in Italië nadat ze vrijwel haar leven lang al in Frankrijk had doorgebracht? Dat moet zo'n Franse minister van Cultuur toch begrijpen, die Aurélie Filippetti? Zij is tenslotte ook van Italiaanse afkomst.


Vinceti's zelf opgerichte Italiaans Nationaal Comité voor Historisch en Cultureel Erfgoed had in 2012 al 150 duizend Italiaanse handtekeningen verzameld voor de terugkeer van La Gioconda. Sommige kunsthistorici mogen hem voor gek verklaren, maar Silvano Vinceti is de minste niet. Als zelfbenoemd kunstdetective wroet hij met de Universiteit van Bologna in de Italiaanse aarde om onopgeloste zaken uit de kunstgeschiedenis op te lossen. Hij stelde vast dat de schilder Caravaggio (1571-1610) overleed aan syfilis. Hij groef naar het stoffelijk overschot van Lisa Gherardini (1479-1542). Lisa, de echtgenote van Francesco del Giocondo, de vrouw die volgens velen Leonardo da Vinci's model was voor het beroemdste schilderij ter wereld.


Zij, Lisa, de Mona Lisa, was precies honderd jaar geleden even terug in Italië na de bizarste diefstal uit de kunstgeschiedenis. Ze dook op in haar vaderland nadat die lummels in Parijs hadden zitten slapen: een dief kon haar zo van de muur halen en fluitend de deur uitwandelen. Het waren Italianen die haar in 1913 terugvonden. In Florence, haar geboortestad. Het waren Italianen die haar grootmoedig teruggaven aan Frankrijk, waarmee Italië toen niet bepaald warme betrekkingen onderhield. Was er meer nodig voor een kleine comeback in 2013? Silvano Vinceti dacht van niet. Anderhalf jaar al bestookt hij het Franse ministerie van Cultuur met verzoeken. Maandenlang bleef het stil. Tot vorige week.


***

In de ochtend van dinsdag 22 augustus 1911 arriveert de kunstschilder Louis Béroud in het Louvre om wat schetsen te maken van de Mona Lisa. Een suppoost is er niet in de zaal waar het schilderij gewoonlijk hangt. De Mona Lisa zelf is er trouwens ook niet. Het afdelingshoofd vermoedt dat het werk is meegenomen om te worden gefotografeerd. Pas een paar uur later dringt het door dat het schilderij wel erg lang wegblijft. Een snelle zoektocht levert niets op. Aan het einde van de dag kan de ingeschakelde politie één ding met zekerheid stellen: de Mona Lisa is niet meer in het Louvre. De nonchalance van de ochtend slaat om in gierende paniek.


Inimaginable! kopt Le Matin daags erna: onvoorstelbaar. Datzelfde woord had de directeur van de staatsmusea een jaar eerder in de mond genomen: 'Diefstal van onze kunstschatten is net zo inimaginable als diefstal van de torens van de Notre Dame.'


Aanvankelijk hebben de autoriteiten nog vage hoop dat het een grap betreft. Niet lang daarvoor heeft iemand die zich Baron d' Ormesan noemt beeldjes gestolen uit het Louvre, gewoon, omdat het kon, en afgeleverd bij een krantenredactie. De Mona Lisa blijft echter spoorloos. In de nazomer van 1911 staat Frankrijk op zijn kop.


Parijs is in die dagen het epicentrum van de creatieve avant-garde. De jonge Picasso en zijn 'bende' van bohémienkunstenaars vallen vanuit hun bolwerk Montmartre de gevestigde kunstorde aan, hierin hartstochtelijk voorgegaan door dichter-provocateur Guillaume Apollinaire. De satirische pers floreert in de Franse hoofdstad. Cartoonisten en columnisten, volop voorhanden, nemen de blunderende Franse autoriteiten na de diefstal stevig op de hak.


Ook in Amerika haalt de diefstal de voorpagina's. Dankzij de groeiende populariteit van kranten zien miljoenen voor het eerst het gezicht van de vrouw met de glimlach, wat tot die tijd was voorbehouden aan een elite. De verdwenen Mona Lisa ontketent een mediahype, haar toch al niet geringe status krijgt voor eens en altijd mythische proporties. Maar ondanks de wereldwijde verspreiding van haar signalement is er twee weken na de diefstal niets anders gevonden dan de lege glazen omlijsting van het schilderij - onderaan een trap in het museum.


***


Ze hebben geluk, de twee mannen die in de nacht van 5 september 1911 met een koffer in de richting van de Seine sluipen: de lucht is bewolkt, de straten leeg. De nerveuze zoektocht naar het schilderij heeft inmiddels een grote mate van willekeur gekregen en het duo wil zich ontdoen van eventuele bewijslast. Jan Rap en zijn maat zijn niemand anders dan Picasso en Apollinaire.


Ze zijn de ideale verdachten. De dichter heeft ooit een manifest ondertekend waarin figuurlijk wordt gedreigd het Louvre - een vesting van vermolmde kunstopvattingen in zijn ogen - af te branden. La bande à Picasso wordt in Parijs beschouwd als een stelletje culturele anarchisten. De politie is de 'Baron d'Ormesan' op het spoor gekomen: een fictief karakter geschapen door Apollinaire, wiens woning vervolgens op z'n kop wordt gezet tijdens een huiszoeking. Tevergeefs.


Maar de bewijslast die de twee naar de Seine sjouwen is wel degelijk echt. Schilder en dichter zijn in het bezit van twee antieke Iberische beeldjes, ooit uit het Louvre gestolen door een bevriende avonturier, Géry Pieret. Zijn bijnaam: de Baron d'Ormesan. Picasso heeft de sculpturen gebruikt als model voor Les Demoiselles d'Avignon, een van zijn eerste kubistische werken. Eenmaal bij de rivier heeft het duo niet het lef de kunstschatten in het water te gooien. Picasso levert ze de volgende dag anoniem af bij de redactie van Paris-Journal, die er uiteraard voorpaginanieuws van maakt.


Nog geen 24 uur later wordt Apollinaire, 'de paus van het kubisme', ingerekend. Hij noemt de namen van Pieret en Picasso. De eerste is onvindbaar, de tweede wordt opgepakt om zijn licht op de zaak te werpen. In de rechtszaal verklaart een nerveuze Picasso Apollinaire niet te kennen en zegt hij niets te weten van gestolen goederen uit het Louvre. De rechter moet het tweetal laten gaan wegens gebrek aan bewijs.


Van de Mona Lisa nog altijd geen spoor. In de Louvrecatalogus van januari 1913 wordt het schilderij niet meer vermeld. De perfecte misdaad lijkt een feit.


***


Vincenzo Peruggia is een man met een missie. Hoe nederig zijn werk ook was als klusjesman in het Louvre, hij heeft grootse idealen. 'Ik droom ervan dit meesterwerk terug te geven aan het land waar het vandaan kwam en het land waar het is ontstaan', schrijft hij in november 1913 vanuit zijn woonplaats Parijs aan een antiekhandelaar in Florence. De meest gezochte vrouw ter wereld ligt dan al twee jaar bij hem thuis in een kast met bloemetjesbehang.


Mede door de groeiende kunstmarkt in Amerika is het vervalsen van schilderijen een lucratieve business in die dagen. Er zijn vele Mona Lisa's in omloop, maar als Alfredo Geri, antiekhandelaar te Florence, en Giovanni Poggi, directeur van het Uffizimuseum, op 11 december 1913 het exemplaar van Peruggia in handen krijgen, weten ze vrijwel meteen zeker: La Gioconda ha trovato - ze is gevonden.


Zonder problemen kon Vincenzo Peruggia tijdens de reguliere openingstijden het museum uitwandelen met het schilderij onder zijn jas. Hij leeft dan in de veronderstelling dat het kunstwerk door de troepen van Napoleon uit Italië was gestolen, net als vele andere werken in het Louvre. Maar Napoleon mocht de grootste kunstdief uit de geschiedenis zijn, juist dit schilderij, de Mona Lisa, was in de 16de eeuw keurig aangekocht door de Franse koning Frans I, bij wie Leonardo da Vinci een tijdje in dienst was. Het hing nog even bij Napoleon in de badkamer, waarna het in 1804 naar het Louvre kwam.


Voordat La Gioconda vanuit Italië terugkeert naar Frankrijk, waar ze vanaf 4 januari 1914 weer is te zien, mag ze twee weken in haar vaderland verblijven. Met een volwaardige processie als betreft het de Heilige Maagd in eigen persoon wordt het portret op 14 december 1913 overgebracht naar het Uffizimuseum in Florence. Honderdduizenden Italianen brengen een bezoek aan 'hun' Mona Lisa. De dief Peruggia krijgt behalve een milde straf van zeven maanden en negen dagen, een heldenstatus in zijn vaderland.


***


Daarmee zijn we weer bij Silvano Vinceti. Want is hij eigenlijk niet ook een soort Vincenzo Peruggia? Maar dan eentje die de wet respecteert? Een patriot? Denk aan al die armlastige Italianen. Die hebben het geld niet voor een reis naar hun glimlachende landgenote in Frankrijk.


In december kreeg Vinceti een brief uit Parijs: verzoek afgewezen. Technisch te riskant, vindt het Franse ministerie. Bovendien is de Mona Lisa te sterk verbonden met de identiteit van het Louvre. Onzin, meent Vinceti. Hij laat het er niet bij zitten. In Frankrijk kennen ze Silvano Vinceti nog niet.


Hij zal zijn eigen minister van Cultuur in de strijd werpen, kondigde hij deze week aan tijdens een persconferentie in Florence. Waarom zouden ze niet ruilen: de Fransen de David van Michelangelo uit Florence, de Italianen de Mona Lisa die in het Uffizi zou komen te hangen, net als een eeuw geleden. Voor een maand, meer niet.


In een mail aan de Volkskrant laat Vinceti weten geen vreedzaam middel te schuwen om zijn doel te bereiken. Desnoods gaat hij in hongerstaking. 'Tot het bittere einde'. La Gioconda blijft erbij glimlachen - vijfhonderd jaar en nog altijd een femme fatale.


Credit: In het voorjaar komt de film La Bande à Picasso van regisseur Fernando Colomo uit in de bioscoop. De film gaat over de Parijse periode van de Spaanse schilder en zijn kameraden, inclusief de diefstal van de Mona Lisa


Extra: Wie was de echte Mona Lisa?

Was Lisa Gherardini werkelijk de vrouw die model stond voor Da Vinci's Mona Lisa? De Italiaanse onderzoeker Silvano Vinceti hoopt dit voorjaar definitief uitsluitsel te geven over de vraag die kunsthistorici al eeuwen bezighoudt. Bij opgravingen in het klooster waar Lisa in 1542 overleed zijn drie skeletten gevonden uit - ongeveer - het jaar van haar overlijden. Hun dna zal worden vergeleken met dat van een zoon van Lisa. Mocht er een overeenkomst zijn, dan kan met behulp van de schedel een gezicht worden gereconstrueerd. Dat zal worden vergeleken met de Mona Lisa.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden