Reportage Kort geding universiteiten

Mogen universiteiten in het Engels lesgeven? De rechter vraagt extra bedenktijd

De campus van de Universiteit Twente in Enschede. Foto Foto Raymond Rutting / de Volkskrant

Het debat over de verloedering van het Nederlands heeft zich verplaatst naar de rechtszaal, waar de TU Twente en de Universiteit Maastricht zich moeten verantwoorden voor hun colleges in het Engels. De rechter vraagt een week extra bedenktijd. 

Het kort geding is nauwelijks begonnen als de eerste Engelse woorden al zijn gevallen. Advocaat Bernard Tomlow heeft het over een ‘elevator pitch’ en prompt klinkt er gelach uit de zaal. Inderdaad, de advocaat die namens Beter Onderwijs Nederland (BON) een kort geding heeft aangespannen tegen twee universiteiten en de onderwijsinspectie vanwege de ‘doorgeslagen’ verengelsing van het hoger onderwijs, grijpt zelf vrijwel meteen naar het Engels.

Het is een van de weinige momenten dat er gelachen wordt in het zaaltje van de rechtbank in Utrecht waar het bomvol zit met geïnteresseerden. Zoals een HBO-docente, die zich zorgen maakt over het slechte Nederlands van haar jonge collega’s. ‘Ze hebben in het Engels gestudeerd en nu zijn ze nauwelijks in staat om in het Nederlands les te geven.’ Maar ook een activiste van de extreemrechtse, nationalistische actiegroep Voorpost, die meent dat universiteiten het Nederlands verkwanselen. 

Vurig debat

Het typeert het debat over het Engels in het hoger onderwijs, dat al jaren vurig wordt gevoerd en evenzeer over onderwijskwaliteit als over de Nederlandse identiteit lijkt te gaan. Dat de discussie zich nu naar de rechtbank heeft verplaatst, is te danken aan BON. Volgens deze activistisch ingestelde vereniging overtreden de Universiteit Maastricht en de Universiteit Twente de wet door opleidingen zonder geldige reden in het Engels aan te bieden. Het liefst had de vereniging ook andere universiteiten voor de rechter gesleept, maar ‘uit kostenoverweging’ houden ze het bij deze twee. Ook de Inspectie van het Onderwijs moet voor de rechter verschijnen, want die doet volgens BON niets tegen het oprukkende Engels.

BON-voorzitter en universitair hoofddocent filosofie Ad Verbrugge voert tijdens de zitting aan dat de vereniging voor het eerst sinds de oprichting in 2006 de gang naar de rechter maakt. ‘We doen dat omdat we geen andere mogelijkheid zien om de verengelsing een halt toe te roepen. We willen een moment van bezinning.’ 

Concreet eist de vereniging dat de inspectie het taalbeleid van de twee universiteiten gaat onderzoeken en handhaven, en dat de twee universiteiten een jaar lang de taal van hun opleidingen niet naar het Engels mogen omzetten.

De eerste eis blijkt tijdens de zitting al ingewilligd. De inspectie is kort geleden een onderzoek naar het taalbeleid van universiteiten begonnen, laat de instantie weten. Het onderzoek wordt dit jaar nog afgerond. BON besluit ter plekke daarmee genoegen te nemen; de zaak tegen de inspectie wordt geschrapt.

Internationale ambities

De twee universiteiten komen echter niet zo makkelijk weg. Het kort geding tegen hen draait om twee artikelen in de Wet op het hoger onderwijs. Daarin staat onder meer dat het onderwijs op universiteiten en hogescholen in het Nederlands wordt gegeven, tenzij een andere taal noodzakelijk is. In een tweede artikel staat dat de instellingen zich moeten richten op de ‘bevordering van de uitdrukkingsvaardigheid in het Nederlands’. De wet is duidelijk ‘en laat geen ruimte voor discussie’, vat advocaat Tomlow namens BON samen.

Dat zien de universiteiten anders. Volgens de Universiteit Maastricht is er binnen de wet wel voldoende ruimte om te kiezen voor een andere opleidingstaal. ‘Die beslissing wordt bij ons altijd zorgvuldig en weloverwogen genomen.’ 

De Universiteit Twente bepaalt per opleiding of Engels als onderwijstaal noodzakelijk is. Het resultaat, volgens de advocaat van de universiteit: van de 37 masters zijn er nog 5 in het Nederlands, de rest is in het Engels. ‘Voor een technische universiteit met grote internationale ambities is dat een volstrekt logische ontwikkeling.’

Bovendien hoeven opleidingen die in het Engels worden gegeven zich volgens de universiteit niet meer in te zetten voor de ‘uitdrukkingsvaardigheid in het Nederlands’, dat artikel zou alleen gelden voor studies in het Nederlands.

Waar BON aan de hand van dramatische metaforen (‘het huis staat in brand en de brandweer doet niets’) de discussie over verengelsing in de rechtszaal nog eens over wil doen, reageren de universiteiten vooral met technische bezwaren. Volgens de Universiteit Twente is de rechter bijvoorbeeld niet bevoegd omdat de universiteit gevestigd is in Enschede ‘ons is niet duidelijk welke schade er hier in midden-Nederlands is toegedaan’. Volgens de Universiteit Maastricht is de kwestie over de verengelsing een politiek vraagstuk. ‘Als de minister het anders wil moet de wet veranderd worden.’

Buitenlandse studenten

Aan het eind van de zitting gaat het weer over de vraag of de universiteiten wel of niet de wet overtreden met het verengelsen. Op verzoek van BON legt een van de auteurs van de Wet op het Hoger onderwijs uit hoe die wet volgens hem in de jaren negentig bedoeld is. Zo geldt het argument ‘er komen veel buitenlandse studenten op af’ volgens oud-ambtenaar bij het ministerie van Onderwijs Peter Kwikkers, inmiddels zelfstandig adviseur, niet als noodzaak om een opleiding in het Engels aan te bieden. De wet impliceert volgens hem bovendien dat onderdelen van een opleiding weliswaar in het Engels gedaan mogen worden ‘maar nooit de hele opleiding’.

Of het genoeg is om de rechter te overtuigen van het gelijk van BON, is afwachten. Dat duurt langer dan gebruikelijk, zegt de rechter aan het eind van de zitting. ‘Normaal volgt de beslissing na twee weken, ik gun mezelf extra tijd voor dit vonnis.’ Een week extra, om precies te zijn: de uitspraak volgt op 6 juli. 

‘STRUGGLES’ MET DE NEDERLANDSE TAAL: HET EFFECT VAN EEN STUDIE IN HET ENGELS

Geen discussie in het hoger onderwijs wordt zo hartstochtelijk gevoerd als de discussie over het Engels. Maar wat merken studenten zelf: gaat hun Nederlands achteruit door een studie in het Engels? 

INTERVIEW MET MINISTER VAN ENGELSHOVEN 

In een eerder interview met de Volkskrant legt minister Van Engelshoven uit waarom er meer ruimte voor het Engels moet komen in het hoger onderwijs, maar ook meer toezicht.  

EEN KORT GEDING OM HET OPRUKKENDE ENGELS TE STUITEN 

Waarom Beter Onderwijs Nederland een kort geding aanspant tegen de Universiteit Maastricht, de Universiteit Twente en de onderwijsinspectie om het oprukkende Engels in het hoger onderwijs te stuiten.

REPORTAGE ENGELS IN DE COLLEGEZAAL: ‘IT PUTS YOU ON THE WRONG FOOT’

Hoe slecht is het Engels eigenlijk van docenten op de universiteit? De Volkskrant studeerde een dagje mee, en liet zich vergezellen door een deskundige.

IN MAASTRICHT IS DE NEDERLANDSE STUDENT SCHAARS

Het gold jarenlang als ideaal: ‘the international classroom’. Aan de Universiteit Maastricht komt het merendeel van de studenten inmiddels uit het buitenland. Maar mengt het ook een beetje? ‘Studeren in het Engels is prima, maar als je iets leuks gaat doen wil je in je eigen taal praten.’ Lees hier de hele reportage terug.