Column

'Mona Keijzer snapt het, Willem-Alexander niet'

Dat we ons druk maken over vraagstukken als het uitschelden van een agent, getuigt juist van een functionerend moreel kompas, schrijft Nausicaa Marbe. De tegenstrijdigheden ten spijt.

Kroonprins Willem-Alexander en zijn gezin moedigen de Nederlandse hockeydames aan. Beeld reuters

Mona Keijzer is een pragmatische CDA-er. Dat bleek weer uit een interview afgelopen zaterdag in deze krant waarin ze naturel het een en ander besprak (Intermezzo, 28 juli). Wie geen Haags verleden van geblunder en krompraat heeft, staat die onbevangenheid als gegoten. Bij Keijzer is het ook een kwestie van karakter. Problemen vat ze niet ingewikkelder op dan ze zijn.

Maar soms is iets wel ingewikkeld en dan ben je er niet gauw uit. Op een morele vraag wist Keijzer zich geen raad. Zij was verbaasd dat de Hoge Raad oordeelde dat 'wij politieagenten mogen uitschelden voor mierenneuker'. 'Hallo!', roept ze, 'Hoe moet ik mijn kinderen opvoeden en uitleggen dat dit mag? De politie, dat is het openbaar gezag. Waar ligt de grens?'

Ja, dat vraag ik me ook af. Opvattingen over gezag, autoriteit en moraal kantelen en de antwoorden liggen niet voor het oprapen. Maar kinderen die opgevoed worden door ouders die het zinnig vinden om over zulke zaken te praten, kunnen tegen een wijsgerig robbertje.

Om te beginnen zou hen het verschil tussen normen, waarden en de wet kunnen worden uitgelegd. En het verschil tussen ideaal en praktijk. De gezagscrisis bij ordehandhavers is illustratief. Een politieagent verliest niet per se gezag omdat hij uitgescholden wordt. Maar dat hij uitgescholden wordt, zelfs door mensen die netjes hun stoep schoonvegen, is wel een teken dat het gezag naar de gallemiezen is.

Hoe komt dat? Onlangs dineerde ik naast een psychologe die een goede boterham had verdiend aan - ik zeg maar waar het op staat - het suflullen van de politie. Een agent verdient geen vertrouwen met consequente handhaving van de wet, wist ze. Maar wel als hij als mens de medemens tegemoet treedt. Yak, dacht ik en hield mijn mond. Want wat is nou de wet?, vervolgde mijn tafelaanspraak. Een agent moet vooral inzicht krijgen in 'de dynamiek van het gebeuren'. Gezag betekent niets zonder 'een stukje menselijkheid'.

Een stukje. Ze had niet eens door hoe door zulke agogenpraat hier een beroep aan erosie werd blootgesteld. Psychobabbel pakt funest uit. De diender wordt tegenwoordig gezien als een pias die zich in krachtwijken laat schoppen door 'eigenlijk goeie jongens' die nodig 'begrepen' moeten worden. Maar als hij fietscontroles uitvoert, dan zijn de 'stukjes menselijkheid' ineens op. Dan moet meneertje of mevrouwtje begrijpen dat de wijk onleefbaar wordt indien iedereen zomaar zonder licht fietst. En als de klabak in de 'wij laten niet met ons sollen'-modus schiet, dan komt soms ongekende agressie bij hem los. Zo'n gezags- en identiteitscrisis los je niet op met het verbieden van 'mierenneuker'.

Dat het gezag er beroerd aan toe is, betekent niet dat je het als burger kunt negeren of verder ondermijnen. Dat een rechter in een specifiek geval een boze uitval toelaat, betekent niet dat dat de norm moet worden voor hen die het niet meer weten. Al met al getuigt de preoccupatie met zulke vraagstukken al van een functionerend moreel kompas, de tegenstrijdigheden ten spijt. Wat kinderen hiervan kunnen leren is: eigen inzichten vormen en die voortdurend toetsen aan de buitenwereld. Niets mis mee.

Mij dunkt dat opgroeien in een wereld waarin iemand eens mierenneuker of flapdrol naar een agent roept zonder justitie op z'n nek te krijgen, weldadiger is dan voortdurend op je hoede zijn in een verkrampte samenleving waar elk woord een delict kan zijn. Wat natuurlijk niet betekent dat prominenten niet op hun woorden moeten letten.

In dezelfde week dat Keijzer zich zorgen maakte over wat wel en niet mag, trakteerde de kroonprins ons in de NRC op een lijpe uitspraak in de categorie 'een beetje dom'. Ditmaal ging het over de weigering van het IOC de in 1972 door Palestijnse terroristen vermoorde Israëlische sporters tijdens de openingsceremonie in Londen te herdenken. Een minuut stilte.

Maar dat mag niet, herdenken zou het feest bederven. Alsof het echt feest kan zijn, als je rassenmoord niet luid verwerpt voordat de show om de gladde (want ignorante) Olympische gedachte begint. De kroonprins ziet het anders: 'daar hoef je niet elke keer apart bij stil te staan'. Elke keer? Het is nu toevallig veertig jaar geleden, jonge Alex. Maar de kroonprins had de smaak van het relativeren te pakken: 'Nu is het 40 jaar en volgend jaar is het 41 jaar.' Met andere woorden: schei toch uit met dat herdenken, een mens raakt toch de tel kwijt.

Ik maak me geen enkele zorgen over het morele besef van de kinderen van Mona Keijzer, maar wat de verwende spruiten in huize Oranje betreft: hou je vast.

Nausicaa Marbe is schrijfster.

 
Mij dunkt dat opgroeien in een wereld waarin iemand eens mierenneuker of flapdrol naar een agent roept zonder justitie op z'n nek te krijgen, weldadiger is dan voortdurend op je hoede zijn in een verkrampte samenleving waar elk woord een delict kan zijn.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden