Molenaar

ondag j.l. was het lente, een uitgelezen dag voor een wandeling achter mijn kleinzoons kinderwagen of voor een fietstocht met mijn geliefde langs de Amstel. Maar ik moest weer zo nodig naar het Amstel Hotel, op torenhoge hakken. Je bent een diva of je bent het niet. Zeker als je wordt uitgenodigd voor een modeshow. Mijn hoeveelste? Ik ben de tel kwijt. Maar voor Frans Molenaar was het zijn 93ste couturecollectie. Aanwezigen: een stoet mannequins, een haag fotografen en een keur aan bekende, erg bekende en verschrikkelijk bekende Nederlanders.


Mijn eerste column over Molenaar, tevens de eerste in deze krant, dateert van jaren her. Daarin noemde ik hem de Buster Keaton onder de couturiers, vanwege zijn ontoegankelijke gelaatsuitdrukking. Inmiddels kan er iets vaker een lachje af, maar nog niet helemaal van harte: zoals een kind grimast tegen vervelende visite.


Nog goed herinner ik me een bezoek aan Molenaars salon. Ooit kocht ik er in de uitverkoop, afgezien van een jurk waaraan ik nog steeds plezier beleef, een jasje dat maandenlang als een aanklacht in de kast bleef hangen. Het was me te groot. Hopend op soelaas maakte ik de ontwerper deelgenoot van mijn bekommernis: 'Ja maar Frans, ik draag het nooit!' Het antwoord liet verrassend kort op zich wachten: 'Nou schat, dan kan het ook niet slíjten!'


Hoewel ik sindsdien nooit meer iets bij de donkerblonde eminence heb gekocht, zelfs niet in de uitverkoop, word ik ieder half jaar uitgenodigd voor zijn show. En al is het als poor relation, steeds weer geniet ik met volle teugen. En niet alleen van de witte wijn na afloop. Wat valt er, behalve naar de kleren, veel te kijken, al zie je niet alles. Want wie geen deel uitmaakt van de kapitaalkrachtige clientèle, wordt verbannen naar een plaatsje achteraf. Dat betekent reikhalzen, zeker als er een lange nicht voor je zit, met hoed.


Maar zo'n felbegeerde plek op de eerste vip-rij heeft ook nadelen. De loopplank is te hoog. Zoals je in de bioscoop ook nooit helemaal vooraan moet gaan zitten. Zouden de jonggelieven Jinek en Moszkowicz duizelig zijn geworden van al die langssnellende modellenbenen ? Vanaf míjn plaats had ik juist een prachtzicht op hun gestalten, in Molenaars ontwerpen extra slank dankzij de geraffineerd verbrede schouders. Misschien een uitkomst voor aquarelliste J. Brinkman-Salentijn, schilderes S. Willink-Quiël, zangeres W. Alberti? Over zang gesproken, tot mijn vreugd ving ik een glimp op van Gerard Jolings waaiende wimpers. En was die oudere blondine naast hem moederlief? Zou hij iets voor haar hebben besteld? Een van die brandweerrode pakjes waarin Irene (het hijgend hert der jacht ontkomen) van der Laar furore maakte? Of zo'n offwhite-zwarte creatie zoals die van mevrouwtje Pechtold? Was dat nu een Molenaar of een replica? Ook in modeland blijft het gissen.


Op de afterparty heb ik me, ondanks mijn stiletto's, nog lang staande weten te houden dankzij lacherig gezelschap. En en passant nog wat opgestoken ook. Van Pals Brust, geen Skandinavische misdaadschrijver, maar de directeur van C & A. In de welbekende winkelketen hangt Molenaars prêt-a-porter voor betaalbare bedragen, maar, volgens de topman, van bijna even hoge kwaliteit als de couture. Tussen de bitterballen door memoreerde mijn gezelschap de voornamen die de inititalen C & A door de jaren heen kregen toebedeeld: Cor & Alie, Cecile & Armand, Clemens & August. Brust zelf hield het op een eigentijdsere variant: 'Cool & Awesome'. En zo keek hij er ook bij.


Voor ik wegging bedankte ik Molenaar voor zijn mooie show: 'Jammer dat het zo snel voorbij was.' Weer diende de couturier me zonder aarzelen van repliek: 'Ja schat, 't leven gaat vlug.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden